Kunst Wetenschap Politiek

Archive for the ‘ Moslims/islam ’ Category

De verboden wetenschapsmonologen/ er ontbreekt: Nasr Abu Zayd

9 comments

De Verboden Wetenschapsmonologen (muzikaal theater) vertellen de aangrijpende verhalen van academici die in hun eigen land vervolgd werden en in Nederland een veilige werkplek vonden.

De monologen zijn gebaseerd op echte verhalen van gevluchte wetenschappers.

Ik keek benieuwd naar de namen van de wetenschappers die figureren in de voorstelling, en miste een belangrijke naam:

De Egyptenaar, liberale moslim en balling Nasr Abu Zayd, oud-Cleveringahooglerar aan de Universiteit Leiden, overleden in 2010.

nasr De verboden wetenschapsmonologen/ er ontbreekt: Nasr Abu Zayd

Hij was sinds 1995 balling in Nederland nadat hij in Egypte tot geloofsafvallige werd bestempeld. Hij beschouwde de Koran als een zowel religieus alsook mythisch en literair werk.


Read more..

Revolutie is seksestrijd

2 comments

 Revolutie is seksestrijd

….schrijft Rob Vreken vandaag in de Volkskrant. “De moslimvrouw verandert snel van een onwetende, analfabete broedmachine in een geletterde burger met een klein gezin. De Arabische lente helpt haar daarbij.”

Socioloog Abram de Swaan schreef hier een boeiend boekje over, De botsing der beschavingen en de strijd der geslachten. De Swaan zoekt de verklaring voor de botsing der beschavingen binnen en buiten het Westen helemaal niet in religie, maar vooral in de verhouding tussen de seksen.

Anders dan bijvoorbeeld Afshin Ellian, die het niet kan laten te herhalen, dat politieke en sociale oorzaken het moslimterrorisme NIET de oorzaak van het terrorisme zijn, schrijft De Swaan:

“Zo is veel in het programma van de islamisten herkenbaar als voor de hand liggende en ook heel wel invoelbare verontwaardiging over de olieregimes die aan de leiband van de VS lopen, die de eigen grondstoffen aan vreemden uitverkopen en de opbrengsten verkwisten aan hoererij en praalzucht.” (p.8)
In hun vrouwenhaat staan de islamisten niet alleen: “Katholieken, gereformeerden, orthodoxe joden, hindoes, herboren christenen en nog vele, vele andere sektes en afgoderijen sluiten de vrouwen evenzeer uit. […] Overal waar religie zich in rechtzinnigheid verheft, worden om te beginnen de vrouwen vernederd. ( p.10)
[…] “Uiteraard knoopt deze extreme vrouwvijandigheid [bij islamisten] aan bij heersende tradities in de Arabische wereld, of beter bij de gebruiken en opvattingen in vrijwel alle overwegend agrarische, preïndustriële samenlevingen.”(p.12)

Volgens De Swaan en de Arab Human Development Reports nemen meisjes steeds meer deel aan het onderwijs, en verwerven zo een sterke sociale positie. “Dat ondermijnt de ooit zo vanzelfsprekende superioriteit van mannen aan vrouwen. De machtsbalans verschuift ten gunste van vrouwen in het privé-leven en op de arbeidsmarkt, waar mannen op voet van gelijkwaardigheid moeten concurreren met vrouwen. Dit proces heeft zich in het Westen over een verloop van eeuwen geleidelijk voltrokken, en vindt sinds enkele decennia schoksgewijs plaats in veel andere delen van de wereld.
Deze veranderende sociale kansen van mannen en vrouwen dragen volgens De Swaan bij aan de huidige religieuze radicalisering van jongens en meisjes. Angst voor verlies van de mannelijke superioriteitswaan dus, gecultiveerd in de godsdienst.

Verder meent De Swaan: “De inheemse Nederlanders en de immigranten zijn elkaar niets méér verschuldigd dan de vereisten van beleefdheid. Mishandeling in het huwelijk moet dan ook met strafrecht en hulpverlening bestreden worden. De beleefdheid vergt dat mensen hun uitspraken matigen, zeker wanneer ze zich namens de ene volksgroep over de andere uitlaten en dus ‘en gros’ spreken. Juist spot en krenking door buitenstaanders maken het onmogelijk om de loyaliteit met de eigen mensen te verbreken. “(p.25)

Wie de moslima’s wil helpen in hun strijd voor vrijheden kan volgens mij beter niet met polariserende generalisaties aankomen, maar moet hen in hun eigen concrete politieke en sociale eisen ondersteunen.


Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Arabische Revolutie

1 comment

Thijs Berman en Emine Boskurt schrijven vandaag in de Volkskrant over de Arabische Revolutie, die leert dat de bevolkingen van Tunesië, Egypte, Lybië, Bahrein, Jemen en Oman geen sharia, maar vrijheid, sociale rechtvaardigheid en werkgelegenheid eisen.

De islamkritiek (=moslims zijn niet in staat tot vrijheid en democratie) is failliet.

Mijn blog “Moslims willen vrijheid” over het onderzoek van Dalia Mogahed werd twee jaar geleden weggehoond.

Ik herhaal het bij deze gelegenheid.


daliamogahed Arabische Revolutie

Wie spreekt namens de islam? is het resultaat van een groot onderzoek van Gallup in de periode 2001-2007 onder inwoners uit meer dan 35 landen met veel moslims.
Alles bij elkaar is de steekproef representatief voor meer dan 90 procent van de 1,3 miljard moslims. De meerderheid van de moslims wordt niet gehord, zo stellen Esposito/Mogahed. Opinieleidersverdienen veel geld met het verspreiden van negatieve en onjuiste opvattingen over de islam.
Wie spreekt namens de islam? gaat over de meerderheid wier stem niet gehoord wordt.
Wie denkt dat moslims geen vrijheid willen heeft het grondig mis.



