Wetenschap Kunst Politiek

Christiaan Huygens en zijn broer Constantijn Huygens jr.

3 comments

Christiaan Huygens: `Cosmotheoros`, een lange brief aan zijn broer Constantijn Huygens jr.

De laatste tekst die Christiaan Huygens (1629 – 1695) schreef, het filosofisch schrift “Cosmotheoros” of “Wereldbeschouwer” (1698, postuum gepubliceerd), heeft de vorm van een brief aan zijn oudere broer Constantijn jr. ,  geboren 1628 – een jaar voor Christiaan -, en gestorven 1697, twee jaar na Christiaan.

Titelpagina Cosmotheoros


De titelpagina van de “Cosmotheoros” vermeldt de geadresseerde broer Constantijn als secretaris van

William_III_Landing_at_Brixham

William_III_Landing_at_Brixham

stadhouder-koning Willem III. Toen Willem III van Oranje koning van Engeland werd (1688), werd Constantijn jr. aangesteld als zijn secretaris.

In de Cosmotheoros-brief klaagt Christiaan Huygens dan ook over de lange afwezigheid van Constantijn in Engeland, en betreurt deze afwezigheid, omdat de broers -die verbonden waren door een hechte vriendschap en wetenschappelijke samenwerking – dan niet verder konden werken aan hun telescopen en niet samen naar de sterren konden kijken.

Christiaan Huygens

Christiaan Huygens

 

Constantijn Huygens jr., oudere broer van Christiaan

Constantijn Huygens jr., oudere broer van Christiaan

Christiaan (links) en Constantijn Huygens jr

 

 

 

 

 


Christiaan Huygens schrijft een lange brief, om zijn broer te verheugen met een tekst over “buitenaardse” dingen, maar het is duidelijk – en Christiaan schrijft het ook zelf- dat de tekst ook voor andere geïnteresseerden is bedoeld. De tekst hoort thuis in een hele reeks van 17e-eeuwse populairwetenschappelijke publicaties die het Copernicaanse systeem wilden ondersteunen.

Christiaan herinnert zijn broer in deze openbare brief aan het gemeenschappelijk vervaardigen van lenzen en van telescopen, en aan het plezier dat de broers daarmee hadden. Hij herinnert zijn broer ook aan de  steeds langere telescopen die de beiden samen hadden gebouwd.

De broers maakten telescoopobjectieven met steeds grotere diameter en brandpuntsafstand. Omdat deze zeer lange telescopen onder hun eigen gewicht verbogen leidde dat tot hun uitvinding van de buisloze telescoop: het objectief was op een paal gemonteerd; het oculair was op een statief geplaatst.

buisloze telescoop Christiaan Huygens Constantijn Huygens

Buisloos telescoop Christiaan Huygens Constantijn Huygens

Wikipedia:

“Constantijn presenteerde in 1690 een objectief met een diameter van 190mm, en een brandpuntsafstand van 37,5 m aan de Royal Society[4], die nog steeds zijn handtekening draagt. De Royal Society heeft ook twee andere zeer lange brandpuntsafstand telescoopobjectieven verworven in 1725, beide gemaakt door Constantijn.”

Van de site van het Museum Boerhaave kan een publicatie worden gedownload “Een vernunftig geleerde”, over de technische vondsten van Christiaan en Constantijn Huygens.

Uit het hoofdstuk over “Kijkers”:

“Sterrenkijkers zouden Christiaan Huygens gedurende zijn hele leven fascineren. Per slot van rekening was zijn faam te danken aan de ontdekking van de helderste

maan en de ring van Saturnus. Die had hij waargenomen met kijkers waarvan hij de lenzen samen met zijn broer Constantijn had geslepen.”

“Naarmate beide broers de lenzenslijpkunst beter onder de knie kregen, werden hun kijkers steeds langer. Een kijker van 23 voet volgde in het najaar van 1655 en nog langere zouden in de daaropvolgende jaren gemaakt worden. Vooral tussen 1683 en 1687 slepen zij veel lenzen voor kijkers met grote brandpuntafstanden, tot wel 210 voet toe.

