Wetenschap Kunst Politiek

Israël en de antisemiet Richard Wagner

13 comments

Richard Wagner was een fervent antisemiet en de favoriete componist van Hitler. Daarom zijn uitvoeringen van zijn werken in Israël controversieel.

Nu vindt er voor het eerst een concert plaats in Israël met uitsluitend composities van Wagner – met een speciaal voor dit doel gevormd orkest [zie Spiegel-online].

Sommige composities van Wagner werden wél eerder gespeeld  – maar nu willen musici in Israël een compleet concert met muziek van Richard Wagner uitvoeren.

Wagner, die leefde van 1813 tot 1883, was een overtuigd antisemiet. Zijn werken waren in de tijd van het nationaal-socialisme enorm populair. Adolf Hitler bewonderde de componist sinds zijn jeugd.

Na de pogroms tegen joden in Duitsland in november 1938 speelde het Eretz Israel Symphonic Orchestra – toen in Palestina de actieve voorloper van het Israel Philharmonic Orchestra – nadrukkelijk niet meer de muziek van Wagner. Sindsdien geldt in Israël een onofficiële boycot van Wagner, die weliswaar meerdere malen is verbroken- maar in de reguliere concerten is de muziek bijna nooit gespeeld.

Zo veroorzaakte de onder de leiding van Daniel Barenboim uitgevoerde ouverture van Tristan en Isolde in juli 2001 een conflict en kritiek van het Wiesenthal Center en van de toenmalige burgemeester van Jeruzalem Ehud Olmert . Eerder werden andere Wagner-uitvoeringen door protesten van Holocaust-overlevenden voorkomen.

 

“Het is aan de tijd om de Wagner-boycot te breken”, zegt Livny, zoon van een overlevende van de Holocaust uit Duitsland. Immers, Israël is ook een land “dat zelf kampt met culturele boycotten.” Hij respecteert mensen “die niet naar deze muziek willen luisteren,” zei hij. “Maar ik respecteer ook degenen die het wél willen.”

Het antisemitisme van Richard Wagner

Richard Wagners antisemitisme wordt op verschillende manieren geïnterpreteerd. Wagners uitspraken breien voort op antisemitische stereotypen en reflecties van de 19e eeuw, die hij in Duitsland en Europa aantrof. Wagner herhaalde echter niet alleen antisemitische stereotypen, maar ontwikkelde deze verder met schriften zoals Das Judenthum in der Musik .

Wagner wil in dit document “het onvrijwillig afstotende, dat de persoonlijkheid en de essentie van de Jood voor ons heeft,”  uitleggen, “om deze instinctieve afkeer te rechtvaardigen, waarvan we duidelijk herkennen dat deze sterker en belangrijker is dan ons bewuste ijver om ons te ontdoen van deze aversie.

Wagner verdedigt in zijn essay de stelling dat “de jood” an sich niet in staat zou zijn “om zich door zijn uiterlijk, door zijn taal, of  zijn lied aan ons op een artistieke manier te presenteren“. Toch zou “hij” [de jood] in de muziek de smaak van het publiek beheersen.

Wagner bekritiseert de muzikale werken van joodse componisten van zijn tijd. Als goed opgeleide joden zouden zij ernaar streven de “opvallende kenmerken van hun lagere geloofsgenoten” achter zich te laten.  Maar juist daarom zouden zij niet in staat zijn tot een  “diepe zielensympathie met een grote gemeenschap van gelijkgezinden“. De zeggingskracht van het artistieke scheppen van “de hoog opgeleide jood”  “zou alleen maar onverschillig en triviaal zijn, omdat zijn gehele inzet voor de kunst alleen maar een overbodige luxe is“.

In het algemeen ontzegt Wagner joodse kunstenaars elke vorm van originaliteit.

Wagner had een grote invloed op de Engelse schrijver Houston Stewart Chamberlain, auteur van Die Grundlagen des neunzehnten Jahrhunderts,  een werk doortrokken van fanatieke germanencultus en antisemitische en racistische ideeën. In 1908 trouwde Chamberlain met Wagners tweede dochter Eva. Chamberlain is een van de ideologische voorlopers van het nazi-antisemitisme.

Hitler en Goebbels in Bayreuth

Hitler ging regelmatig naar de opera en bestudeerde Wagner intensief. Hitler was idolaat van Wagner als voorbeeld van zijn eigen visie op het leven.