Dalia Mogahed:

“[Het is een Westerse Mythe] : “Ze haten ons om onze vrijheid … “

“Hoe wij in het Westen denken over moslims en de islam is essentieel voor het maken en het slagen of mislukken van ons beleid en voor onze relaties met een groot deel van de moslimwereld. Veel mensen gingen er altijd van uit dat “ze ons haten vanwege onze democratie, vrijheden, cultuur, waarden, en ons succes/onze vooruitgang”. [p 132]

“Het Amerikaanse beleid dat is gericht op meer democratie in het Midden-Oosten stemt over­een met de gevoelens van een grote meerderheid van de respondenten die aangeven dat ze de politieke vrijheid in het Westen bewonderen en dat ze meer zelfbeschikking belangrijk vinden en nastreven.”
“Op de vraag wat men het meest bewondert van het Westen werden door zowel de politiek radicalen als de gematigden [onder de moslims] de volgende drie antwoorden het vaakst genoemd: (1) technologie; (2) de westerse waarden, hard werken, eigen verantwoordelijkheid, de rechtsstaat, samenwerking; en (3) rechtvaardig politiek systeem, democratie, respect voor mensenrechten, vrijheid van meningsuiting, gelijkheid tussen de seksen. “
[p 81]

“Ik bewonder hun vrijheid. Ze geven om mensenrechten.Er is democratie en gelijkheid. Hun technologie is hoog ontwikkeld.” – een Turkse respondent

Echte vrijheid, economische en wetenschappelijke ontwikkelingen, gelijk­heid, rechtvaardigheid.”- een Iraniër

“De vrijheid en mogelijkheden en tolerantie ten opzichte van elkaar.” – een Marokkaan.

Mogahed gaat ook uitvoerig in op de kwestie van de Mohammed–cartoons, en benadrukt dat het beeld dat het hierbij om een cultuuroorlog van het Westen tegen de islamitische landen grondverkeerd is.

“Reageerden moslims zo heftig omdat ze de vrijheid van menings­uiting niet begrepen of daar niet achter stonden? De onderzoeksgege­vens van Gallup, waaruit blijkt dat moslims de vrijheid en vrijheid van meningsuiting van het Westen bewonderen, laten iets anders zien. In de kern gaat deze zogenoemde botsing, of “cultuuroorlog”, niet over democratie en de vrijheid van meningsuiting, maar over geloof, identi­teit, respect (of het gebrek daaraan) en publieke vernedering. Zoals de Franse chassidische rabbijn Joseph Sirruk ten tijde van de cartoon­rellen tegen Associated Press zei: “Religies door het slijk halen, belache­lijk maken en er een karikatuur van maken, leidt tot niets. Het getuigt van gebrek aan eerlijkheid en respect.”

Veel Britse en Franse burgers zijn het daarmee eens. Uit represen­tatief onderzoek van Gallup in beide landen blijkt dat een meerder­heid van de Britten (57%) en een grote hoeveelheid Fransen (45%) vindt dat het afdrukken van een beeld van de Profeet Mohammed niet moet zijn toegestaan onder de vlag van de vrijheid van menings­uiting, terwijl respectievelijk 35% en 40% zegt dat het wél toege­staan moet zijn. De Britten en Fransen waren nog uitgesprokener in hun afkeer van andere uitingen die mogelijk onder de vrijheid van meningsuiting vallen: meer dan 75% van beide bevolkingsgroepen vindt dat een cartoon waarin grappen worden gemaakt over de Holocaust niet binnen de grenzen van de vrijheid van meningsuiting hoort te vallen, en ongeveer 86% van de Britten en Fransen vindt dit ook over kranten die racistische laster afdrukken.

Het is duidelijk dat voor veel Europeanen de vrijheid van meningsuiting genuanceerd ligt en afhankelijk is van de context; het is niet zo zwart-wit.
En toch werd de cartoonkwestie voorgesteld als een conflict tussen het absolute recht van de vrijheid van meningsuiting in het liberale Westen versus de gewelddadige intolerantie in de moslimwereld. Door die voor­stelling van zaken konden niet-representatieve groepen aan beide kanten het debat monopoliseren, en de mensen met een gematigde opvatting die pleitten voor betere onderlinge relaties en meer begrip tussen mos­lims en westerse gemeenschappen raakten van de discussie vervreemd. Onbedoeld werden hierdoor religieuze extremisten en een aantal auto­cratische heersers die roepen dat de “westerse” democratie antireligieus en onverenigbaar met de islam is in de kaart gespeeld, en xenofobe en islamofobe deskundigen kregen de kans om hetzelfde te beweren.

De moslims die meededen aan rellen [waren] niet kwaad omdat ze de waarde van de vrijheid van meningsuiting niet begrepen. Het ging er veel meer om wie dit principe oplegde, op welke manier, aan wie – en met welke veronderstelde motieven.
Zo vertelde een Palestijnse demonstrant aan een verslaggever van Al-Jazeera dat de argumenten die Europa aanvoerde over de vrije meningsuiting blijk gaven van een dubbele standaard, omdat het in Duitsland wettelijk is verboden de Holocaust te ontkennen: “Het is oké om moslims maar niet om joden te beledigen.” Een andere blog­ger vroeg zich af waarom, als de vrijheid van individuele expressie zo wordt gekoesterd in Europa, dat dan niet gold voor meisjes in Frankrijk die zelf wilden bepalen wat ze droegen, bijvoorbeeld een hoofddoek op publieke scholen.“ [p 139]


“Moslims bewonderen de technologie en vrijheid in het Westen het meest, en associëren deze kwalificaties niet met Frankrijk, Japan of Duitsland, maar vooral met de Verenigde Staten. Dat men van het Westen in het algemeen, en de Verenigde Staten in het bijzonder, vindt dat er een “rechtvaardig rechtssysteem” is en dat “de eigen burgers veel vrijheden” hebben, en bovendien dat Amerika zichzelf presenteert als voorvechter van mensenrechten, is precies de reden waarom de Amerikaanse acties tegen moslims, zoals in Guantánamo, de Aboe Ghraib-gevangenis en andere mishandelingen, zo hypocriet worden gevonden. “ [p 154]

Zie ook het interview met Olivier Roy in de NRC van 3 maart, die stelt dat het Westen de recente ontwikkelingen in Tunesië, Egypte en Libië met een verouderde bril heeft bekeken: „Commentatoren gebruikten een dertig jaar oud model, gefundeerd op de Iraanse islamitische revolutie en gebaseerd op angst voor de islam.”

“Volgens Roy is de revolutie in Noord-Afrika een „postfundamentalistische revolte”. De motor is niet Al-Qaeda of Iran, maar een jonge generatie die niet ideologisch, maar praktisch is, en seculiere doelen nastreeft.”

“„Wat in Noord-Afrikaanse landen gebeurt, toont aan dat democratie en islam helemaal niet tegenovergesteld zijn en best kunnen samengaan. Deze nieuwe generatie van internetmoslims die de democratie steunen bestaat ook in Europa. Mijn boodschap is dat de ontwikkelingen in Egypte en Tunesië aantonen dat de moslims zich aan de democratische en seculiere maatschappij aan het aanpassen zijn.”