In eerste instantie ontwikkelden de gebroeders Huygens steeds langere kijkers om grotere hoekvergrotingen mogelijk te maken, maar zij probeerden tegelijkertijd ook de hinderlijke kleurschifting (chromatische aberratie) in hun lenzen te beperken.”

 

Christiaan Huygens bezocht in 1689 zijn broer in Engeland. De dagboeken van de broers uit deze tijd zijn bewaard gebleven, en gedeeltelijk te lezen in de Christiaan Huygens – biografie van C.D. Andriesse.

Literatuur

Keesing, Elisabeth, Constantijn en Christiaan: verhaal van een vriendschap. Amsterdam 1983

In verband met de Huygenstentoonstelling 2013 plaats ik hier elke dag een (nieuw of hernieuwd oud) Christiaan-Huygens-Blog.

 

www.passagenproject.com

Christiaan Huygens: Cosmotheoros, een lange brief aan zijn broer

4 comments

Christiaan Huygens: `Cosmotheoros`, een lange brief aan zijn broer Constantijn Huygens jr.

De laatste tekst die Christiaan Huygens (1629 – 1695) schreef, het filosofisch schrift “Cosmotheoros” of “Wereldbeschouwer” (1698, postuum gepubliceerd), heeft de vorm van een brief aan zijn oudere broer Constantijn jr. , geboren 1628 – een jaar voor Christiaan -, en gestorven 1697, twee jaar na Christiaan.

Titelpagina Cosmotheoros


De titelpagina van de “Cosmotheoros” vermeldt de geadresseerde broer Constantijn als secretaris van

William_III_Landing_at_Brixham

William_III_Landing_at_Brixham

stadhouder-koning Willem III. Toen Willem III van Oranje koning van Engeland werd, werd Constantijn jr. aangesteld als zijn secretaris.

In de Cosmotheoros-brief klaagt Christiaan Huygens dan ook over de lange afwezigheid van Constantijn in Engeland, en betreurt deze afwezigheid, omdat de broers -die verbonden waren door een hechte vriendschap en wetenschappelijke samenwerking – dan niet verder konden werken aan hun telescopen en niet samen naar de sterren konden kijken.

Christiaan Huygens

Christiaan Huygens

 

Constantijn Huygens jr., oudere broer van Christiaan

Constantijn Huygens jr., oudere broer van Christiaan

Christiaan (links) en Constantijn Huygens jr

 

 

 

 

 


Christiaan Huygens schrijft een lange brief, om zijn broer te verheugen met een tekst over “buitenaardse” dingen, maar het is duidelijk – en Christiaan schrijft het ook zelf- dat de tekst ook voor andere geïnteresseerden is bedoeld. De tekst hoort thuis in een hele reeks van 17e-eeuwse populairwetenschappelijke publicaties die het Copernicaanse systeem wilden ondersteunen.

Christiaan herinnert zijn broer in deze openbare brief aan het gemeenschappelijk vervaardigen van lenzen en van telescopen, en aan het plezier dat de broers daarmee hadden. Hij herinnert zijn broer ook aan de steeds langere telescopen die de beiden samen hadden gebouwd.

De broers maakten telescoopobjectieven met steeds grotere diameter en brandpuntsafstand. Omdat deze zeer lange telescopen onder hun eigen gewicht verbogen leidde dat tot hun uitvinding van de buisloze telescoop: het objectief was op een paal gemonteerd; het oculair was op een statief geplaatst.

buisloze telescoop Christiaan Huygens Constantijn Huygens

Buisloos telescoop Christiaan Huygens Constantijn Huygens

Wikipedia:

“Constantijn presenteerde in 1690 een objectief met een diameter van 190mm, en een brandpuntsafstand van 37,5 m aan de Royal Society[4], die nog steeds zijn handtekening draagt. De Royal Society heeft ook twee andere zeer lange brandpuntsafstand telescoopobjectieven verworven in 1725, beide gemaakt door Constantijn.”