Tijdens de Bayreuther Festspiele of Richard-Wagner-Festspiele wordt het uitgebreide operawerk van Richard Wagner uitgevoerd in het Bayreuther Festspielhaus op de Grüne Hügel in Bayreuth. In de nazi-tijd waren deze Festspiele één grote act van de Hitler-devotie. De kunstenaars die mee mochten doen aan de voorstellingen werden al lang voor de nazi-periode met antisemitisme en rassenhaat geconfronteerd. ( zie: „die rassistische Besetzungspolitik der Bayreuther Festspiele vor der Nazizeit”)

N.B. De familie Wagner houdt nog steeds de brieven van Richard Wagner achter slot en grendel. (Bron FAZ)

Friedrich Nietzsche keerde zich af van Wagner onder meer vanwege diens antisemitisme, zie hier.

Meer over antisemitisme op dit blog

Zie ook Stephen Fry en film Richard Wagner( “Wagner & Me”)

Zie ook Stephen Fry en film Richard Wagner( “Wagner & Me”) in Die Zeit 24-6-2012

Zie ook: de Franse filosoof Alain Badiou verdedigt Wagner

Zie ook de kritische dans-performance “Hacking Wagner” van de joodse choreografe Saar Magal  in het Haus der Kunst.



Update 5-6-2012: Universiteit Tel Aviv zegt het concert toch af!

Update 11-5-2012: Het concert kan niet plaatsvinden

– ook het Hilton Hotel Tel Aviv heeft nu afgezegd. De kunstenaars krijgen hun geld terug.

 

Update: van 7 december 2012 tot 17 februari 2013 is in Berlijn een tentoonstelling te zien over de controversiële Richard Wagner

 

Maria Trepp

Nederland en de Israëlische kolonisten

16 comments

Twee bij elkaar genomen verwarrende krantenberichten vandaag (14-3-2012) over de relatie tussen Nederland en de Israëlische kolonisten.

Ten eerste:

De NRC meldt “Nederland wekt opnieuw ergernis EU over Israël

De Nederlandse regering sluit zich als enige niet aan bij de kritiek van EU-landen op geweld van Israëlische kolonisten. Deze ongebruikelijke positie heeft tot grote ergernis geleid bij diverse Europese landen. Het is bijzonder dat minister Uri Rosenthal (Buitenlandse Zaken) zich zo expliciet tegen de Europese aanpak keert, maar het past in een patroon. Rosenthal stelt zich in Europees verband steeds nadrukkelijker op als bondgenoot van Israël. Niet eerder leidde die opstelling tot een geïsoleerde Nederlandse positie.

In een geheim rapport van de Europese diplomatieke vertegenwoordigingen in Jeruzalem en Ramallah, signaleren diplomaten een „alarmerende” toename van het geweld door kolonisten. Ze schrijven onder meer dat de Israëlische nederzettingen illegaal zijn volgens internationaal recht en dat die een twee-statenoplossing „onmogelijk” maken: een Palestijnse staat naast Israël. Cijfers van de Verenigde Naties laten volgens het rapport zien dat het aantal aanvallen door kolonisten tegen Palestijnen in 2011 verdrievoudigd is tot 411.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken liet via de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiging in Ramallah weten dat het primaat voor deze kwestie niet aldaar mag liggen en dat Nederland derhalve een „algemeen voorbehoud op de gehele tekst” maakt. Onderaan het Europese rapport staat dit ook vermeld: „NL places a general reserve on the document.” Dat is ongebruikelijk. In tegenstelling tot zijn EU-collega’s trekt minister Rosenthal de kwestie direct naar zich toe.”

“Diplomaten wijzen erop dat alle [21] Europese vertegenwoordigingen in Jeruzalem en Ramallah de kritiek op Israël onderschrijven. Een Europese diplomaat: ‘Wat we waarnemen is de hardste Nederlandse houding ooit, een houding die in wezen overeenkomt met de hardste opstelling binnen Israël.’ “

 

Ten tweede:

De site van de NRC meldt vandaag ook:

De VPRO haalt het online spel ‘De Kolonisten van de Westelijke Jordaanoever’ uit de online archieven

In het ‘spel’ moest de bezoeker als kolonist proberen het aantal nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever uit te breiden. Je kon punten scoren met de ‘Anne Frank-kaart’ of de ‘Ahmadinejad-kaart’ spelen om te voorkomen dat er terrein verloren ging. De speler kon daarvoor zijn “Joodse gierigheid” en “typische handelsgeest” inzetten.

