Wetenschap Kunst Politiek

De waarheid als onbereikbaar en noodzakelijk doel

77 comments

Het is de trots van de democratie dat zij lijdt aan een ‘waarheidstekort’. Het democratisch debat vergt juist de voorlopige opschorting van allerlei zekerheden, en een minimale relativering van de eigen standpunten en opvattingen. De waarheid is nooit keihard en onwrikbaar.”
 
 
So schrijft Dick Pels vandaag in de Volkskrant.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Ik wil hierbij nog toevoegen: de waarheid is een noodzakelijke utopie, maar nooit meer dan een utopie, dus een onbereikbaar ideaal. Niemand kent “de waarheid”. Het maximale haalbare, en tegelijk de absoluut voorwaarde voor de democratie is een oprecht streven naar de waarheid.  
 
Het oprecht zoeken naar de waarheid is uiterst belangrijk niet alleen in de wetenschap, maar ook in de politiek.
 
De oprechte waarheidszoeker herkent men volgens mij aan een aantal kenmerken (staat ter discussie!):

  1. Hij/zij laat tegenstanders tot woord komen, en moedigt afwijkende meningen zelfs aan.
  2. Hij/zij streeft naar precisie; hij/zij zal in kwestie van de islam dus nauwkeurig en gedetailleerd de (sociale) problemen benoemen, in plaats van vooroordelen te verkondigen en steeds weer te herhalen.
  3. Hij/zij probeert niet alleen tegenstellingen politiek aan te scherpen, hij/zij verbindt zich ook aan de utopie van vrede, van menselijke samenwerking en gemeenschap.

 Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Bolkestein, de Burkianen, het Westen en het zelfvertrouwen

no comment

in de volkskrant schrijft de leidse hoogleraar frits bolkestein vandaag over het verloren zelfvertrouwen van het westen. dit thema is een geliefd neocon-thema, en bolkestein, die heeft geholpen de leidse neoconservatieve edmund burke stichting op te richten, heeft van begin aan met de burke-professoren over dit thema overlegd.
bolkestein in sein grensverkenningen, waar de burkianen livestro, kinneging, michiel visser en cliteur herhaaldelijk ter sprake komen: “vrijdag 31  maart 2000, lunch met een stel slimme academici in nieuwspoort, allen leer­lingen van andreas kinneging, die er ook was; georganiseerd door joshua livestro, die nu mijn persoonlijke medewerker in brussel is […] . onderwerp van gesprek was het liberalisme, het postmodernisme (en wat daar­tegen te doen) en het verlies aan zelfvertrouwen van de europese eli­te..” 
 
bolkestein heeft naar mening gelijk: matiging en zelfrelativering behoren tot de kernwaarden van de westerse beschaving (en de intellectuele beschaving), en zijn zeer zeker door de christelijke cultuur sterk beïnvloed.
 
hans boutellier over bolkestein-zoon wilders en de westerse zelfrelativerende zwakte:
 
“hij [wilders] heeft de gespletenheid van het westerse relativisme tot spreken gebracht. die kent verschillende varianten: we verdedigen het recht op zijn film, maar willen hem niet uitzenden. we omarmen de tolerantie, maar verafschuwen wilders’ radicalisme. we verwijten hem de provocatie, maar verdedigen het recht op vrije meningsuiting.
we zien de noodzaak van verdediging van onze waarden, maar deze verhinderen ons te kunnen kiezen. het westerse relativisme – een historisch hoogtepunt van beschaving – ontbreekt het aan het idioom om het te beschermen tegen de fundamentalistische ondermijning ervan. wilders confronteert ons met deze essentiële zwakte, en noemt dat ten onrechte lafheid. wat we te verdedigen hebben, is de westerse verworvenheid om zwak te kunnen zijn.
deze gespletenheid verdraagt geen koste-wat-het-kost-waarheden. zij ligt ten grondslag aan de ontwikkeling van de wetenschap, aan de democratie en aan de emancipatie van individuen en gemeenschappen onder de conditie dat zij zich voegen naar de gespleten ziel van de vrijheid.” (de volkskrant 27-3- 2008)
 