Zie ook het artikel over de Arabische lente van Grethe van Geffen en John Grin ook in de NRC van 3 maart, die terecht wijzen op WRR-rapport Dynamiek in islamitisch activisme dat een toenemend aantal islamitische filosofen, feministen en studentenbewegingen in landen als Algerije, Indonesië, Egypte, Tunesië en Marokko beschrift– bewegingen die democratische beginselen en mensenrechten centraal stelden.

Het rapport werd neergesabeld, op een stuitende manier, in de NRC door onder meer Afshin Ellian, die nu inmiddels God zij dank de NRC niet meer mag gebruiken voor zijn anti-islam hetze.

(naar aanleiding van het rapport en Ellians reactie toen heeft de NRC overigens een kritische lezersbrief van mij gepubliceerd)

Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Geert-Wilders-tulp: de islam is van Europa!

3 comments

Naar aanleiding van de doop van de Geert Wilders tulp:

tulpen voor wilders Geert Wilders tulp: de islam is van Europa!

 

Het woord “tulp” is afkomstig van het Perzische woord ‘tulipan’ wat tulband betekent. Kopvodden, dus.

De vermeend typisch Nederlandse tulpen zijn, zoals veel andere cultuurproducten, een import uit andere culturen

 

Wen er maar aan: de islam is evengoed Europa’” zegt Oxford-hoogleraar Eugene Rogan over zijn boek ‘The Arabs: A History’, dat door The Economist en The Financial Times tot een van de beste non-fictieboeken van 2009 werd uitgeroepen. [NRC, 2-4-2010]

Rogan: “Er is in de Arabische wereld sprake van een strijd voor politieke dominantie tussen islamisten en seculieren. Maar omdat we tegenwoordig zo gericht zijn op de rol van islam in de politiek is er een neiging om de seculiere krachten af te schrijven. Toch blijft dit een dominante politieke stroming in de Arabische wereld.”

Op de vraag ”Wat zijn historische verklaringen voor de lage scores op ontwikkelingsgebied waar het Arab Human Development Report op wijst?” antwoordt Rogan:

,,Eén van de belangrijkste verklaringen zijn de regionale conflicten. Ik woonde als tiener in Beiroet. Toen de burgeroorlog daar uitbrak zijn we naar Kairo verhuisd, in 1976. In Libanon heb ik de erbarmelijke omstandigheden gezien in de Palestijnse vluchtelingenkampen. Ik heb van dichtbij meegemaakt hoe Libanon met vredig naast elkaar levende geloofsgemeenschappen in korte tijd desintegreerde. De Jom Kipoer-oorlog van 1973 en de beelden van Israëlische straaljagers die Palestijnse vluchtelingenkampen bombarderen zijn in mijn geheugen gegrift. Deze instabiliteit betekende dat ontwikkeling een lagere prioriteit kreeg dan veiligheid. Een onevenredig hoog aandeel van de staatsbegrotingen gaat steevast naar defensie- uitgaven, vooral in de buurlanden van Israël. Sommige landen geven meer uit aan propaganda dan aan onderwijs. De dominantie van de staat in de economie heeft economische ontwikkeling beperkt. Veel zaken die de Arabische bevolking hadden kunnen helpen om aansluiting te hebben met de internationale economie, zijn gefrustreerd door eenpartijsystemen en militairen in de politiek.”

En op de vraag: “Wat voor rol ziet u voor moslims in Europa?” antwoordt Rogan:

,,Tweede en derde generatie moslims zijn Europese burgers. Zij hebben, net als elke andere Europeaan, het recht om bij te dragen aan de Europese cultuur. Europese democratieën moeten niet de waarde van burgerrechten vergeten.

,,En als historicus wil ik wijzen op de historische aanwezigheid van de islam in Europa. De islam is niet wezensvreemd aan Europa. We hebben het bestaan van de islamitische eeuwen in Europa in een daad van collectieve geheugenverlies uit de geschiedenis geschreven. Dit creëert een groot deel van de huidige misverstanden. Men dient niet meer te spreken van islam in Europa, maar een islam van Europa.”

De tulp is hiervan een symbool, voeg ik eraan toe.

Hier een samenstelling van mijn vele eerdere Wilders-kritische blogs:

http://passagenproject.com/blog/2011/02/19/wilders-kritiek-neemt-toe/

 

Vertalen Duits Vertaalbureau Duits


Maurits Berger over Wilders’ takiyya- onzin

23 comments

De aanname dat moslims hun ware bedoelingen zouden verhullen – bekend als takiyya – is onzinnig, betoogt de Leidse hoogleraar en islamoloog Maurits Berger in de NRC van 28 oktober 2010.
Moslims kennen volgens hem het fenomeen niet eens.



Geert Wilders zei afgelopen dinsdag dat de moslims in Nederland zouden zich schuldig maken aan takiyya.


Uit het artikel van Berger:


“Takiyya” stamt uit de shi’itische stroming van de islam en betekent dat men het eigen geloof verdoezelt.


[…]  waar komt deze term opeens vandaan? De bron ligt bij enkele westerse auteurs die waarschuwen dat moslims in het Westen nog zo aardig en geïntegreerd mogen zijn, maar dat het allemaal toneel is om ons een rad voor ogen te draaien om hun werkelijke bedoelingen te verbloemen. En die werkelijke bedoelingen zijn dat zij deze verdorven westerse samenleving het liefst de nek willen omdraaien om er een islamitische heilstaat voor in de plaats te vestigen.


En waar halen deze auteurs die opvatting vandaan? Zij blijken elkaar vooral over te schrijven en verwijzen daarbij naar enkele islamitische extremisten die in hun jihadistische verhandelingen hebben verkondigd dat de terrorist er verstandig aan doet om zich anders voor te doen dan hij is om geen verdenking op zich te laden. Dat is niet verwonderlijk: iedere aanslagpleger doet dat. En in het geval van de jihadistische extremist wordt dat soort aanbevelingen in islamitisch jargon verpakt.


Maar moeten nu alle moslims verdacht worden van takiyya? […]
Daarmee zitten de moslims mooi klem. Zij kunnen nooit bewijzen dat zij niet aan takiyya doen, want iedere ontkenning is een bevestiging ervan. Alsof zij zeggen: ‘Nee hoor, ik ben geen leugenaar.’


Het is schokkend om vast te stellen dat veel mensen in Nederland geloven dat takiyya een belangrijk leerstuk is van de islam [...terwijl dit absoluut NIET het geval is, M. T]




Uit de Volkskrant van 30 oktober:

“De PVV heeft een nieuw woord toegevoegd aan het Nederlandse vocabulaire: takiyya. Het zou een islamitische regel zijn die moslims een vrijbrief geeft om te liegen. Aperte onzin, volgens islamkenner Maurits Berger.”