 

Verschillende organisaties noemden het spel “antisemitisch”, zo meldde The Jerusalem Post vandaag. Ook het CiJo, de jongerenorganisatie van het het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI), vond het spel misplaatst. Voorzitter Joël Serphos in NRC Handelsblad:

“Er wordt gebruik gemaakt van hele traditionele antisemitische opvattingen. Ze hadden net zo goed op Stormfront kunnen staan […] De VPRO zegt dat het om satirische kritiek op het nederzettingenbeleid gaat, maar daar klopt niets van.”

 

Ik heb mij niet in de kwestie van het spel verdiept, maar het lijkt me geen goed idee dit soort makkelijk mis te verstaan spelletjes op internet te zetten, ook al is de bedoeling satirisch.

Beide “kolonisten”-berichten laten extreme houdingen zien, de een niet veel beter dan de ander.

De bovenstaande  tekst staat ook op mijn Duitse blog

Maria Trepp

Israël en Eichmann

59 comments


Israël en Eichmann

De West-Duitse geheime dienst wist al in 1952 dat nazibeul Adolf Eichmann zich schuilhield in Argentinië, meldt de Duitse krant Bild, nadat men via de rechter inzage heeft gekregen in geheime documenten.


“Israël rekende zelf af met Adolf Eichmann” schrijft Alex Burghoorn in augustas 2010 in de Volkskrant. “Mossad-agent Rafi Eitan plukte in mei 1960 oorlogsmisdadiger Adolf Eichmann in Argentinië van de straat.”


De arrestatie was de opmaat voor een nog ingrijpender gebeurtenis: het Eichmann-proces en daarmee verbonden, een nieuwe identiteit voor de staat Israël. Burghoorn: “De gevolgen [van het Eichmann-proces] waren verstrekkend. Na de arrestatie, berechting en uiteindelijk executie van Eichmann ruilde Israël langzaam de kibboets in voor het concentratiekamp als ijkpunt voor zijn zelfbeeld.”


Dit zelfbeeld is problematisch en wordt door velen bekritiseerd.


Fred Halliday spreekt van “…het selectieve en doelbewuste gebruik van de shoah door de staat Israël, waarmee sommige acties en schendingen van het internationale recht door dit land worden gerechtvaardigd. Ook worden er oude morele aanspraken (op land of soevereiniteit) van het joodse volk mee uitgedrukt, ten koste van de Palestijnen (een vroege indicatie daarvan was het proces in 1962 tegen Adolf Eichmann voor misdaden tegen het joodse volk, en niet tegen de menselijkheid)”. (De erfenis van Auschwitz in de 21ste eeuw)


Ian Buruma schrijft in “Het circus van  Max Beckman” over het Israëlisch slachtofferdenken: “..Het wordt dubieus wanneer een culturele, etnische, religieuze of nationale gemeenschap zijn gemeenschappelijke identiteit vrijwel volledig baseert op de sentimentele solidariteit van een herinnerd slachtofferschap, want in die richting ligt de historische bijziendheid en, in extreme gevallen, vendeta.” (p 56)


“Eichmann” staat voor meer dan de Holocaust. “Eichmann” staat voor misdaden tegen de menselijkheid en voor het radicaal kwaad in een sociaal gewaad.


Susan Neiman in Morele helderheid: “Vergeet niet dat Eichmanns misdaden weliswaar verschrikkelijk waren, maar zijn motieven volstrekt onbenullig; of hij een massamoord heeft georganiseerd uit haat of uit het verlangen om een treetje hoger op de maatschappelijke ladder te komen doet eenvoudigweg niet ter zake. Soms zijn bepaalde motieven erger dan niet ter zake: ze leiden af van de inhoud, en van de gevolgen, van iemands daden. Het geloof dat bedoelingen de kern vormen van het morele handelen leidt velen ertoe om morele helderheid te verwarren met zuiverheid. Maar als bedoelingen van secundair belang zijn bij het besluiten of bepaalde handelingen een kwaad vormen, zijn ze van zelfs nog minder belang bij het besluiten of bepaalde handelingen goed zijn. “( p 436)

