Vanaf 28 januari is in het Cobra-Museum in Amstelveen de tentoonstelling “Klee+ Cobra: het begint als kind” te zien.
Als grote fan van vooral Paul Klee en van Lucebert laat ik hier een eigen kleine tentoonstelling zien met een samenstelling van de schilderijen die ik hier op mijn blog eerder in een ander verband heb laten zien.
Abstract, vormrijk, naïef, kleurrijk, muzikaal, expressief, experimenteel, poëtisch, speels: ja, zo kunnen kunst en leven heerlijk zijn! Ach kon het maar altijd zo zijn!
(Ik weet natuurlijk niet wat in Amstelveen te zien zal zijn!)

Paul Klee, Maske, 1922

Paul Klee, Marionette 7a, 1923

Paul Klee, Clown, 1929

Paul Klee, Clown, 1929

Paul Klee, Dierentuin Tiergarten

Paul Klee, Slang
De schilders van Der blaue Reiter zoals Wassily Kandinsky en Paul Klee losten de strakke zwart-witte schaakborden op tot organische, flexibele, kleurrijke en niet-meer-vierkante vlakken.
Een mooie aanval op het verkort rationalisme.

Paul Klee, Colourful life outside (Draussen buntes Leben)1931

Paul Kee, Bluehendes, 1934

Paul Klee, Kat en vogel [Katze und Vogel]


Paul Klee Frau mit Hut

Paul Klee, Taenzer

Paul Klee, Angelus Novus (bezit Walter Benjamin die een beroemde essay hierover schreef: der Engel der Geschichte)

Paul Klee, Distel, 1919

Paul_klee_duinlandschap_dunes

Paul_klee_opkomst_van_de_maan_st_germain_tunis_1915

Paul Klee_volle_maan
Hier volgen de schilderijen van Lucebert, maar eerst zijn gedicht “klee”
in het verheugde venster geuren de gekleurde vruchten van de dingen
in rust geuren de huid het hart geuren de ogen en mond
het hart kust zijn venster
de huid ontsluit zich
de ogen kijken naar buiten
waar de mond wuift naar boven
overal bloeien de mensen wuivende bloemen geurige huizen
zij evenaren de aarde
zij vliegen in ronde en gebogen vruchten door het hoge hoofd van de lucht
zuchten als de huiverende watervallen zij zingen
in spiegelgladde cirkels
zo ontwiklen zij de wereld:
de brandende draad van de geurende aarde loopt langs het gekleurde raam van de mensen

Lucebert, De droom van Apollinaire (Apollinare’s dream), 1972

Lucebert,_Die_Kuehe_1959

Lucebert naakt met bloemen (nude with flowers)

Lucebert, Orfeus_en_de_dieren

Lucebert, Nachtengel_1990

Lucebert, Oude_engel

Lucebert, De_dichter_voedt_de_poezie

lucebert_dierentemmer_1959.jpg
Maria Trepp www.passagenproject.com
Christiaan Huygens was een sterrekind, in meer dan één betekenis. Zijn vader Constantijn sr. (1596 – 1687), beroemd dichter een staatsman, noemde Christiaans moeder Suzanna van Baerle (1599 – 1637) “Sterre” en schreef veel beroemde gedichten aan haar:
AEN STERRE
’Khebb tongen t’ mijn’ verdoen: ’khebb dorpen min dan Steden
Ten uytvoer van mijn’ saeck beleefdelick bereidt;
’Khebb vrienden, in getal, als ’tsand ten oever leit,
In aensien, menighmael meer waerd dan mijn’ gebeden;
(5) ’Khebb, hadden’t andere, sij wisten ’t te besteden
Ten plaester yeder een van sijn’ afsienlickheid;
Maer, ô mijn laeste keur van nu in eewigheid,
Voor haer gemeene gonst verkies’ ick verr uw Reden;
Uw’ reden, en alleen uw’ reden soeck ick aen;
(10) Verbiedt ghij mij die door om t’uwent in te gaen,
’T sal noyt mijn’ trachting zijn van sijdweghs in te delven.
Neen, Sterre, ’kben jalours van wat u eigen is,
En wie wat met u deeldt maeckt dat ick ’tmijne miss,
Soo soeck ick u alleen te dancken voor uw selven.