Berger: “‘Hoe durft Wilders te strooien met islamitische termen waar hij geen benul van heeft? Takiyya is een begrip uit de Middeleeuwen. Het ergert mij dat zo’n leerstuk van vroeger op de moslims van nu wordt geplakt. Het is alsof je beweert dat christenen denken dat vrouwen die blijven drijven, heksen zijn.’

Het begrip takiyya staat in de Koran. In de Middeleeuwen legde de sjiitische minderheid het begrip uit als liegen over je geloof als de omstandigheden daartoe dwingen. Berger: ‘Maar de moslims in Nederland zijn soennieten. Die hebben het begrip nooit op die manier uitgelegd. Alleen onder extremistische groeperingen doet die geheimhouding nog de ronde. Maar dat is bij andere terreurgroepen niet anders.’


“‘Wie ontkent dat hij weet wat takiyya is, is toch verdacht. Het is nooit te bewijzen dat je je er niet schuldig aan maakt. Dat maakt het zo’n ernstige beschuldiging.’

De Leidse hoogleraar vindt het een ‘totale schande’ dat Wilders en Bosma het begrip hebben geïntroduceerd. ‘Hoe haalt iemand van een partij, die onderdeel is van de regering het in zijn hoofd om zoiets te zeggen? Dit is apert haatzaaien. Het is zeggen: een groep mensen is potentieel staatsondermijnend en bedreigend.’

Er zit voor moslims niets anders op dan hun schouders op te halen, vindt Albayrak. ‘Ik voel me niet aangesproken. Volgens Wilders hebben alle moslims een verborgen agenda en leven ze naar de letter van de Koran. Ik zie een andere werkelijkheid.’”

Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

Wilders-deskundige Hans Jansen, een vijand van de liberale islam

61 comments

‘Arabist in proces-Wilders is niet onpartijdig’


hansjansen Wilders deskundige Hans Jansen, een vijand van de liberale islamschrijven Annieke Kranenberg  en  Remco Meijer vandaag in de Volkskrant.
Dat klopt, Hans Jansen is absoluut niet onpartijdig.


Hans Jansen is een vijand van de liberale islam.


De internationaal erkende liberale korandeskundige en Leidse Cleveringahoogleraar 2001 Nasr Abu Zayd wordt door Jansen met haat achtervolgd:
Alles wat hij [Abu Zayd]  in zijn bijdrage over de Koran en de islam zegt, is apologetische verouderde flauwekul” schrijft Jansen.



Jansen verspreidt leugens over Abu Zayd zoals:  ”Scheffer heeft gemerkt dat deze man [Abu Zayd] zijn weldoeners en asielverleners in zijn geschriften regelmatig als ‘de vijand’ aanduidt. Niet de moslimactivisten die hem wegens vermeende afvalligheid van de islam naar het leven staan zijn voor Abu-Zayd de vijand, maar degenen die hem toevlucht verschaffen.” Zie voor discussie van de feiten mijn blog hierover: Paul Scheffer en Hans Jansen over Nasr Abu Zayd

In de Rode Hoed hoorde ik in juni 2007 Jansen roepen:

“De islam, een geschiedenis van 1500 jaar moord” .


Jansen is beslist een Wilderiaan. Maar ik zou niet weten waarom Wilders hem dan niet als deskundige mag oproepen!

Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Wilders wil Afshin Ellian als deskundige

89 comments

wilders Wilders wil Afshin Ellian als deskundigeWilders wil graag de Leidse jurist Afshin Ellian als deskundige laten horen, om “aan te tonen dat de islam in essentie tot kwaad aanzet” (NRC 20-1-2010).

De juristen die de weg voor Wilders hebben gebaand mogen dus nu (als de rechter dit toestaat) vertellen waarom Wilders gelijk had.

Leuk. De slang bijt in zijn staart.


ellian Wilders wil Afshin Ellian als deskundigeWat Afshin Ellian van de islam vindt, dat weten wij. Hij vergelijkt de islam met de pest.

De islam is een structurele wantoestand die al ruim veertienhonderd jaar alle aspecten van opvoeding, cultuur, economie, politiek en omgangsvormen overheerst. [....] Het lijkt op de pest: waar de islam ook komt overheerst armoede, gebrekkige ontwikkeling, analfabetisme, onderdrukking, corruptie, frustratie en vooral geweld.”[1]

Een religie met de pest vergelijken, dat vind ik persoonlijk absoluut niet kunnen.


[1] Wie is die vrolijke ketter? In: Brieven van een Pers, p. 227.


Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Scepsis en hoop- Peter Sloterdijk over de islam/ Het heilig vuur

35 comments

sloterdijk heilig vuur Scepsis en hoop  Peter Sloterdijk over de islam/ Het heilig vuur
Peter Sloterdijk is voor mij de belangrijkste hedendaagse denker.
 
 Zijn “Kritiek van de cynische rede” heeft mij diep beïnvloed en is de grondslag van mijn handelen en denken. Het Passage(n)project is in feite een poging om Sloterdijks neo-Nietzscheaanse filosofie en Vrolijke Wetenschap in de praktijk te brengen.
 
Sloterdijk sluit in zijn schriften ook sterk aan bij Walter Benjamin, die het Passagenproject de naam heeft gegeven.
 
Sloterdijk publiceert regelmatig over religie. Zijn boek “Het heilig vuur, Over de strijd tussen jodendom, christendom en islam  biedt een schat aan provocerende beschouwingen.
 
Wat ik bijzonder interessant vind bij Sloterdijk dat is dat hij een meedogenloze kritiek op de islam a la Bernard Lewis combineert met een zeer gedifferentieerde visie op de ontwikkeling van de islam, die helemaal niet op de lijn ligt van Lewis en de neocons.
 
In “Het heilig vuur” gaat het in de kern om de “domesticatie van jodendom, chris­tendom en islam in de geest van de goede samenleving” ( p 118).
 