Van de site van het Museum Boerhaave kan een publicatie worden gedownload “Een vernunftig geleerde”, over de technische vondsten van Christiaan en Constantijn Huygens.

Uit het hoofdstuk over “Kijkers”:

“Sterrenkijkers zouden Christiaan Huygens gedurende zijn hele leven fascineren. Per slot van rekening was zijn faam te danken aan de ontdekking van de helderste

maan en de ring van Saturnus. Die had hij waargenomen met kijkers waarvan hij de lenzen samen met zijn broer Constantijn had geslepen.”

“Naarmate beide broers de lenzenslijpkunst beter onder de knie kregen, werden hun kijkers steeds langer. Een kijker van 23 voet volgde in het najaar van 1655 en nog langere zouden in de daaropvolgende jaren gemaakt worden. Vooral tussen 1683 en 1687 slepen zij veel lenzen voor kijkers met grote brandpuntafstanden, tot wel 210 voet toe.

In eerste instantie ontwikkelden de gebroeders Huygens steeds langere kijkers om grotere hoekvergrotingen mogelijk te maken, maar zij probeerden tegelijkertijd ook de hinderlijke kleurschifting (chromatische aberratie) in hun lenzen te beperken.”

 

Christiaan Huygens bezocht in 1689 zijn broer in Engeland. De dagboeken van de broers uit deze tijd zijn bewaard gebleven, en gedeeltelijk te lezen in de Christiaan Huygens – biografie van C.D. Andriesse.

Literatuur

Keesing, Elisabeth, Constantijn en Christiaan: verhaal van een vriendschap. Amsterdam 1983

In verband met de Huygenstentoonstelling 2013 plaats ik hier elke dag een (nieuw of hernieuwd oud) Christiaan-Huygens-Blog.

www.passagenproject.com

De sterrenbode: Galilei en de telescoop

21 comments

Bertolt Brechts toneelstuk “Leben des Galilei” draait om de telescoop.

Brechts stuk is geschreven met de hulp  van historische documenten en geeft een aardige samenvatting en overzicht over de gebeurtenissen. Brechts Galilei maakt, net als de echte, slim gebruik van de Hollandse uitvinding – zowel technisch alsook commercieel.
Brechts Galilei:
Ik heb het onbeschrijflijke geluk gehad een nieuw instrument in handen te krijgen, waarmee een tipje van de sluier van het universum kan worden opgelicht .”

Galilei was niet de eerste die probeerde de telescoop te gebruiken voor astronomisch onderzoek, maar de eerste die dit met succes deed.

In zijn boek Sidereus nuncius “Sterrenbode” van 1610 gaf Galilei een verslag en tekeningen van zijn ontdekkingen met de verrekijker.
Hier een van Galileis mooie tekeningen van de maan:



Brecht heeft Galileis tekst over zijn revolutionaire ontdekkingen omgezet in een dialoog.
Galileis vriend Sagredo ziet de maan door de kijker:


“SAGREDO (door de telescoop kijkend, halfluid) De sikkel­rand is volkomen onregelmatig, gekarteld, oneffen. Op het donkere gedeelte, vlakbij de lichte rand, zijn lichtere plekken. Ze komen de een na de ander te voorschijn. Van daaruit kruipt het licht langzaam in de richting van de grotere lichtgevende helft, waar het ten slotte mee samenvloeit.