Kees Schuyt gaat in zijn Leidse Cleveringarede Democratische deugden uitgebreid in op de implicaties van “Eichmann en het radicale Kwaad”:
Schuyt: “Het kwaad is van sociale makelij. Aan massaal geweld tegenover bepaalde bevolkingsgroepen gaat meestal een intensivering van groepstegenstellingen vooraf. Deze intensivering heeft bovendien typische, steeds terugkerende kenmerken. Allereerst
komt het kwaad bijna nooit als een openlijke ontkenning van de morele
wet, maar wordt het als iets goeds voorgesteld, als een gerechtvaardigde onderneming met eigen idealen en principes, waar velen achter kunnen staan en ook achteraan willen lopen
. Er worden uitdrukkingen gebruikt die ontleend zijn aan de bekende en vertrouwde cultuur zoals reinheid en zuiverheid. Een voorhoede acht zich uitverkoren en schept voor zichzelf uitzonderlijke rechten en speciale verantwoordelijkheden.
Goed en kwaad komen vermengd naar voren en hierin schuilt de verraderlijke, moeilijk zichtbare, sociologische component. Kwaad wordt niet minder intersubjectief tot stand gebracht en gedragen dan het goede, en de bestrijding van het allerergste kwaad loopt immer het gevaar zelf bepaalde eigenschappen van dat bestreden kwaad over te nemen.”

Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Afshin Ellian: ‘Vergeet Gaza’

32 comments

Vandaag debatteren Frank en Maarten Meester in de Volkskrant/het Vervolg over de kwestie of je ten opzichte van Gaza prioriteiten mag stellen: men hoeft over Gaza niet zo veel kletsen, er zijn tenslotte gebieden waar veel meer doden vallen, zoals in Darfur (Meesters in de actualiteit, p. 33).

Afshin Ellians mening over deze kwestie is duidelijk: “Vergeet Gaza!”

Het is weliswaar anderhalf jaar geleden dat Ellian opriep om Gaza te vergeten vanwege Darfur, maar hij herhaalt zijn harteloze argumentatie vandaag weer in de NRC:
De enorme aandacht voor de Palestijnen roept de vraag op: zijn de Palestijnen het zieligste volk op aarde? Beslist niet. De Palestijnen, in vergelijking met andere volkeren in conflictgebieden, krijgen de meeste aandacht van internationale organisaties, staten en media. Afrikanen of Tsjetsjenen worden soms massaal en opzettelijk – echt onvergelijkbaar met wat de Palestijnen meemaken – afgeslacht door ondemocratische regiems of groepen.”

Maarten Meester betoogt (speels?) in deze trant:

“De Australische filosoof Peter Singer pleit in zijn boek Eén wereld terecht voor een ethiek die uitstijgt boven zelfzuchtige, nationalistische en/of racistische overwegingen.
‘Moreel maakt het geen verschil of de persoon die ik help een kind van de buren is’, schrijft hij, ‘tien meter bij mij vandaan, of een Bengalees wiens naam ik nooit zal weten, tienduizend mijl ver.’

Om mensen op afstand te kunnen helpen, moet je ook weten wie er het meest lijden en wie het hardst hulp nodig hebben.”

 Ik ben het met Ellian en met Maarten Meesters argumentatie zeer oneens.

Ten eerste is het bij het helpen en in de kwesties van medemenselijkheid gerechtvaardigd om naar leed te kijken ongeacht ander leed. Misschien is het op het vlak van politiek en lange termin strategie belangrijk om uiteindelijk  bepaalde afwegingen van resources te maken. Maar noch voor de media noch voor individuen geldt deze noodzaak tot top-down-afweging. Ik mag me om mijn buurvrouw druk maken die migraine heeft ook al gaan miljoenen mensen dood, daar is moreel niets mis mee.

Ten tweede is het in de kwestie Gaza van belang dat de Nederlandse regering het buitenproportionele Israëlische geweld niet heeeft veroordeld.
Ten opzichte van Darfur geldt dat bijvoorbeeld niet.
In Nederland is er een controverse rond Gaza, maar niet, of niet in dezelfde mate rond Darfur.

Ellian c.s. willen schijnbaar Darfur helpen, omdat daar het grote onrecht gebeurt. Wat zij in werkelijkheid doen, dat is onrecht goed praten met verwijs naar nog groter onrecht.
Dit is in mijn ogen amoreel.