In de eerste plaats ziet Sloterdijk, net als de neocons, de islam als een militante godsdienst, die historisch gezien militanter was dan het christendom:
 
De plicht om te groeien was aan deze godsdienststichting [de islam] niet minder inherent dan aan de zendingsopdracht van Paulus, met dit verschil dat de politiek-militaire dynamiek hier a priori een onlos­makelijke eenheid vormde met de religieuze. Mohammed knoopte aan bij de verscherping van het post-Babylonische jodendom, die voortleefde in de fanatieke toespitsing van Paulus, en ontwikkel­de vanuit deze richtlijnen een integraal militantisme.”( p. 71)
 
“De constitutieve rol van de militaire factor wordt be­vestigd door het feit dat binnen de canonieke geschriften over de profeet een aparte groep, de zogenaamde maghazi-literatuur, over niets anders gaat dan de veldtochten van Mohammed.”( p. 71)
“De islamitische geloofsijver wordt van meet af aan gekenmerkt door de vroomheid van de zwaardridder, ondersteund door een rijk opgetuigde mystiek van het martelaarschap.”( p 76)
 
“Wat zich afspeelt in de islamitische gebedshuizen, deze gymnasia van de godsvrucht, dient dus niet alleen om het geloof tot uitdruk­king te brengen. De betrokkenheid op het transcendente, die da­gelijks met lichaam en ziel wordt gevierd, heeft evenzeer het effect dat men in vorm blijft voor projecten van heilige strijdbaarheid. In ethisch en pragmatisch opzicht is de islam er met deze voor alle moslims geldende plicht tot het rituele gebed in geslaagd om het leven van alledag volkomen te laten doordringen door het heilig vuur. De allerhoogste plicht is geheugenactiverende fitness: deze staat gelijk met de geest van de wet zelf. “ ( p 72)
 
Toch maakt zich al meteen een bepaalde ironie geldend als Sloterdijk schrijft:
“De explosieve uitbreiding van de islam in de anderhalve eeuw na de dood van de profeet behoort ontegenzeglijk tot de po­litiek-militaire wereldwonderen, en wordt alleen overtroffen door de in omvang en intensiteit nog belangrijker uitbreiding van het Britse wereldrijk tussen de zeventiende en de negentiende eeuw. Dat deze razendsnelle, zij het regionaal begrensde wereldverove­ring werd gevoed door de authentieke intenties van de islam en zijn Heilige Schrift, kan geen ogenblik betwijfeld worden.” ( p 72)
 
Volstrekt anders dan Bernard Lewis en de neocons, die de islam vanuit een apocalyptische visie benaderen, kijkt Sloterdijk in de toekomst:
 
“Omstreeks 2050 zul­len ontwikkelde Europeanen bij het zien van de chronische stuip­trekkingen van islamitische ‘maatschappijen’ misschien af en toe moeten terugdenken aan de strijd uit de periode van de reformatie -meer nog echter aan de antimoderne koppigheidsfase van het ka­tholicisme, die duurde van 1789 tot aan het Tweede Vaticaans Con­cilie en die, zoals we ons nog altijd met verbazing voor de geest ha­len, tot voordeel van alle betrokkenen eindigde met de verzoening tussen theocentrisme en democratie. “ ( p 79)
 
Centraal in de beschouwing van Sloterdijk is dat hij af wil van het Zwart-Wit denken; van het of-of–denken, dat in de logica “Tertium non datur” wordt genoemd.
 
“Tertium datur”: er is een derde weg, dat is Peter Sloterdijks credo, of liever gezegd, misschien is die derde weg er nog niet, maar we gaan hem bouwen.
 
“Meerwaardigheidsdenken” noemt Sloterdijk deze derde weg. Zwart-wit-denken (= binair denken) kent maar twee toestanden;  zwart en wit;  goed en kwaad;  terwijl meerwaardigheidsdenken een scala van grijs kent en zoekt.
 
Over het meerwaardigheidsdenken in de islam schrijft Sloterdijk:
 
“Ook op het terrein van de monotheïstische geloofsijver zijn er redenen voor de overgang naar het meerwaardige denken. Juist de islam, die verder toch vooral bekendstaat om zijn hartstocht voor de strikte eenwaardigheid, heeft een exemplarische doorbraak be­reikt naar het scheppen van een derde waarde. Dit gebeurde toen voor de aanhangers van de boekreligies de dwang werd opgeheven om te kiezen tussen de Koran of de dood. Met de invoering van de dhimmi-status, die in feite een onderwerping zonder bekering be­tekent, ontstond er een derde mogelijkheid tussen het ja en het nee tegen de moslimgodsdienst. Dit wordt soms verkeerd opgevat als een vorm van verdraagzaamheid-dat begrip is tamelijk onislami­tisch, en ook tamelijk onkatholiek-, terwijl het eerder als een pri­mitieve uiting van meerwaardig denken moet worden beoordeeld. Voor de onderworpenen betekende dit hetzelfde als overleven, voor de onderwerpers betekende het de ontdekking van een mogelijk­heid om de plicht tot massamoord te ontlopen.” ( p 106)
 
Als disciplines die het offi­ciële meerwaardige denken hebben voorbereid, noemt Sloterdijk vooral “het principe van de trapsgewijze hiërarchische ordening en de nega­tieve theologie [...] , daarnaast ook de hermeneutiek als kunst van het meerzinnige lezen en last but not least de ontwikkeling van de monotheïstische humor. “ ( p 110/111)
 
Vooral de nadruk op de hermeneutiek is voor mij belangrijk, omdat de hier vaak genoemde oud-Cleveringa-hoogleraar Nasr Abu Zayd degene is die de hermeneutiek op de islam toepast. (zie Verlichting in het Islamitisch denken)
 
Sloterdijk:
“De vormen van hermeneutiek, zoals die in de omgang met de heilige geschriften ontwikkeld worden, kunnen eveneens gelden als leerschool voor meerwaardig denken. Dit komt vooral door de omstandigheid dat de beroepsmatige schriftuitleggers zich met een gevaarlijk alternatief geconfronteerd zien. Het handwerk van het interpreteren vraagt uit zichzelf alom derde wegen, want zo­dra het goed en wel begonnen is, komt het voor de onaanvaardbare keuze te staan om de goddelijke boodschap ofwel te goed, ofwel te slecht te begrijpen. Beide opties zouden noodlottige consequenties met zich meebrengen. Zou de uitlegger het heilige boek zo goed begrijpen als alleen de schrijver dat zou kunnen, dan zou hij de in­druk wekken God op de schouder te willen kloppen en verklaren het geheel met hem eens te zijn-een pretentie die de hoeders van heilige tradities niet bepaald appreciëren. Zou hij het daarentegen in strijd met de consensus begrijpen, of sterker nog het boek vol­strekt duister of onzinnig vinden, dan zou er wel eens demonische verstoktheid in het spel kunnen zijn. In beide gevallen voldoet de uitlegger niet aan de norm en stelt hij zich bloot aan de reactie van de orthodoxie, die zoals bekend nooit kleinzerig was wanneer het erop aankwam ketters te laten zien wat de grenzen zijn. De religi­euze hermeneutiek is dan ook a priori op het tussengebied tussen twee vormen van godslastering aangewezen en moet zich daar in evenwicht zien te houden. In geen andere situatie is er een beter motief om voor een derde mogelijkheid te kiezen. Als je niet zo­danig met de bedoelingen van de schrijver mag versmelten dat je de indruk wekt hem beter te begrijpen dan hij zichzelf bij het dic­teren van de tekst begreep, maar ook zijn boodschap niet zo mag miskennen alsof hij een vreemde was die ons niets te zeggen heeft, dan is het uitwijken naar een middenpositie voorspelbaar. Het tus­senrijk van de uitlegging is de vertrouwde omgeving voor het zoe­ken naar een juist begrip van de heilige tekens; principiële onvol­maaktheid biedt voor zulk begrip alle kans. Ik hoef niet omstandig uit te leggen dat deze arbeid in de schemering van een altijd slechts gedeeltelijk onthulde betekenis bij uitstek geschikt is om het extre­misme te breken “(p 112/113)
  
