Ecopsychologie: sociale invloed voor duurzaamheid

Hoe kunnen psychologische inzichten helpen, om milieuvriendelijk en duurzaam gedrag te ondersteunen? Resultaten uit sociaalpsychologisch onderzoek over sociale invloed, duurzaamheid, gedrag en gedragsverandering geven aanwijzingen.

Sociale Psychologie sociale invloed voor duurzaamheid

De nieuwe tekstboeken uit de sociale psychologie (bijvoorbeeld Kenrick: Social psychology: Goals in interaction), gaan uitgebreid in op duurzaam gedrag en de onderliggende innerlijke en tussenmenselijke conflicten (dilemma’s).

Sociale dilemma’s zijn situaties waarin individuele belangen in strijd zijn met collectieve belangen. Bij weinig duurzaam gedrag zoals bijvoorbeeld veel vliegen heeft het individu baten (snel en goedkoop transport) en de gemeenschap de lasten (meer CO2 in de atmosfeer). Dit geld voor veel voorbeelden van niet-duurzaam gedrag.

Sociale dilemmas: Tragedy of the commons (Tragedie van de meent)

Het moderne maatschappelijke dilemma-onderzoek begon met Hardins veel geciteerd artikel uit 1968: ‘The tragedy of the commons’. Hardin beschrijft een groep herders die open toegang hebben tot een gemeenschappelijk perceel waar hun vee graast. Het is in het belang van elke herder om zoveel mogelijk dieren op het land te laten grazen, aangezien elke herder de voordelen krijgt en de schade wordt gedeeld door de hele groep. Maar als alle herders dit individueel rationele besluit nemen, is het gemeenschappelijke land snel uitgeput en zal iedereen hieronder lijden. Volgens Hardin zal, als ieder individu gedreven wordt door eigenbelang en baat heeft bij het consumeren van de gemeenschappelijke bron, hij of zij dit blijven doen totdat het toegang tot deze bron beperkt of vernietigd is.

sociale invloed voor duurzaamheid
By Sharon Loxton, CC BY-SA 2.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=9296160

Sociale dilemma’s zijn situaties waarin individuele belangen in strijd zijn met collectieve belangen. Een egoïstische beslissing creëert dus kosten voor andere betrokkenen. Maar op de lange termijn lopen de kosten op, waardoor een situatie ontstaat waarin iedereen beter af zou zijn geweest als hij of zij niet in zijn of haar eigen belang had gehandeld.

Sociale invloed

Er wordt heel veel onderzoek gedaan wat mensen motiveert om minder egoïstisch of meer altruïstisch te handelen. Verschillende factoren kunnen minder egoïstisch gedrag faciliteren. Een zeer belangrijke factor hierbij zijn de sociale normen van de omgevende groep: mensen gedragen zich meestal naar de groepsnorm. De sociale invloed van anderen is sterk. Het benutten van de kracht van sociale invloed is dan ook een van de meest effectieve manieren om bij mensen duurzaam gedrag uit te lokken.

In een recent artikel in de Harward Business Review The Green Consumer worden verschillende onderzoeken over sociale invloed en milieuvriendelijk gedrag op een rij gezet:

  • Als online kopers geïnformeerd worden dat andere mensen duurzame producten kochten, leidde dat tot een toename van 65 % in het doen van ten minste één duurzame aankoop.
  • Als gasten bij een buffet hoorden dat het de norm was om niet te veel tegelijk te nemen (en dat het ok was om later terug te komen) verminderde voedselverspilling met 20,5 %.
  • Een belangrijke voorspeller van de vraag of mensen zonnepanelen zullen installeren, is of de buren dat hebben gedaan. 