De controversiele filosofe Judith Butler

11 comments

 

Judith Butler heeft in Nederland bekendheid gekregen door haar onderzoek over gender en man/vrouw rollen, en ten tweede door haar genuanceerd standpunt in de discussie over individuele autonomie en ten derde door haar boek Excitable Speech: A Politics of the Performative (1997)/ Nederlands:  Opgefokte taal (2007) , waar zij ook een voorwoord schreef over de Nederlandse situatie.

Judith Butler keert zich fel tegen de poging van rechts om traditioneel linkse thema’s zoals homorechten en feminisme voor zich uit te buiten.

* Aangaande gender zegt Butler dat culturele ideeën over mannen en vrouwen ook het denken over de seksen bepalen, dat mannelijk en vrouwelijk meer een culturele constructie dan een biologisch bepaald feit is.

  • * Aangaande autonomie keert zich Butler tegen een simpel rationaal-liberaal autonomie-model en zoekt zij in haar boek ‘Precarious Life’ na nauwere verbindingen tussen autonomie en betrokkenheid op het lot van anderen. ” In plaats van het autonome subject en diens keuzevrijheid en verantwoordelijkheid, komen nu de relaties tussen en de onderlinge verwikkeling van individuen centraal te staan”, zo schrijft de kritische humanist Harry Kunneman over Butler in zijn artikel ‘Dikke autonomie en diepe autonomie’ in de bundel ‘De autonome mens’, uitgegeven door het Humanistisch Verbond.

 

  • * Over de kunst, racisme en de vrijheid van meningsuiting schrijft Judith Butler zelf in het voorwoord van ‘Opgefokte taal”:

“[…] En waarom zijn er mensen die racistische kunstvormen als hoogtepunt van onze individuele vrijheid waarderen, zoals bijvoorbeeld gebeurd is in het pijnlijke geval van Theo van Gogh? Het is triest dat hij vermoord is, en zijn rechten moeten verdedigd worden, maar moet hij daarom tot ‘symbool’ worden van een onzinnige culturele oorlog tussen de voorstanders van ‘vrijheid’ en de voorstanders van ‘religie’? Deze culturele oorlog verwordt al te makkelijk tot een oorlog tussen degenen die vinden dat anderen zich moeten aanpassen (en die de culturele norm al kennen waaraan iedereen zou moeten gehoorzamen) en de­genen die gericht blijven op een etnisch en cultureel veelzijdig Europa, als grote belofte die de dekolonisatie voor het heden inhoudt. Manieren om zich in een engere zin op ‘vrijheid’ te beroepen, blijven afhankelijk van staatsdwang, ook al beweren ze ertegen te zijn; elke werkelijke (en niet-cynische) interpre­tatie van vrijheid zou zich er rekenschap van moeten geven dat de vrijheid om zich te uiten niet slechts een recht van indivi­duen of groepen is, maar iets waarop aanspraak wordt ge­maakt door democratisch verzet tegen de dwingende beper­kingen die de overheid aan de culturele en religieuze verschei­denheid van de bevolking oplegt. Als vrijheid een middel wordt om een minderheid te onderdrukken, komt vrijheid in dienst te staan van onvrijheid. Het is duidelijk dat er dan een nieuw vrijheidsbegrip nodig is om op een inzichtelijke manier uitdrukking te geven aan het verzet tegen de dwingende prak­tijken van een overheid die tijdelijk en onterecht op ‘seksuele vrijheid’ bouwt om zijn racistische agenda door te voeren.
Mijn opvatting is niet dat men voor of tegen regulering van haatdragende taal moet zijn, omdat ik niet denk dat zulke kwesties in abstracto kunnen worden opgelost. Ze moeten ge­contextualiseerd worden om te bekijken hoe de reguleringen zelf worden ingezet om verdergaande politieke doelen te be­reiken of te verijdelen. De conclusies die Opgefokte taal over de Verenigde Staten trekt, kunnen bijgevolg niet ongewijzigd naar de huidige toestand in Nederland worden overgezet. Terwijl de weigering om racistische dreigementen te erkennen in de Verenigde Staten gekoppeld werd aan een overtrokken idee van de gevaren van homoseksuele uitspraken, leek het uitdrukken van homoseksualiteit in Nederland een hulpmid­del te worden voor onderwerping aan racisme door de over­heid [ Butler mikt hier op Verdonk, M.T.] .