 
Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Bolkestein: moslims geen recht op eigen scholen

115 comments

Lees hier het huidig artikel in het Nederlands Dagblad

Uitvoerig heb ik in mijn
documentatie over de Edmund Burke Stichting de continuïteit beschreven in het denken van Frits Bolkestein met de gedachten van Geert Wilders; en de tussenlink tussen beiden, de Leidse Edmund Burke Stichting, die Wilders in het zadel heeft geholpen. Frits Bolkestein is geestelijke vader van Wilders, met wie de Burke Stichting via Burke-directeur Bart Jan Spruyt in 2004/2005 een politiek samenwerkingsverband is aangegaan.

Interessant en sprekend is het feit dat Wilders zijn werkkamer in het gebouw van de Tweede Kamer in 2006 heeft ingericht met het meubilair dat hij overnam van Frits Bolkestein (NRC 24-2-2007).

Tot nu toe heeft men altijd gemeend een groot verschil te kunnen vaststellen tussen “echte liberalen” zoals Bolkestein, en autoritaire verbods-populisten zoals Wilders. Ik ben al lang van overtuigd dat dit verschil niet zo groot is als velen denken, en mijn mening wordt bevestigd door de dingen de Leidse hoogleraar prof. dr. Bolkestein in het Nederlands Dagbald vertelt. De vrijheid van onderwijs is van Bolkestein niet voor moslims:

“De vrijheid van onderwijs die aan christenen het recht op eigen scholen geeft, biedt moslims niet automatisch hetzelfde recht. ‘Wij leven in een gelijkheidscultuur. Maar mensen zijn ongelijk. En godsdiensten ook.’

Dat zegt VVD-prominent Frits
Bolkestein vandaag in een interview met het Nederlands Dagblad . Volgens de liberaal is de vrijheid van onderwijs door jarenlange schoolstrijd nauw verweven met de Nederlandse samenleving. ‘Er is geen enkele reden om dat recht ook aan andere scholen zoals islamitische te gunnen.’ ”

De vrijheid van onderwijs wordt in Nederland niet iedereen gegund; scholen moeten aan kwaliteitscriteria voldoen, en dat is goed zo.
De kwaliteit van vele islamitische scholen is onder de maat; en dat kan en mag niet zo blijven.

Van Bolkestein geldt vanaf nu niet het kwaliteitscriterium, maar wordt het criterium van de religie gebruikt.

Geen scholen voor moslims.

Het rechtse liberalisme was nooit liberaal en laat nu zijn anti-liberale tanden zien.

Dank aan degene die mij op het artikel in het Nederlands Dagblad heeft geattendeerd…het is zeker niet mijn gewoonte om op zaterdag ochtend naar de site van het ND te sufen…

Lees de koran met historische afstand!

no comment

Dit is vandaag de oproep van Burke-Stichting- vice-voorzitter Bart Jan Spruyt in de Volkskrant.
Ik val hem van harte bij.

Al jaren pleiten de Leidse oud-Cleveringa-hoogleraar Nasr Abu Zayd en anderen, zoals Mohammed Arkoun, in Nederland en internationaal voor een contextuele lezing van de koran.

Helaas worden de mensen zoals Abu Zayd, die voor een contextuele lezing van de koran  en voor een liberale islam pleiten niet alleen van de radicale islamieten afgewezen, maar ook van anti-islamitisch Nederland. Anti-islamitisch Nederland ( Cliteur, Ellian, Hirsi Ali, Hans Jansen, Ehsan Jami, Wilders) pleit namelijk voor een letterlijke lezing van de koran.

Spruyts Burke-collega Paul Cliteur bijvoorbeeld, Nasr Abu Zayds collega in Leiden, heeft nooit de dialoog gezocht met Abu Zayd.  Wel valt hij graag Abu Zayd en diens liberale visie op de islam persoonlijk aan.

In de NRC van 29-8-2006 vraagt Elsbeth Etty aan Afshin Ellian:” als er geen gematigde islam bestaat, maar er bestaan wel gematigde moslims [...] , zijn dezen dan afvallig?” Paul Cliteur, die Ellian naar Leiden heeft gehaald, heeft al een zeer duidelijk antwoord op Ettys vraag gegeven, namelijk: ja.

In twee uitgebreide artikelen in Civis mundi[1] heeft hij de moeite genomen de Leidse oud-Cleveringa-hoogleraar en inmiddels WRR-auteur, de liberale moslim Nasr Abu Zayd als moslim en als wetenschapper onderuit te halen ( onderuit te schoppen, zou ik liever willen schrijven). Cliteur schrijft over Abu Zayd, die in Egypte door de moslimfundamentalisten werd vervolgd: “Het is natuurlijk wrang wanneer iemand [die, M.T.] in zijn eigen land zoveel problemen heeft ondervonden met moslim-fundamentalisme in zijn nieuwe gastland te horen krijgt dat de fundamentalisten in zekere zin gelijk hadden. Toch moet ik dat doen.” (Civis mundi 41, p. 221) Cliteur weigert Abu Zayd als gelovige moslim te beschouwen. Voor Cliteur is Abu Zayd een afvallige en een atheïst- en het maakt voor hem niet uit wat Abu Zayd zelf hierover zegt. (p.222). Ook kunnen “wij” volgens Cliteur Abu Zayd niet serieus nemen als wetenschapper (p. 225) .
Cliteur baseert overigens zijn kritiek op één autobiografisch boek, hij haalt de wetenschappelijke publicaties van Abu Zayd niet aan.