Soms kunnen sociale motivatoren echter een averechts effect hebben. Als slechts enkele mensen zich duurzaam gedragen, is dit gedrag nog niet de maatschappelijke norm, waardoor adoptie van dit gedrag door anderen wordt ontmoedigd. In dergelijke gevallen kunnen duurzame organisaties een beroep doen op “ambassadeurs” om de positieve elementen van het product of de actie te promoten. Duurzaamheidsambassadeurs zijn het meest overtuigend wanneer zij het gedrag zelf daadwerkelijk vertonen. Een onderzoek vond dat wanneer een ambassadeur vertelde waarom hij of zij zonnepanelen had geïnstalleerd, 63 % meer mensen volgden dan wanneer de ambassadeur niet daadwerkelijk panelen geïnstalleerd had. Maar of een “ambassadeur” of influencer ook daadwerkelijke invloed heeft zal onder meer ook van de attractiviteit of psychologische dichtbijheid van dit psychologische voorbeeld afhangen. Als er overeenkomsten zijn tussen de waarnemer en het model, wordt het model-leren versterkt. (zie observatieleren).

Om mensen te motiveren die op het politieke spectrum eerder rechts staan kan men sociale invloed succesvol gebruiken door bijvoorbeeld te verwijzen naar plicht of het gezag. Een andere oplossing is zich te richten op waarden die iedereen links en rechts deelt, zoals familie, gemeenschap, welvaart en veiligheid.

De sociale invloed voor duurzaamheid kan volgens het HBR-artikel op drie manieren nog verder worden versterkt:

  • De eerste manier is door duurzaam gedrag duidelijker zichtbaar te maken voor anderen. In Katherine Whites onderzoek werden mensen gevraagd om te kiezen tussen een milieuvriendelijke mueslibar (die de slogan “Goed voor u en het milieu” had) en een traditionele mueslibar (“Een gezonde, lekkere snack”). De keuze voor de duurzame optie was twee keer zo waarschijnlijk wanneer andere mensen aanwezig waren als wanneer de keuze alleen werd gemaakt.
  • Een tweede manier om de impact van sociale beïnvloeding te vergroten, is het om de inzet van mensen voor milieuvriendelijk gedrag openbaar te maken. Bijvoorbeeld, vraag hotelgasten om te signaleren dat zij handdoeken opnieuw te gebruiken door een kaart op hun kamerdeur te hangen.
  • Een derde benadering is om gezonde concurrentie te gebruiken tussen sociale groepen.  Toen het Wereld Natuur Fonds en vrijwilligersorganisaties de bewustwording over duurzame acties voor Earth Hour wilden vergroten, spoorden zij aan tot vriendschappelijke energiebesparende wedstrijden tussen steden. Het programma heeft zich uitgebreid door sociale verspreiding: Het begon in Sydney in 2007 en bereikt nu meer dan 188 landen.

Maria Trepp, docent Sociale Psychologie

Feiten, interpretaties en populisme

Realiteit, feiten, interpretaties en populisme

In haar column Realiteit, een wankel construct laat psychiater Esther van Fenema zien, dat er een overlap is tussen hallucinaties en waanvoorstellingen van psychiatrische patiënten en van “gezonde” mensen. Inderdaad, waanzin is menselijk en ook niet-psychotische mensen kennen grenssituaties onder invloed van drugs, alcohol of angst, waar de waarnemingen de realiteit helemaal niet spiegelen. En ook de alledaagse waarneming is door een scala van sociale en emotionele interpretaties en fouten (biases) gekleurd.

Maar Fenema gaat te ver als zij de gedeeltelijke overlap van waarnemingen van psychotische en niet-psychotische mensen als basis neemt om het bestaan van feiten en een gedeelte realiteit in het algemeen te bestrijden. Instemmend haalt zij Nietzsche aan, dat er geen feiten zouden zijn, alleen interpretaties. Ook haalt Fenema de belangrijke emotiewetenschapper Lisa Feldman Barrett aan, om de Nietzscheaanse stelling “…er zijn geen feiten, slechts interpretaties” te ondersteunen. Maar terwijl Feldman Barrett inderdaad een constructivistische wetenschapper is, die aantoont hoe wij mensen de werkelijkheid “construeren” en niet direct afbeelden, zou deze wetenschapper nimmer instemmen met Fenemas Nietzscheaanse leus “er zijn geen feiten…”. In een belangrijke lezing met de titel “Emotions: Facts vs. Fictions” maakt zij juist een duidelijk onderscheid tussen feiten en ficties over emoties. Voor de wetenschapper Feldman Barrett bestaan feiten wel degelijk!