Het is zeker niet mijn bedoeling om seksuele vrijheden op te geven voor religieuze vrijheden. Maar ik vraag me af hoe een politiek eruit zou kunnen zien die zich op beide punten tegen overheidsdwang keert, en die zich uitspreekt voor een verbinding van seksuele minderheden met de strijd tegen nieuwe vormen van Europees racisme.[…]”

 

Toegevoegd op 29-8-2012:

 

In Duitsland is er een hoog oplopende controverse over de Adorno-prijs die op 11 september aan Judith Butler zal worden verleend. De Zentralrat der Juden in Deutschland verzet zich hiertegen, omdat de (overigens Joodse) filosofe Butler Israël bekritiseert.

Judith Butler wordt antisemitisme  verweten, iets waartegen de filosofe zich terecht verweert.

De stad Frankfurt staat achter de beslissing om de Adorno-prijs aan Judith Butler te verlenen.

Een groep linkse wetenschappers heeft een solidariteitsverklaring met Judith Butler ondertekend.

Over de controverse rond de Adorno-prijs

Ilan Pappe over The ethnic cleansing of Palestine

93 comments

Op vrijdag middag sprak de Israëlische “new historian” Ilan Pappe aan de Universiteit van Amsterdam over The ethnic cleansing of Palestine . Dit is tevens de titel van zijn nieuwe boek, besproken ook in Cicero, de Volkskrant van vrijdag.

Stan van Houcke heeft zijn hele tape van de lezing van gisterenmiddag op zijn audioblog gezet! Je kunt het beluisteren onder de rubriek Lectures
of via: http://www.stanvanhoucke.net/audioblog/index.php

Van mijn vriendin Friduwih kreeg ik nog het volgende verslag van haar interview met Pappe ( het zal nog gepubliceerd worden in De Brug van SIVMO )

The making of The Ethnic Cleansing

De nieuwste publicatie van de Israëlische “new historian” Ilan Pappe, The ethnic cleansing of Palestine, levert opnieuw bewijs voor de verdrijving van de Palestijnse bevolking uit hun land in 1948. Op zaterdag 27 oktober, de internationale Holocaust memorial day, presenteerde Pappe zijn boek in de American Book Center in Amsterdam. De presentatie was tegelijk een oproep om in te grijpen in het beleid van Israël, want de verdrijving van de Palestijnen uit hun gebieden is niet een historische gebeurtenis maar een actueel feit, dat bovendien zowel ontkend als gerechtvaardigd wordt.

Ilan Pappe groeide op in Haifa, tussen de Arabieren zodat z’n van afkomst Duitse moeder was blij als hij ’s avonds heelhuids thuiskwam, in de tijd dat het een vanzelfsprekende waarheid was dat de Zionisten hun ‘Jewish home’ stichtten in een land zonder mensen. In de jaren 70 was deze geschied¬schrijving door de universiteiten intelligenter uitgewerkt en studenten leerden een geschiedenis zonder Palestijnen. Op het moment dat Pappe moest afstuderen, ging juist een archief over 1948 open en een Arabische professor raadde hem aan deze nieuwe documenten te bestuderen. Met zijn collega’s, de historicus Benny Morris en de journalist Tom Segev, en rende Ilan Pappe in een horde historici op de archieven af – maar geen Palestijnse historicus was geïnteresseerd. De nieuwe documenten doorkruisten ieder ander archief, dat van Engeland, van de Verenigde Naties, van Israël en zovoorst, wat eerst een professionele schok was en pas later een morele schok. Immers het beeld heerste van de hoge morele standaard van Israël, een mythe geboren in de Israëlisch-Arabische oorlog van 1848. De Deir Yasin Massacre in Palestina in 1948, waar de Irgun Zvai Leumi en de Stern Gang troepen de 254 Palestijns-Arabische inwoners van het dorp Deir Yasin, mannen, vrouwen en kinderen, systematisch doodden, was erkend maar toegeschreven aan extreem-rechtse Joden. Dat er veel bloedbaden geweest waren, was onbekend.