Suzanna van Baerle en Constantijn Huygens
zie ook mijn uitgebreid verhaal over Christiaan Huygens
Maria Trepp
Solvejg blogt over de Leidse wijk Kooi, en View blogt over Nijhoff. Hier een muurgedicht van Nijhoff in de Leidse wijk Kooi, waar bovendien ook de lissen worden genoemd die ik nog op mijn vorige blog heb laten zien.
Martinus Nijhoff Het kind en ik
|
Het kind en ik
Ik zou een dag uit vissen,
ik voelde mij moedeloos.
Ik maakte tussen de lissen
met de hand een wak in het kroos.
Er steeg licht op van beneden
uit de zwarte spiegelgrond.
Ik zag een tuin onbetreden
en een kind dat daar stond.
Het stond aan zijn schrijftafel
te schrijven op een lei.
Het woord onder de griffel
herkende ik, was van mij.
Maar toen heeft het geschreven,
zonder haast en zonder schroom,
al wat ik van mijn leven
nog ooit te schrijven droom.
En telkens als ik even
knikte dat ik het wist,
liet hij het water beven
en het werd uitgewist.
|
Vertaalbureau Duits
De waterlelie
Ik heb de witte water-lelie lief,
daar die zo blank is en zo stil haar kroon
uitplooit in ‘t licht.
Rijzend uit donker-koele vijvergrond,
heeft zij het licht gevonden en ontsloot
toen blij het gouden hart.
Nu rust zij peinzend op het watervlak
en wenst niet meer…
(Uit: Frederik van Eeden, Van de passielooze lelie – Amsterdam 1901)
Dit is en Leids muurgedicht

Hier een paar mooie waterlelies uit de kunst:

Vlaho Bukovac, Waterlelies, 1898
Te zien in het gemeentemuseum Den Haagg tot 10 januari 2010

Vincent Olinet, Not yet my story ( Warande Tilburg ’08)

Claude Monet (1904)

Claude Monet, Waterlelies, 1916-26
Voor meer artistieke en erotische waterlelies klik hier…
Vertalen Duits Vertaalbureau Duits
.
Klaprozen, ze zijn er weer.
Ik heb foto’s gemaakt naast de rails aan de spoorweg Leiden-Utrecht.

Klaprozen, thema in veel schilderijen en gedichten.
Klaprozen dragen ook in zich de verdrietige herinnering, aan bloed en oorlog..
In Vlaamse velden (Tom Lanoye, 2000)
In Vlaamse velden klappen rozen open
Tussen witte kruisjes, rij op rij,
Die onze plaats hier merken, wijl in ‘t zwerk
De leeuweriken fluitend werken, onverhoord
Verstomd door het gebulder op de grond.
Wij zijn de doden. Zo-even leefden wij. Wij dronken dauw.
De zon zagen wij zakken.
Wij kusten en werden gekust. Nu rusten wij
In Vlaamse velden voor de Vlaamse kust.
Toe: trekt gij ons krakeel aan met de vijand.
Aan u passeren wij, met zwakke hand, de fakkel.
Houd hem hoog. Weest gij de helden. Laat de doden
Die wij zijn niet stikken of wij vinden slaap noch
Vrede – ook al klappen zoveel rozen open
In zovele Vlaamse velden.
en: 
Georgia O’Keeffe: Oriental poppies (Oosterse papavers/klaprozen) 1927

Floris Verster, Papavers/Klaprozen 1888

vincent van gogh, vaas met klaprozen, 1886

Vincent van Gogh, Klaprozen/ Butterflies and poppies, 1890
En hier Emil Nolde:

Emil Nolde, Grote klaprozen, 1908
en Jan Sluijters
Zie ook
Klaprozen in de kunst: Van Gogh, Monet en anderen
Vertalen Duits Vertaalbureau Duits
.
Na het witte zwanengezin hier een zwart zwanengezin, vandaag gefotografeerd bij de Leidse kinderboerderij Merenwijk


En hier een heel mooi Leids muurgedicht van Paul Marijnis, “Zwarte zwanen”

En illustraties bij dit gedicht……


en nu de clou: de echte zwarte zwaan die gretig toehapte toen hij mijn witte lingerie zag….