 
 
“prettige” kerstdagen gewenst:
de burke stichting als kerstboom

overige Bolkestein-blogs:
Oorlog en handel; Nederland en Mutter Courage
[over Bolkestein en het gifgas, nu zeer actueel zie http://www.vkblog.nl/bericht/293110/Slachtoffers_willen_geld_van_Van_Anraat)]

verder:
Bolkestein: moslims geen recht op eigen scholen
De fata morgana van een moslim-tsunami: Bolkestein en Bernard Lewis
Tegen en voor het consumentisme: Benjamin Barber, Peter Sloterdijk, Frits Bolkestein
Bolkestein, Wilders en Turkije
Guido Derksen over Bolkesteins anti-intellectuele integratiedenken
De deugden van prof. dr. Bolkestein ( 3)
De deugden van Frits Bolkestein (2)
De deugden van Frits Bolkestein (1)
Wilders, het kind van vader Bolkestein/ Turkije

zie ook mijn documentie over de rol die Bolkestein heeft gespeeld in de achtergrond van Edmund Burke Stichting en bij de opkomst van Wilders
http://www.passagenproject.com/conservatisme.html
 

Herman van Gunsteren over de multiculturele samenleving: Vertrouwen in democratie

52 comments

De Leidse emeritus rechtsfilosofie Herman van Gunsteren staat vandaag op de opiniepagina met een interessant artikel over de PVV.
 
Eerder heb ik al over de bijdrage van Kinneging en van Van Gunsteren in de martelkwestie geblogged (Leidse hoogleraren over het marteldilemma: Kinneging, Mertens, Van Gunsteren)
Vandaag hier citaten uit Van Gunsterens interessant boek Vertrouwen in democratie, waar hij tegen een identiteitspolitiek en voor diversiteit in plaats van monocultuur.
 
Als men in de democratie tot hoogwaardige oordelen en besluiten wil komen, zijn volgens hem een aantal randvoorwaarden vereist, waaronder diversiteit.
 
Toch zegt ook hij dat een multiculturele samenleving tot problemen kan leiden, namelijk dan, als er geen uitwisseling van informatie tussen onafhankelijke individuen plaats vindt. Als groepen in de multiculturele samenleving hun gang gaan zonder confrontatie en uitwisseling met anderen kan de democratie niet werken. Intelligente zelforganisatie – en de democratie kan in het beste geval een intelligente zelforganisatie zijn – stagneert zonder voldoende diversiteit, maar ook zonder voldoende uitwisseling.
 
Van Gunsteren pleit voor diversiteit en ervoor “de boel bij elkaar te houden”- hij gebruikt de formulering van de Amsterdamse burgemeester Cohen (die door Ellian tot “de Grote Ayatollah” werd benoemd, die maar beter naar Teheran kan vertrekken). “De boel bij elkaar houden” vertaalt Van Gunsteren met: “rechtvaardig vorm te geven aan lotsverbondenheid” (p. 129)
 
Van Gunsteren schrijft over de praktische maatregelen waarmee burgerschap wordt gecreëerd:
 
“De mix van mechanismen waardoor burgerschap verzekerd wordt kan per regiem verschillen en mettertijd veranderen. Recent worden in Nederland in een viertal kwesties van burgerschap de accenten anders gelegd:

  1. Waar mag de eigen versie van het goede leven gestalte worden gegeven: onzichtbaar achter de voordeur of erkend in de publieke ruimte?
  2. Is er ruimte voor multiculturaliteit of dient iedere burger zich in de Nederlandse cultuur in te voegen
  3. Waar wordt burgerschap geleerd: in de praktijk, door te doen, of via cursussen en examens?
  4. Geldt loyaliteit van burgers jegens allen, of alleen jegens gelijkgezinden van goede wil?

 
In alle vier kwesties is recent het accent naar het laatstgenoemde alternatief verschoven, d.w.z. naar identiteitspolitiek, assimilatie, inburgering en gelijkgezindheid. De vraag is of hiermee gepaard gaande nieuwe mix van regels en instituties van burgerschap voldoende diversiteit produceert.” (p.132f.)
 