In het tweede artikel When in Rome… herhaalt Cliteur zijn vijandige argumentatie tegen Abu Zayd. Maar deze keer heeft hij ook een Goede Moslim aan te bieden, die hij als kontrast tegenover de Slechte Moslim Abu Zayd kan stellen: Afshin Ellian. Wat Cliteur bij Ellian zo bevalt, dat is het feit dat hij bij Ellian een kritiek “op de islam an sich” aantreft- “niet alleen op de verschillende interpretaties van de islam [...] “. “Dat [de kritiek op de islam an sich] betekent kennelijk dat de zaak niet helemaal hopeloos is .” ( p. 21)   De Goede Moslim Ellian is de volledig geseculariseerde moslim die bovendien slecht spreekt over de islam. Ellian over de islam: “De islam is een structurele wantoestand die al ruim veertienhonderd jaar alle aspecten van opvoeding, cultuur, economie, politiek en omgangsvormen overheerst. [....] Het lijkt op de pest: waar de islam ook komt overheerst armoede, gebrekkige ontwikkeling, analfabetisme, onderdrukking, corruptie, frustratie en vooral geweld.”[2] Oud-marxist Ellian vervalt hier in een typische denktrant van oud-marxisten: in plaats van de economie als allesbepalende factor, wordt nu de religie als allesbepalende factor gezien. De Parijse hoogleraar arabistiek Mohammed Arkoun: “De overvloedige politieke literatuur vervalt in dezelfde fouten [als het marxisme] als zij van de verdinglijkte, verstarde, tijdloze en gebanaliseerde islam de belangrijkste en onoverkomelijke bron maakt voor alle ideologische afwijkingen, geweld, intolerantie en mislukking in al die samenlevingen waar deze ‘religie’wordt aangehangen.”[3]

Paul Cliteurs kritiek op Nasr Abu Zayd is opmerkelijk, zowel inhoudelijk alsook formeel. Om te beginnen met formele aspecten: Cliteur heeft nooit contact of dialoog gezocht met Abu Zayd. Hij spreekt niet met hem, hij schrijft over zijn Leidse collega. Een subject wordt tot object gemaakt.

Mohammed Arkoun, de Parijse hoogleraar Arabisch zegt: “De islam is geen uitdaging van het andere, geen bron van reflectie, geen gesprekspartner, geen samenwerkingspartner voor de Europeaan, het blijft deze derde persoon, het object waarover men spreekt, dat men onder de microscoop legt, reïficeert, opblaast of banaliseert tot er en ideologisch monster overblijft [...] ” (p.13)  Arkoun heeft het hier niet eens over een mens, hij heeft het over de islam, die hij graag als gesprekspartner behandeld zou willen zien. Maar Abu Zayd is eens mens en een wetenschapper die van Cliteur tot belachelijk en verachtelijk object wordt gemaakt. Cliteur baseert zijn kritiek op één boek van Abu Zayd. Hij noemt Abu Zayd een balling, maar vertelt er niet bij, dat Abu Zayd professor is in Leiden, en zelfs Cleveringa-hoogleraar was. Het verzwijgen van deze relevante context-informatie heeft een beledigend karakter, te meer omdat Cliteur Abu Zayd de wetenschappelijke competentie meent te kunnen ontzeggen. Het is bijna komisch te noemen, dat Cliteur zich achter de veroordeling van de fundamentalisten stelt, en deze inzake Abu Zayd gelijk geeft. Daarmee geeft Cliteur zichzelf als fundamentalist – verlichtingsfundamentalist- te kennen. Mohammed Arkouns opmerking over fundamentalistische intellectuelen treft ook Cliteur:
“[...] elke verwijzing naar de leer van de geschapen koran [wordt] krachtig verworpen door de huidige bewakers van de ‘orthodoxie’.  Heel wat intellectuelen zijn medeverantwoordelijk voor deze verwerping omdat ze geen theoretisch belang zien in de modernisering van het islamitische denken en de heropening van het zeer rijke theologische en antropologische debat.” (p. 38)

Over Nasr Abu Zayd zie o.a. mijn blog Verlichting in het islamitisch denken


[1] God houdt niet van vrijzinnigheid , In: Civis mundi; vol. 41 (2002), afl. 4, en When in Rome, do as the Romans do In: Civis mundi; vol. 42 (2003), afl. 1.
[2] Wie is die vrolijke ketter? In: Brieven van een Pers, p. 227. [3] Bolkestein en Arkoun: Islam en de democratie, 1994, p. 14.

Gilles Kepel en Leon Buskens over de Fitna

28 comments

fitna GPD 490229c Gilles Kepel en Leon Buskens over de FitnaDe nieuwe film van Wilders schijnt “Fitna” te heten.
“Iedere moslim kent het Arabische begrip fitna, aldus de PVV-leider. “Het duidt op situaties waarin het geloof van moslims op de proef wordt gesteld. Alles wat hun geloof op de proef stelt, is fitna: onbedekte vrouwen, alcohol, niet-moslims, verzet tegen het gezag van de islam. Ik gebruik die term spiegelbeeldig: voor mij is de verderfelijke islam fitna.” Wilders is ingenomen met de titel. “Ik wilde per se een term die in de Koran voorkomt.” ( Het Parool , 9-2-2008)

Maar…
“Fitna” is een negatief woord –  ook voor moslims. Fitna is chaos en burgeroorlog, oorlog van moslims tegen moslims.

kepel Gilles Kepel en Leon Buskens over de FitnaGilles Kepel schrijft in Oorlog in het hart van de islam (2004/2005) over jihad en fitna.

“In de geschiedenis van de veertien eeuwen van de islamitische samenlevingen heeft altijd een intense spanning bestaan tussen twee tegengestelde polen, die de op- en neergang bepaalden van de uit de islam voortgekomen beschaving: jihad en fitna.

Het eerste van die twee woorden, dat algemeen gebruikelijk is geworden, heeft een positieve connotatie binnen de traditione­le islamitische cultuur. Het duidt de inspanning aan die van ie­dere gelovige wordt verlangd teneinde het gebied en de invloed van de godsdienstige norm uit te breiden, om zowel de indivi­duele hartstochten als de organisatie van de samenleving, zelfs de ordening van de wereld te reguleren – om de weerbarstige mensheid te onderwerpen aan de onaantastbare wetten van de koran. Wanneer die inspanning tot een toppunt wordt opge­voerd, manifesteert ze zich in de vorm van een heilige verove­rings- of verdedigingsoorlog. Minder openlijk inspireert ze ook het dagelijkse proselitisme dat de moslims tot ‘betere gelovigen’ wil maken, en het legt tegenover de rest van de mensheid een in­tensieve bekeringsijver aan de dag. Ze is de motor van de ge­loofsverbreiding, die, zoals de geijkte uitdrukking luidt, ‘met het zwaard en het heilige boek’ wordt bewerkstelligd.

