Wetenschap Kunst Politiek

Beperkt houdbaar: Baudrillard over het lichaam als vijandig object

13 comments

In aansluiting aan het debat over de vrouwvijandigheid van de cosmetische industrie en de media hier nog een paar gedachten van de pas overleden Jean Baudrillard over de manier hoe moderne mensen met hun lichaam omgaan.

Baudrillard is bewust eenzijdig, maar belicht in zijn eenzijdigheid de eenzijdigheid van anderen…

Volgens Baudrillard wordt het lichaam in de moderne samenleving een consumptieobject. Het is het individu zelf dat zijn eigen lichaam tot consumptieobject maakt. Het lichaam wordt een object waarin men moet investeren om zichzelf vervolgens als arbeidskracht te kunnen exploiteren.
De lichamelijke schoonheid wordt dus zuiver functioneel en vormt geen grondslag voor individueel genot of plezier. Het lichaam wordt vooral benaderd als negatieve factor en als een vijand.
De schoonheidscultus, bekrachtigd door de mode-, vrijetijds- , vakantie- en sportindustrie, vestigt de mythe van een lichaam dat het fundament is van één homogeen subject van één volkomen in-dividu, dus van een als natuurlijk voorgestelde ondeelbare eenheid.

Het lichaam van een ondeelbaar subject kan en mag niet uiteengescheurd worden door begeerte, dus moet het moderne schone lichaam niet van al te veel begeerte vervuld worden. 
Het moderne lichaam moet bovendien een volledig en onnatuurlijk positief geladen grootheid zijn, die een vorm van kapitaal is en de grondslag vormt van een samenleving georiënteerd op privébezit. Binnen dat ideologische kader is het lichaam geen territorium van begeerten, driften, complexen, doodsangst en andere psychische negativiteiten. Het negatieve heeft geen of te weinig plaats in de wereld van investering en consumptie

Na Wouter Gils, Het lichaam als teken van leven, In: Jan Rolies, De gezonde burger, p. 89 ff. 

Zie ook de documentarire van Sunny Berkman, Beperkt houdbaar (Holland Doc)
en de uitstekende recensie hiervan door Wim de Jong in de Volkskrant van  9 maart.
“Aan Bergmans oproep gaat in Beperkt houdbaar een persoonlijke ontdekkingsreis vooraf langs redacties van glossy’s, beautyfotografen en plastisch chirurgen. In de rug gedekt door de cosmeticabranche wordt in die wereld de misvatting in stand gehouden dat een mooie vrouw per definitie een rimpelloze, schaamliploze, op borst- en bilhoogte met siliconen gevulde en elders met kindermaatjes gezegende vrouw is.”

Jean Baudrillard en Walter Benjamin

8 comments

Vandaag een artikel in de Volkskrant van Paul Depondt over Jean Baudrillard, de deze week overleden “wijsgerig socioloog”. “[…] voor veel lezers was hij een barokke taalacrobaat, een onverbeterlijke grappenmaker en cynicus, een pessimist en nihilist” .

Voor mij is het denken van Baudrillard interessant, juist vanwege deze negatief bedoelde beschrijving – Baudrillard bedreef in feite ‘vrolijke wetenschap’- , maar ook omdat hij de door mij zeer geliefde Duitse auteurs Bertolt Brecht en Peter Weiss heeft vertaald, en omdat hij sterk beïnvloed was door Nietzsche en door Walter Benjamin.

Bekend is de “simulacrumtheorie” van Baudrillard. Het Latijnse woord simulacrum stond oorspronkelijk voor een beeld dat verwees naar iets in de materiële werkelijkheid. In de 19de eeuw veranderde dat in een ‘lege vorm zonder ziel’ en dat is ook de wijze waarop Baudrillard de term hanteert. Wij kennen de wereld alleen via de media. Tweedehands, als een kopie van een kopie van een kopie, waarbij het origineel verloren is gegaan, aldus de Franse filosoof. De media storten een beelden, geluid, schrift en signalen uit over het anonimeme publiek. De informatie-explosie leidt zo meer tot een implosie aan betekenis. Het publiek is anoniem, en het zwijgt volgens Baudrillard.

Baudrillards mediatheorie gaat sterk terug op Walter Benjamin en zijn essay Het kunstwerk in het tijdperk van technische reproduceerbaarheid. Volgens Benjamin en Baudrillard bevinden zich de culturele uitingen, en met name de beeldende kunsten, in een herfsttij van kwantitatieve massaliteit en van reproduceerbaarheid. Het kunstwerk als teken verliest zijn origine (“aura”) .

Kunsttheoretisch staat nu de verhouding tussen schijn en werkelijkheid in de voorgrond.
Media-illusies worden gepresenteerd als objectieve werkelijkheid. Als remedie hiertegen moet het denken volgens Baudrillard de wereld niet begrijpelijk maken, maar een beetje meer onbegrijpelijk. Het denken moet radicaal zijn en het illusoir karakter van de wereld bloot leggen.

Literatuur: Kritisch Denkers Lexikon

 

Meest recente berichten