De huidige regering voert in vergaande overeenstemming met de eisen van Ellian/Cliteur een beleid om het Nederlands burgerschap te bevorderen. Daarmee, zo Van Gunsteren “ doet zij in feite mee aan een identiteitspolitiek die met de neutraliteit van de staat op gespannen voet staat. Burgerschap behelst in deze opvatting meer dan je aan de wet houden en de taal spreken. Het vraagt ook vertrouwdheid met en je invoegen in de Nederlandse cultuur. Wat die cultuur is wordt bepaald in cursussen en examens, alsmede in voorbeeldig gedrag van machthebbers die demonstreren hoe het in Nederland hoort. Burger zijn in deze visie verplicht zich normaal te gedragen. Wie afwijkt doet eigenlijk niet goed mee. Hij is een voorwerp van zorg en aandacht. Zeker nu in de veiligheidsstaat risicoburgers- dat zijn mensen die volgens de experts een gevaar vormen- verdacht zijn.
 
Vanuit de principes van zelforganisatie bezien betekent dit intomen van diversiteit een ernstig verlies van zelforganiserend vermogen van de democratie.” (p.139)
 
“De huidige nadruk op Nederlands burgerschap, op burgerzin en op assimilatie in de Nederlandse cultuur, leidt echter al gauw tot een disciplinering in braafheid waardoor het genereren van de voor zelforganisatie onmisbare diversiteit stagneert. “(p. 141)
 
“De nadruk op wat burgers bindt, op ‘elkaar vasthouden’, heeft een schaduwkant. De mensen van kwade wil, de afwijkenden en onverschilligen worden eigenlijk buiten de kring van burgers geplaatst. Zij zijn misschien wel burgers, maar geen goede, bruikbare burgers. Zij missen burgerzin. Ze beantwoorden niet  aan het plaatje van de gewone, fatsoenlijke burger.
Een alternatief voor deze eindplaatjes-benadering van het kabinet Balkenende [en van de Burkianen,M.T]  is een meer processuele en conflictuele visie op burgerschap als kernelement van vreedzame zelforganisatie. Die ziet vertrouwen als een bijproduct van de mogelijkheid om gezond te wantrouwen. Medeburgers hoeven niet allen het beste met elkaar voor te hebben. Het is voldoende dat ze zich in het maatschappelijke verkeer niet als vijanden gedragen, maar bereid zijn als tegenstanders binnen een geregeld speelveld conflicten uit te vechten.” (p.143)
 
 

Bolkestein, de Burkianen, het Westen en het zelfvertrouwen

158 comments

In de Volkskrant schrijft de Leidse hoogleraar Frits Bolkestein vandaag over het verloren zelfvertrouwen van het Westen. Dit thema is een geliefd neocon-thema, en Bolkestein, die heeft geholpen de Leidse neoconservatieve Edmund Burke Stichting op te richten, heeft van begin aan met de Burke-professoren over dit thema overlegd.
Bolkestein in sein Grensverkenningen, waar de Burkianen Livestro, Kinneging, Michiel Visser en Cliteur herhaaldelijk ter sprake komen: “Vrijdag 31 maart 2000, Lunch met een stel slimme academici in Nieuwspoort, allen leer­lingen van Andreas Kinneging, die er ook was; georganiseerd door Joshua Livestro, die nu mijn persoonlijke medewerker in Brussel is […] . Onderwerp van gesprek was het liberalisme, het postmodernisme (en wat daar­tegen te doen) en het verlies aan zelfvertrouwen van de Europese eli­te..”

Bolkestein heeft naar mening gelijk: matiging en zelfrelativering behoren tot de kernwaarden van de westerse beschaving (en de intellectuele beschaving), en zijn zeer zeker door de christelijke cultuur sterk beïnvloed.