Karel de Neree tot Babberich, Zwarte zwanen, 1901
(Tot september 2009 te zien in het gemeentemuseum Den Haag)
Ten slotte:
Om de zaak ook nog in het politiek-filosofische te trekken, lees de uitstekende Vk-column van Pieter Hilhorst Zwarte zwanen….

In zijn essay over Spinoza en Einstein haalt de Amsterdamse Spinoza-hoogleraar 2007 Herman de Dijn een mooi gedicht van T.S. Eliot aan, in een vertaling van Herman Servotte. Het is een gedeelte van het eerste van de Four Quartets:
“Op het roerloze punt van de wentelende wereld. Vlees noch vleesloos
Van noch naar; op het roerloze punt, daar is de dans
Maar rust noch beweging. En noem het geen verstarring,
Waar verleden en toekomst verenigd zijn. Beweging van noch naar,
Stijgen noch dalen. Indien het punt er niet was, het roerloze punt,
Zou er geen dans zijn, en er is enkel de dans.
Ik kan enkel zeggen daar zijn we geweest maar ik kan niet zeggen waar.
En ik kan niet zeggen hoe lang, want dat is het plaatsen in tijd.
De innerlijke bevrijding van elk praktisch verlangen,
Verlossing uit actie en lijden, verlossing van innerlijke
En uiterlijke dwang, maar gehuld in
Gratie en zin, een wit licht roerloos bewegend,
Erhebung zonder beweging, concentratie
Zonder verwerping, een nieuwe wereld
En ook de oude verhelderd, begrepen,
In de voltooiing van zijn partiële extase,
En de verdwijning van zijn partiële gruwel.
[At the still point of the turning world. Neither flesh nor fleshless;
Neither from nor towards; at the still point, there the dance is,
But neither arrest nor movement. And do not call it fixity,
Where past and future are gathered. Neither movement from nor towards,
Neither ascent nor decline. Except for the point, the still point,
There would be no dance, and there is only the dance.
I can only say, there we have been: but I cannot say where.
And I cannot say, how long, for that is to place it in time.
The inner freedom from the practical desire,
The release from action and suffering, release from the inner
And the outer compulsion, yet surrounded
By a grace of sense, a white light still and moving,
Erhebung without motion, concentration
Without elimination, both a new world
And the old made explicit, understood
In the completion of its partial ecstasy,
The resolution of its partial horror.]
De Engelse tekst is mooier…
Als ik de grens aanraak van mijn vermogen
worden mijn zolen even grondig plat
kriebelt er iets boven mijn ellebogen
en begrijp ik: nu begrijp ik wat.
Dan krijg ik wel eens tranen in mijn ogen
niet van het begrepene maar doordat
ik merk hoe kinderachtig opgetogen
ik weer ben met wat ik nooit bezat.
Lieve natuur door de natuur bedrogen
omhels ik de natuur en blijf ik pogen
in haar te baden die ik al aanbad
toen ik bijvoorbeeld zag hoe vogels vlogen
doordat ze met hun armpjes bewogen
en dat ik dergelijke armpjes had.
Dit is het eerste gedeelte van het gedicht Begrip van Leo Vroman, dat Herman de Dijn op donderdag voorlas in zijn Spinozalezing in Amsterdam.
De begrijpende (wetenschapper) in dit gedicht begrijpt zich als een deel van de natuur.
Voor Spinoza was de beste wetenschap degene die zich kon begrijpen als een eenheid met de natuur en dus met de pantheïstische god. ‘Alles wat is, is in God, en zonder God kan niets zijn of voorgesteld worden.’
Spinoza wilde niets weten van het theïsme of van een persoonlijke god, maar verdedigde de stelling dat God niet alleen de grond van het bestaan is, maar ook van het wezen der wereld.
Kennst du das Land, wo die Zitronen blühn,
Im dunkeln Laub die Gold-Orangen glühn,
Ein sanfter Wind vom blauen Himmel weht,
Die Myrte still und hoch der Lorbeer steht,
Kennst du es wohl?