In ’89 vroeg de Israëlische televisie Pappe’s advies over een geschiedenisserie en veel waarheden zijn toen onderuitgehaald. In de erop volgende jaren, midden in het vredesproces, stond het historisch establishment en het publiek opener voor de ‘new historians’ die gevraagd werden zich uit te spreken voor krant en tv. Maar vanaf ’94, door het mislukken van de vredesonderhandelingen, door de voorzichtigheid van de ‘new historians’ die de om te mogen blijven doorpraten de helft van de waarheid vertelden, wat later ineffectief bleek, en doordat er weer nieuwe documenten opengingen, heeft de openheid van Israël voor andere geschiedenissen dan de zionistische lezing, maar kort geduurd. En gezien de agressie waarmee wetenschappelijke kritiek, laat staan politieke en morele, wordt bejegend, is het buitengewoon dapper dat Ilan Pappe The ethnic cleansing na het opengaan van de politieke archieven en de militaire- en veiligheidsarchieven – de eerst na 30, de laatste pas na 50 jaar – heeft herschreven.

1948, over dit jaar gaat het boek, moest wel een cruciaal gezichtspunt zijn, zegt Pappe, immers Israël noemt het ‘t beste jaar van hun hele geschiedenis, de Palestijnen noemen het ’t slechtste jaar van hun geschiedenis en de VN slagen er niet in om probleem van de ’48-vluchtelingen op te lossen. De nieuwe documenten toonden niet alleen méér misdaden en bloedbaden, wat een gradueel verschil maakt in de geschiedschrijving, maar een gedetailleerde planning van de misdaden tegen de Palestijnse bevolking, wat onherroepelijk leidt tot een radicaal verschil in de geschiedenisinterpretatie. Het gaat nu beslist niet meer om een Nakba, wat ramp betekent, iets onvermijdelijks en ongericht, maar om een ethische zuivering. Dit is een moreel, politiek en historisch concept, dat betekent dat één etnische groep de misdaad bedenkt en uitvoert tegen een andere etnische groep, ongeacht de wijze waarop de zuivering bereikt wordt, zelfs als het middel het scheppen van een atmosfeer van angst is, is er sprake van etnische zuivering.

Omdat de VN etnische zuivering veroordeeld als een misdaad is Pappe bij het herschrijven van het boek op zoek gegaan naar de daders. Hij vond er elf, die allen beschouwd worden als Israëls helden. Deze groep ontwierp een plan dat zij langzaam omzetten in commando’s en dat na het afwijzen van het Partition Plan van de VN in ’47, resulteerde in het met de grond gelijk maken van elf steden en ruim vijfhonderd dorpen, door jonge Israëlische soldaten, en met de een dieptragisch einde toen in oktober ’48 de troepen Galilea in het noorden bereikten, waar de Palestijnen wisten wat er zou gaan gebeuren en, zonder wapens, terugvochten. Pappe is terughoudend in het beschrijven van wreedheden, die onbeschrijflijk zijn; de Palestijnse documenten en de oral history leveren overtuigend bewijs en de Israëlische rapporten onthullen niets, als was het, zegt Pappe, om de Palestijnen te waarschuwen dat als toch niemand het ziet, ze net zo goed niets kunnen doen.

Het volgende deel van het boek gaat over de reactie van de internationale gemeenschap. Het Rode Kruis, Engeland, Amerika en de VN wisten van de misdaad, maar herinnerden zich op tijd de Holocaust en grepen niet in. Het zionisme is een uiterst taaie ideologie: een joodse staat kan niet bestaan met Palestijnen. De zogenaamde liberal-zionists stellen voor om Israël kleiner te maken zodat er minder Arabieren wonen. En omdat Israël in voortdurend gevaar zou zijn, is dit niet het moment om je druk te maken over burgerrechten, mensenrechten en politieke rechten. In de jaren 70 paste Israël zijn etnische zuiveringsstrategie aan opdat deze door kan gaan tot op heden. Routines werden opgezet om het leven in de Palestijnse gebieden langzamerhand onmogelijk te maken – het langzame stap voor stap inbedden van gebruiken zodat ze organisch gegroeid lijken en hun onrechtmatigheid ons niet opvalt, is iets waar Pappe steeds op wijst – zoals het plaatsen van wegversperringen lang voor de eerste zelfmoordterrorist. In Gaza wordt voortzetten van hetzelfde beleid zelfs betitelt als vredesproces, ex-premier Sharon won bijna de Nobelprijs voor de vrede door Gaza in een gevangenis. Wat Europa kan en moet doen is zeggen: “Wij hebben onder ogen gezien wat we de Joden deden; jullie moeten onder ogen zien wat je doet met de Palestijnen.”

Meest recente berichten