Hans Boutellier over Bolkestein-zoon Wilders en de Westerse zelfrelativerende zwakte:

“Hij [Wilders] heeft de gespletenheid van het westerse relativisme tot spreken gebracht. Die kent verschillende varianten: We verdedigen het recht op zijn film, maar willen hem niet uitzenden. We omarmen de tolerantie, maar verafschuwen Wilders’ radicalisme. We verwijten hem de provocatie, maar verdedigen het recht op vrije meningsuiting.
We zien de noodzaak van verdediging van onze waarden, maar deze verhinderen ons te kunnen kiezen. Het westerse relativisme – een historisch hoogtepunt van beschaving – ontbreekt het aan het idioom om het te beschermen tegen de fundamentalistische ondermijning ervan. Wilders confronteert ons met deze essentiële zwakte, en noemt dat ten onrechte lafheid. Wat we te verdedigen hebben, is de westerse verworvenheid om zwak te kunnen zijn.
Deze gespletenheid verdraagt geen koste-wat-het-kost-waarheden. Zij ligt ten grondslag aan de ontwikkeling van de wetenschap, aan de democratie en aan de emancipatie van individuen en gemeenschappen onder de conditie dat zij zich voegen naar de gespleten ziel van de vrijheid.” (de Volkskrant 27-3- 2008)

“Prettige” kerstdagen gewenst:
De Burke Stichting als kerstboom

overige Bolkestein-blogs:
Oorlog en handel; Nederland en Mutter Courage
[over Bolkestein en het gifgas, nu zeer actueel zie http://www.vkblog.nl/bericht/293110/Slachtoffers_willen_geld_van_Van_Anraat)]

verder:
Bolkestein: moslims geen recht op eigen scholen
De fata morgana van een moslim-tsunami: Bolkestein en Bernard Lewis
Tegen en voor het consumentisme: Benjamin Barber, Peter Sloterdijk, Frits Bolkestein
Bolkestein, Wilders en Turkije
Guido Derksen over Bolkesteins anti-intellectuele integratiedenken
De deugden van prof. dr. Bolkestein ( 3)
De deugden van Frits Bolkestein (2)
De deugden van Frits Bolkestein (1)
Wilders, het kind van vader Bolkestein/ Turkije

zie ook mijn documentie over de rol die Bolkestein heeft gespeeld in de achtergrond van Edmund Burke Stichting en bij de opkomst van Wilders
http://www.passagenproject.com/conservatisme.html

Islamisten aan de tand voelen

30 comments

  “Sturen bij de moslimburen – hoe Europa de democratie kan bevorderen” heet een nieuw inspirerend boek van Joost Lagendijk (GroenLinks) en Jan Marinus Wiersma (PvdA) . Beiden zijn lid van het Europees Parlement. In dit boek ( besproken op 8 november in de Volkskrant en de NRC) stellen de auteurs dat wij niet bang moeten zijn voor islamisten, maar de dialoog met hen aangaan en bewijzen dat democratie loont.


De auteurs pleiten voor een vergaande dialoog, ook bijvoorbeeld met de Hamas. (Dit gaat veel PvdA’ers, zo bijvoorbeeld minister Bert Koenders te ver, die zegt alleen te willen praten met organisaties die geweld afzweren). Ook de moslimbroederschap in Egypte verdient volgens het boek ten dele een positievere waardering. De Wasat-partij moet erkend worden om daarmee een steun te geven aan duidelijk gematigde islamisten.

Toch is er in het boek ook een kritische lijn uitgezet. In dialoog gaan met islamisten betekent juist niet alles te pikken. Joost Lagendijk is als voorzitter van de Turkije-delegatie van het Parlement nauw betrokken bij de gesprekken tussen de Unie en de Turken over het EU-lidmaatschap van Turkije. Voor hem is het vanzelfsprekend dat Turkije de afspraken over vrijheid van meningsuiting en rechtstaat moet nakomen voordat Turkije lid van de EU kan worden. Door het onderhandelingsproces heeft de EU juist een positie om Turkije de goede kant op te helpen.