Op het niveau van de puur individuele waarneming bestaan er inderdaad geen feiten, alleen waarnemingen en interpretaties. Maar bestaan daarom dan echt geen feiten, of alleen, zoals de populisten beweren “alternatieve feiten”? Is de realiteit uiterst wankel en kan de politiek dus gereduceerd worden op post-truth politics?

Het is waar, er zijn geen feiten die door 100 % van de mensen als objectief gegrond worden erkent. Er zijn altijd mensen, die bijvoorbeeld serieus beweren dat de aarde plat is:

feiten interpretaties psychologie
Feit en interpretatie: Er zijn altijd mensen, die beweren dat de aarde plat is

Voorstel

Daarom kunnen we in het openbaar debat het beste degene beweringen feiten noemen, die (a) in principe intersubjectief toetsbaar/verifieerbaar zijn en (b) waar 90 % van de mensen én experts het over eens zijn. Zodoende is het een feit, en geen interpretatie, dat de aarde een bol is.

Ook populisten en niet-populisten zullen het over heel veel objectieve feiten eens zijn, zoals bijvoorbeeld dat Thierry Baudet Forum voor Democratie heeft opgericht. In feite zijn we het allemaal over de meeste feiten en de realiteit eens!

Het is goed dat er discussie is over wat al dan niet feiten zijn in onze wereld, en hoe we deze kunnen vaststellen. Wat dan echt bij de erkende feiten hoort zal altijd een onderwerp van debat zijn, en bovendien kan wat vandaag een feit is (“Dit schilderij is van Rembrandt”) morgen al achterhaald zijn (“Dit is een vervalsing van een schilderij van Rembrandt”). Daarvoor hebben we het proces van de wetenschappelijke en maatschappelijke kritische discussie uitgevonden, filosofisch baserend op het “perspectivisme” van Nietzsche.

Maria Trepp, docent sociale psychologie

afbeelding: Wikimpan [CC BY-SA 3.0 (https://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0)]

Emotionele stabiliteit en neuroticisme

Emotionele stabiliteit en neuroticisme (Big Five persoonlijkheidsdimensies)

In een video van de “Universiteit van Nederland” met de titel “Met welke persoonlijkheid heb je het meeste succes op de werkvloer?”

legt arbeids- en organisatiepsycholoog Kilian Wawoe de Big Five persoonlijkheidsdimensies uit, het wetenschappelijk onderbouwde model van onze persoonlijkheid met de dimensies Extraversie, Vriendelijkheid, Emotionele Stabiliteit, Zorgvuldigheid en Openheid:

Big-Five-persoonlijkheid-neuroticisme

(lees hier meer over deze dimensies)

Uit onderzoek blijkt dat voor succes op de werkplek Zorgvuldigheid de belangrijkste van deze vijf dimensies is, een uitkomst die ook intuïtief aannemelijk lijkt. De potentieel meest problematische persoonlijkheidsdimensie op de werkplek blijkt de dimensie Emotionele stabiliteit te zijn, en wel dan als sprake is van een lage emotionele stabiliteit of een hoog zogenaamd Neuroticisme.

Een hoog neuroticisme correleert positief met verhoogde stress, angst en andere negatieve gevoelens, met slechtere gezondheid, alcoholgebruik en ander ongewenst gedrag.

