De psychologie van de radicalisering

Als docent sociale psychologie en geïnteresseerd in de de psychologie van de radicalisering keek ik met interesse naar de vierde aflevering van de beroemde serie van Steven Spielberg Why we hate. Deze aflevering gaat over radicalisering. Extremisme-expert en CEO van het Institute for Strategic Dialogue (ISD) Sasha Havlicek onderzoekt hier wat mensen aantrekt in ideologieën die haat en geweld aanwakkeren.

Why we hate – aflevering 4 radicalisering Sasha Havlicek

Sasha Havlicek spreekt hierbij ook over het omstreden Standford Prison Experiment, waarover ik hier eerder heb geschreven.

Wie meer willen lezen en weten over radicalisering kan meer ervaren in het zeer lezenswaardige boek van de hoogleraar Sociale Psychologie Kees van den Bos en zijn boek Waarom mensen radicaliseren: Hoe waargenomen onrechtvaardigheid radicalisering, extremisme en terrorisme aanwakkert.

Dit boek gaat over het ontstaan van radicalisering (bijvoorbeeld de trappenbenadering van Moghaddam die ik eerder heb beschreven). Maar het boek gaat ook over ook over preventie van radicalisering en over mogelijke de-radicalisering. Hierbij is het belangrijk dat mensen respect ervaren en maatschappelijk in gelegenheid worden gesteld hun mening te geven over belangrijke onderwerpen en bij belangrijke beslissingen.

Van den Bos pleit ervoor mensen serieus te nemen. Dat betekent volgens hem:

* Systematisch analyseren hoe radicaliserende mensen tegen de wereld aankijken

* Mensen moeten de ervaring maken eerlijk behandeld te worden door de autoriteiten en andere belangrijke personen in de omgeving

* Als mensen serieus worden genomen moeten zij ook gewezen worden op de verantwoordelijkheden en plichten die ze hebben als volwassen en volwaardige leden van de samenleving.

In het boek gaat over individuele factoren zoals cognitie, zelfbeeld, motivatie, emoties, identiteit maar ook over groepsprocessen en culturele factoren van radicalisering. Vanuit de sociale psychologie is bijvoorbeeld ook de rol van relatieve deprivatie en van sociale vergelijking een belangrijke factor bij radicalisering. Mensen voelen zich oneerlijk behandeld als zij zich met anderen of andere groepen vergelijken die beter worden behandeld. Dit verklaart ook waarom sommige geradicaliseerde geweldsplegers geen gedepriveerde achtergrond hebben. Deprivatie is relatief: een hoogopgeleid lid van een minderheidsgroep kan een goede baan hebben en toch het gevoel dat de carrièremogelijkheden niet bij de eigen vaardigheden passen, ten minste als men zich met anderen vergelijkt.

Een veel onderzocht cognitief denkpatroon is het zwart-witdenken of rigiditeit van gedachten. Een uitgebreid hoofdstuk gaat over verschillende aspecten van dogmatisch of polariserend denken en het verband met radicalisering.

Van den Bos legt verder zijn eigen versie van de terror management-benadering uit. Mensen willen hun gevoel van eigenwaarde op peil houden hun eigenwaarde verdedigen wanneer deze onder druk komt te staan.

Recent onderzoek 2022

Samen met anderen heeft Kees van den Bos een inleidend artikel geschreven over meer recent onderzoek over radikalisering (Winter DA, Morrison JF and van den Bos K (2022) Editorial: Radicalization and deradicalization: Processes and contexts. Front. Psychol. 13:1059592)

Hier worden verschillende onderzoeken genoemd die redenen tot radikalisering onderzoeken:

Een belangrijk aandachtspunt in verschillende artikelen betreft de ‘push-, pull- en persoonlijke’ factoren (Vergani et al., 2020) die een individu kunnen aanzetten tot radicalisering.

In dit artikel wordt overzicht van wetenschappelijke literatuur over radicalisering tot gewelddadig extremisme gegeven uit onderzoek dat tussen 2001 en 2015 heeft plaats gevonden. De auteurs kijken naar drie belangrijke onafhankelijke variabelen voor cognitieve en gedragsmatige radikalisering, waarbij er een wisselwerking tussen de drie factoren bestaat:

  1. Push-factoren voor radikalisering zijn de gevolgen van structurele omstandigheden voor het individu, bijvoorbeeld :

*verlies van legitimiteit,

*geopolitieke factoren,

*repressie door de staat,

*relatieve deprivatie, ongelijkheid, contact tussen groepen (bv. de aanwezigheid van verschillende religieuze of etnische groep in dezelfde ruimte),

*geweld (b.v. veel geweld, zoals een oorlog),

*werkloosheid en onderwijs.

2. Pull-factoren voor radikalisering omvatten met name ideologie en attitudes, ook op individueel niveau, zoals:

*cognitieve factoren (bv. consumptie van propaganda, culturele congruentie, waargenomen doeltreffendheid en moraliteit van een groep, zoeken naar avontuur),

* sociale mechanismen en groepsprocessen (bv. identiteitsfusie en identificatie, groepsdynamiek, werving en leiderschap), en

*emotionele en materiële prikkels.

3. Persoonlijke factoren voor radikalisering omvatten de volgende factoren die
het individu kwetsbaarder maken voor extremisme:

*individuele psychologische kwetsbaarheden onafhankelijk van push
en pull factoren (bv. geestelijke gezondheidstoestand, depressie, trauma)

*persoonlijkheidskenmerken (zoals narcisme en impulsiviteit), en

*individueel specifieke demografische kenmerken (bv. leeftijd, geslacht, geboorteland).

Bij persoonlijke factoren kan het dus om psychiatrische stoornissen, zelfredzaamheidsproblemen en negatieve jeugdervaringen gaan die bij extremisten vaker worden vastgesteld (Grimbergen en Fassaert, 2022) .

De rol van identiteit bij radikalisering


De psychoanalyticus Erik Erikson spreekt van “Identity diffusion” een toestand van identiteit waarin personen (over het allgemeen adolescenten) in de war zijn over hun doelen, beroepen, genderrollen enz. “Identity diffusion” wordt besproken in verband met diverse vormen van afwijkend gedrag en afwijkende houdingen, dus ook met extremisme en terrorisme. Erikson was zelf geen empirisch onderzoeker, maar zijn theorie heeft tot omvangrijk recent empirisch onderzoek geleid (Isenhardt et al., 2022)

“Identity fusion” is een ander hieraan verwandt concept: Identiteitsversmelting treedt op wanneer een abstractie (een groep, zaak of zelfs een andere persoon) het zelf gaat definiëren. Identiteitsversmelting kan tot extremistische acties leiden wanneer een abstracte eenheeid onlosmakelijk verbonden (“versmolten”) is met het persoonlijke zelf (Martel et al., 2022)

Literatuur:

Vergani, M., Iqbal, M., Ilbahar, E., and Barton, G. (2020). The three Ps of
radicalization:
Push, pull and personal. A systematic scoping review of the scientific evidence about radicalization into violent extremism. Stud. Conflict Terror. 43, 854.

Auteur: Maria Trepp

Psycholoog, docent klik boven op contact https://passagenproject.com/maria-trepp-psycholoog-docent-coach/

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.