De auteurs geven in het hoofdstuk “Islamisten aan de tand voelen” – in navolging van de Amerikaanse denktank Carnegie Endowment for International Peace – een nuttige waslijst van kritische hoofdpunten, die gebruikt kunnen worden om islamitische organisaties of politici onder de loep te nemen ( ik heb de verklarende tekst ingekort en bijwerkt, in het boek worden veel meer voorbeelden gegeven)

1 Wat heeft voorrang, de sharia of de constitutionele democratie? Zijn de islamisten bereid zich te houden aan de regels van de con­stitutionele democratie? Ook wanneer er wereldse wetten worden aangenomen die zij niet in overeenstemming achten met de wet van Allah, de sharia? Zullen zij zich in hun verzet daartegen beper­ken tot democratische middelen? In navolging van de Turkse Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) vergelijken mediterra­ne islamisten zichzelf steeds vaker met de christendemocratische stroming in Europa, om hun democratische gezindheid te onder­strepen. Maar accepteren zij dan ook, net als de christendemocra­ten, dat het aan de parlementen en rechters is om te bepalen welke wetten toelaatbaar zijn? Of zullen zij, eenmaal aan de macht geko­men, deze toetsing toevertrouwen aan islamitische geleerden, die de wereldlijke autoriteiten kunnen overrulen?

2 Wordt een splitsing van religieuze beweging en politieke partij na­gestreefd? […] Godsdienst en politiek zijn twee zeer verschillende domeinen. Religie draait om absolute waarheden en de vrijwillige onderwerping daaraan door gelovi­gen. Politiek is een zaak van botsende meningen en belangen, van discussie en compromissen met andersdenkenden. Krijgen de po­litieke vertegenwoordigers […] van de religieuze leiding de vrijheid om hun oor te luisteren te leggen bij de kiezers, eigen standpunten te ontwikkelen en compromissen te sluiten? Die politieke ruimte is van levensbelang, want zij bepaalt in hoge mate of islamisten pragmatisch om kunnen gaan met morele kwesties die raken aan de sharia. Vraagstukken zoals het dragen van sluiers of het gebruik van alcohol, waarvan modale kiezers doorgaans minder wakker liggen dan religieuze scherpslijpers.

3 Hoe verloopt de interne besluitvorming? […] Deze vraag slaat ook  terug op de EU zelf. In openheid en de­mocratische controle blijft haar buitenlandpijler achter bij andere Europese beleidsterreinen. Europese diplomaten en islamisten kunnen wederzijds vraagtekens plaatsen bij elkaars geloofwaar­digheid.

4 Houden religieuze en etnische minderheden gelijke rechten? […] Kunnen zich ook niet-moslims aansluiten bij een pratij/organisatie? Interne pluriformiteit moet nagestreefd worden.

5 Welke rechten hebben vrouwen? […] Hoe is de opstelling ten opzichte van  scheidingsrecht, erfenissen en de toegang tot publieke functies? In sommige landen leveren de islamisten meer vrouwelijke parlementariërs dan de seculiere partijen. Om te be­oordelen wat vrouwen te vrezen hebben van de islamisten, moeten we hun standpunten en praktijken afmeten aan de standaarden van de regio, niet aan onze Europese maatstaven. Tegelijk mag Europa haar eigen opvattingen over gelijkberech­ting van vrouwen en seksuele minderheden niet verloochenen. Een debat hierover met islamisten is niet per se zinloos. We kun­nen erop wijzen dat het beroep op de universele mensenrechten de islamisten een politiek wapen in handen geeft tegen hun onder­drukkers. De EU-eis van respect voor de mensenrechten helpt de AKP in Turkije om, heel voorzichtig, belemmeringen voor gelovi­gen weg te nemen. Maar dat beroep op mensenrechten verliest aan geloofwaardigheid als deze rechten uitsluitend de vrijheid van de islam is ten mogen dienen, niet die van mensen met modernere le­vensstijlen. Egypte heeft zich aan het Internationaal Verdrag inza­ke Civiele en Politieke Rechten gebonden, maar ook aan het Ver­drag inzake de Uitbanning van alle Vormen van Discriminatie tegen Vrouwen. Als zij selectief keuzes maken uit deze verplichtin­gen doen de islamisten hetzelfde als de zittende regimes.

6 Worden internationale verplichtingen nageleefd? Die vraag geldt voor mensenrechtenverdragen, maar ook voor de akkoorden tussen Egypte en Israël.