Men kan zich bijna afvragen: als iemand hoog scoort op de persoonlijkheidsdimensie Neuroticisme en dus weinig emotioneel stabiel is, welke meerwaarde heeft deze persoon in een werkomgeving? In zijn boek Hoe are you, really? neemt persoonlijkheidspsycholoog Brian R. Little het op voor de neurotische medemens (niet zelden kunstenaars en schrijvers). Hij schrijft, dat neurotische mensen een sensitiviteit voor gevaren hebben ontwikkeld en anderen kunnen waarschuwen.

Veel hangt af van de andere aspecten van de persoonlijkheid. Zo lijkt het aannemelijk dat een emotioneel labiele mens die behalve angstig of pessimistisch ook nog onvriendelijk is extra veel moeilijkheden op zijn werkplek (en ook thuis) zal ondervinden. Daarentegen kan zorgvuldigheid een goede compensatie van neuroticisme zijn: de angsten kunnen worden gekanaliseerd en in actie en preventie worden omgezet. Een consciëntieuze, vriendelijke neuroot zal met zijn kritisch denkvermogen vermoedelijk een goede bijdrage aan elk team kunnen leveren.

Balance zoeken: ademtechnieken en mindfulness helpen om een betere emotionele stabiliteit in het dagelijks leven te vinden. Andere technieken voor alledaagse emotieregulatie omvatten:

  • Gezond eten
  • Regelmatige en ruime rust- en slaaptijden
  • Veel bewegen
  • Bewust kleine positieve ervaringen verzamelen
  • Nieuwe dingen stapsgewijs leren
  • Cognitieve herstructurering (gedachten positiever en realistischer maken)
  • Sociale steun zoeken, zo nodig ook professionele steun.

 

Lees hier meer over het verschil tussen mannen en vrouwen, en jonge en oude mensen in neuroticisme.

 

Maria Trepp, docent Persoonlijkheidspsychologie

 

Beter snel of langzaam praten voor publiek?

Is het aan te bevelen om snel of langzaam te spreken voor een publiek? Volgens onderzoek hangt het van de stemming in het publiek af:

Spreek snel als het publiek niet met meegaand is en praat langzaam als men goed luistert en aan je lippen hangt. Uitvoerig hierover:

Speed Up to Limit Counterargument (and Slow Down When Preaching to the Choir

Ali_Merwi_1 spreken

Afbeelding:

By Sonia Sevilla (Own work) [CC-BY-SA-3.0 (http://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0)], via Wikimedia Commons

maria trepp

Kritiek op ritalingebruik interview in de Volkskrant

DSM-5 en ADHD Ritalin
kritiek op Ritalingebruik

Roshan Cools, hoogleraar Cognitieve Neuropsychiatrie, is kritisch over het gebruik van ritalin (zie vandaag 15 maart, interview in de Volkskrant) “Wees impulsief, laat uzelf afleiden”, zei zij bij wijze van inspirerende provocatie al eerder.

“Controle hebben. We beoordelen dat als positief. Controle associëren we met doelmatigheid. Impulsiviteit niet. Cools: ‘Dat staat voor slordigheid, associëren we met afgeleid raken, met ADHD zelfs.’

‘Tussen 2006 en 2012 is de hoeveelheid jongeren die ritalin voorgeschreven krijgt verdrievoudigd.’ Het zou ze geholpen hebben zich te concentreren, geholpen hebben hun gedrag meer te beheersen.  Cools: ‘Ritalin verhoogt de productie van het stofje dopamine, dat de diepe primitieve delen van de hersenen beter laat werken. Het helpt ons focussen. Maar het heeft invloed op de prefrontale cortex, de dirigent. De cognitieve vernauwing die ritalin veroorzaakt helpt kinderen tijdens de rekenles; maar helpt het ze ook op het schoolplein, of tijdens de dansles?’

Mark Merks citeert Cools: “Wat ik wil zeggen is het volgende: onze exclusieve focus op controle gaat ten koste van innovatie. Daarom vraag ik u: wees impulsief, laat uzelf ook eens afleiden. Alleen dan kunnen we het beste uit onszelf én onze kinderen halen.’ “

Lees hier meer over ADHD en ritalin  

Maria Trepp