GALILEI Hoe verklaar je die lichtvlekken voor jezelf?
SAGREDO Maar dat kan niet.
GALILEI Toch is het zo. Het zijn bergen.
SAGREDO Op een ster?
GALILEI Reusachtige bergen. Waarvan de toppen door de opgaande zon verguld worden, terwijl het rondom, op de berghellingen, nog nacht is. Je ziet het licht van de hoogste toppen naar de dalen om- laagkruipen.
SAGREDO Maar dat is in tegenspraak met twee­duizendjaar astronomie.
GALILEI Zo is het. Wat je ziet heeft buiten mij nog geen mens gezien. Jij bent de tweede.
SAGREDO Maar de maan kán geen aarde zijn met bergen en dalen, net zo min als de aarde een ster kan zijn.
GALILEI De maan kán een aarde zijn met bergen en dalen, en de aarde kán een ster zijn. Een doodgewoon hemellichaam, één onder duizenden. Kijk nog eens. Is de donkere helft van de maan volslagen donker?
SAGREDO Nee. Nu ik erop let, zie ik dat er een zwak, askleurig licht over valt.
GALILEI Wat kan dat voor licht zijn?
SAGREDO …
GALILEI Het komt van de aarde.
SAGREDO Dat is onzin. Hoe kan de aarde licht geven met al zijn gebergten en bossen en zeeën, een koud hemellichaam?
GALILEI Zoals de maan licht geeft. Omdat die twee sterren allebei beschenen worden door de zon, daarom geven ze zelf licht. Wat de maan voor óns is, dat zijn wij voor de maan. En hij ziet ons één keer als sikkel, één keer als een halve cirkel, één keer vol en één keer helemaal niet .
SAGREDO Dan zou er dus geen verschil tussen de maan en de aarde zijn?
GALILEI Blijkbaar niet. ”
—————————————————————————

En over de manen van de Jupiter, door Galilei ontdekt, maakt Brecht deze dialoog:

“GALILEI Sagredo, ik vraag me af. Sinds eergisteren vraag ik ’t me af. Daar heb je Jupiter. (hij stelt de kijker in) Er staan namelijk vier kleinere sterren vlakbij hem, die je alleen door de kijker kan zien. Ik zag ze maandag, maar nam niet speciaal notitie van hun stand. Gisteren keek ik weer naar ze. Ik had kunnen zweren, dat ze alle vier anders stonden. Ik heb hun stand genoteerd. En ze staan wéér anders. Wat is dat? Ik zag er toch vier. (opgewonden🙂 Kijk zelf!
SAGREDO Ik zie er drie.
GALILEI Waar is de vierde? Daar zijn de tabellen. We moeten uitrekenen, wat voor baan ze beschreven kunnen hebben.
Ze gaan opgewonden aan het werk. Het wordt donker op het toneel, men blijft echter aan de ronde horizon Jupiter en zijn begeleidingssterren zien. Als het weer licht wordt, zitten ze nog steeds aan tafel, hun winterjassen aan.
GALILEI Het is bewezen. De vierde kan alleen achter Jupiter verdwenen zijn, waar je hem niet kan zien. Daar heb je nu een ster, waar een andere omheen draait. ……”

Hier Galileis originele aantekeningen:

—————————————————————————-
In scene 4 bij Brecht probeert Galilei vergeefs de Florentijnse geleerden zo ver te krijgen om door de telescoop te kijken. De geleerden willen dat niet, omdat zij aan de theoretisch-theologische, on-empirische “waarheid” van Aristoteles gehecht zijn.

Brechts Galilei:
“De waarheid is het kind van de tijd, niet van de autoriteit.”

Galilei heeft uiteindelijk onder druk van de kerk afgezworen. Bij Brecht doet hij dat met de beroemde uitspraak:
Ongelukkig het land, dat helden nodig heeft. “

Maar Galileis laatste belangrijke boek (Discorsi e dimonstrazioni matematiche intorno a due nuove scienze;  Verhandlingen en wiskundige bewijzen rond twee nieuwe wetenschappen) werd het land uit gesmokkeld, naar Holland en werd in 1638 in Leiden gedrukt.

Inmiddels heeft Galilei zelfs van de kerk gelijk gekregen, die geen tegenstelling meer ziet tussen haar eigen leer en die van Galilei.

Meest recente berichten