7 Wat is het sociaaleconomische programma? Een liefdadigheidsnetwerk runnen is iets anders dan een staat be­sturen en een economie draaiende houden. Welke instrumenten willen de islamisten inzetten voor een eerlijker spreiding van inko­men? Hoe staan zij tegenover privatiseringen? Welke waarborgen komen er tegen cliëntelisme. Geen land is autarkisch. Economi­sche keuzes kunnen grote gevolgen hebben voor internationale handel en investeringen.
Zo ver “Islamisten aan de tand voelen”.

Ik vind deze lijst prima, alleen voldoen tal van Europese organisaties en partijen niet aan deze criteria….

 

De Leidse Cleveringa-oratie van Kees Schuyt: Democratische deugden

14 comments

Op maandag 27 november sprak prof.dr. Kees Schuyt de Cleveringa-rede uit aan de Universiteit Leiden, met de titel Democratische deugden.

Ik ben heel erg blij met deze rede die zeer veel gemeen heeft met mijn kritisch onderzoek over de Burke Stichting. Dit is geen toeval. Mijn onderzoek over de Leidse Burke Stichting en het intellectueel rechtspopulisme is sterk geïnspireerd door Schuyt, die zich op 1 juli 2005 in de Leidse Pieterskerk tegen een simpele veroordeling van de jaren ’60 door Leidse hoogleraren keerde. Hij eindigde toen met de woorden:
“Telkens opnieuw verzet aantekenen
Nieuwe rebelse tijden ontketenen!”

In zijn Leidse Cleveringa-oratie Democratische deugden keert zich Kees Schuyt tegen het vijand-denken van de Burke Stichting en de neoconservatieven. Mijn onderzoek ligt in het verlengde van hetgeen Kees Schuyt in de Pieterskerk en in zijn Leidse oratie zei, en hetgeen hij schreef in zijn columns en boeken zoals zijn recent verscheen Steunberen van de samenleving (2006).

Kees Schuyt gaat in zijn Leidse Cleveringa–oratie ook uitgebreid in op Bart Jan Spruyt, het neoconservatisme en Carl Schmitt ( vgl mijn eerdere blog over Schmitt en mijn onderzoek) . Over de nazi Schmitt, die het denken van sommigen Burkianen sterk heeft beïnvloed, schrijft hij: “Het vriend-vijanddenken werd tot het uiterste aangescherpt door de nationaal-socialistische rechtsgeleerde Carl Schmitt die in1932 de legale machtsovername juridisch voorbereidde en legitimeerde […] . Scherpe tegenstellingen vormen het wezen van de politiek, beweerde Schmitt, en de vijand die een existentiële bedreiging van het eigen ik vormde moest met alle geweld bestreden worden. De theoretische vijand in zijn rechtsleer was de eeuwige vijand uit Hitlers Mein Kampf.” (p. 16)

Andere belangrijke citaten uit Schuyts rede:
“Groepstegenstellingen kunnen worden gecreëerd, aangewakkerd, gemanipuleerd en uitgebuit, zoals de geschiedenis talloze malen heeft laten zien”. (p.14)
“Polarisatie staat tegenover pluralisme en het verdragen van complexiteit. ‘De complexe, gelaagde, naar alle kanten pluralistisch bepaalde problemen van de werkelijkheid verlangen dikwijls gelaagde en complexe oplossingen die conflictspanningen voorlopig verdragen, gecompliceerde kwesties openhouden en verschillende alternatieven beproeven’[Hacker] . Vereenvoudigingen […] leiden tot monocausale verklaringen, die gaan werken als zichzelf waarmakende voorspellingen.” ( p.33)
“Het kwaad komt in een sociaal gewaad; als aanvulling op de sterk moraalfilosofische analyse dient een sociologische en sociaal-psychologische analysen van de mechanismen die het kwaad conditioneren en/of begeleiden.”
“Het kwaad [komt] bijna nooit als een openlijke ontkenning van de morele wet, maar wordt het als iets goeds voorgesteld, als een gerechtvaardigde onderneming met eigen idealen en principes, waar velen achter kunnen staan en ook achteraan willen lopen.” (p.11)

Recente berichten

Categorieën

Tags

Archief