Het tweede woord, fitna, dat buiten de talen van de islam min­der bekend is, heeft daarentegen een volstrekt negatieve conno­tatie: het duidt het oproer, de oorlog binnen de islam aan, een middelpuntvliedende kracht die de ontmanteling, de implosie en de ondergang van de gemeenschap in zich draagt – terwijl de jihad de interne spanningen sublimeert, ze naar buiten werkt. De fitna is voor het voortbestaan van de moslimsamenleving een permanente dreiging, die knaagt aan het geweten van de oele­ma’s, de schriftgeleerden, en hen tot voorzichtigheid en bezin­ning aanzet.

[...] De slachting die op 11 september onder onschuldige mensen werd aangericht, luidde juist het tijdperk van fitna, wanorde en ver­woesting in het huis van de islam in. [...]
Irak, na een ‘oorlog tegen de terreur’, waarvoor 11 september het voorwendsel was, bezet door de Verenigde Staten en hun bondgenoten, is diepgaand gedestabiliseerd. Zelfs na de machts­overdracht de iure aan een autochtone regering op 28 juni 2004, ligt er nog een zware hypotheek op de toekomst van Irak als een­heidsstaat. Niet alleen door de guerrilla tegen de bezettingslegers, maar ook door het geweld en de aanslagen vallen er bijna dage­lijks talloze doden en gewonden onder de Irakezen, zowel Ara­bieren als Koerden, zowel soennieten als sjiieten, en intussen zakt het land weg in de fitna.

[...] De gebeurtenissen van 11 september hebben dodelijke krach­ten losgemaakt, die drie jaar na dato verstrikt zijn in een onont­warbare vicieuze cirkel, in een helse dialectiek van jihad en fit­na. Door een massale reactie van de Verenigde Staten uit te lokken, hebben Bin Laden en zijn handlangers de afschuw ver­ergerd. “

Kepel eindigt met een pleidooi voor een Europese democratische islam, die uitstijgt boven jihad en fitna. Als Wilders op deze lijn wil zitten… dan moeten we dat van harte toejuichen.

Kepel:
“Het uitstijgen boven jihad en fitna is naar de smaak noch van de radicale activisten, noch van de salafisten, noch van de islamisten – al lopen deze laatsten, zodra ze de Europese po­litieke arena betreden, de kans dat hun principes worden aan­getast. De slag om de wording van de islam van Europa is cru­ciaal en het belang ervan is degenen die op het Europese continent een innerlijke citadel willen opbouwen, verstard in de geloofsartikelen in het hart van het ‘land van ongeloof, niet ont­gaan. Daartegen is er geen andere keus dan te werken aan de vol­ledige democratische deelname van de moslimjongeren aan het leven als burger, en daarbij gebruik te maken van de instru­menten, vooral op het terrein van onderwijs en cultuur, die de sociale stijging bevorderen en bijdragen aan de opkomst van de nieuwe elites, voortgekomen uit die bevolkingsgroepen. Het zal hun taak zijn om, uitstijgend boven de spookbeelden van jihad en fitna en de grenzen van Europa overschrijdend, het nieuwe gezicht van een moslimwereld, verzoend met de moderniteit, concreet vorm te geven. “  ( p 371 ff)

De Leidse hoogleraar Leon Buskens over het woord “fitna”: “Het is een sleutelterm uit de geleerde islamitische traditie. Het betekent vooral chaos en wanorde die je kunt vermijden als je je aan Gods voorschriften houdt. Fitna is het tegendeel van de ideale samenleving.” Buskens pakt er een klassiek Arabisch woordenboek bij en leest voor: “Beproeving, verleiding, misdaad, zonde, ongelovigheid, ongeluk, tegenslag, tuchtiging, bekoring, verleiding.” Een heel breed scala aan betekenissen dus, voegt Buskens toe. Want in de islamitische traditie wordt ook nog gesproken over de ‘eerste Fitna’ en de ‘tweede Fitna’, daarmee worden burgeroorlogen bedoeld. “NRC 11-2-2008

Paul Cliteur, Voltaire en de islam

no comment

De naam ‘Voltaire’  komt vaak voor in de schriften van Paul Cliteur, zo ook in zijn nieuwe boek Moreel Esperanto. Cliteur identificeert zich vergaand met Voltaire, en een van Cliteurs lievelingszinnen is dan ook: “Waarom zou kritiek ‘van binnen’[de islam] en ‘van buiten’ elkaar uitsluiten? Waarom mag Luther niet ondersteund worden door Voltaire? […] kan kritiek van binnenuit wel tot ontwikkeling komen zonder steun van buiten?”

( Moreel Esperanto, p. 325; Ongewenste goden, p. 263)

Cliteur plaatst zijn generaliserende en stigmatiserende kritiek van de islam in de traditie van Voltaire.

Niet ten onrechte.

Net als hun Franse voorganger Jean-Claude Barreau, auteur van De l’islam en general et du monde moderne en particulier, proberen Cliteur en zijn maatje Ellian een taboe te doorbreken en een debat aan te zwengelen. Net als Barreau zeggen Ellian en Cliteur in de voetstappen van Voltaire te treden. Barreau had al in 1991 de islam in de naam van Voltaire aangevallen, die, zoals hij tevreden constateert, “vrezelijke dingen” over de islam had gezegd. (NRC 8-2-1992)

“Voltaire [schilderte] de figuur van Mohammed […] af in de schrilste kleuren van wreedheid en fanatisme, alsof hij de niet altijd even verlichte islam-bashers onder zijn hedendaagse volgelingen niet helemáál in de kou wilde laten staan.” (Ger Groot, De Groene Amsterdammer, 8-9-2006)

Al sinds de Christenen zich met de islam als godsdienst gingen bezighouden -de koranvertaling van Cluny uit 1140 en Monte Croce’s ‘Weerlegging van de Koran’ van rond 1300- werd de ‘morele verwerpelijkheid’ van de islam aan de kaak gesteld. “Dat duurde tot diep in de 18de eeuw. Verbeterde koranvertalingen van oriëntalisten als Adriaan Reland en George Sale ten spijt noemde Voltaire in zijn tragedie De dweper Mohammed nog steeds een ordinaire bedrieger.” (Ton Crijnen, Trouw, 24-10-2001)

Ellian en Cliteur verdedigen een visie op Mohammed die in de lijn ligt met Voltaires Mohammed-kritiek. Maar naar de mening van Ton Crijnen komt Mohammed uit de Koran, hadith en soenna eerder als een pragmaticus dan als een scherpslijper naar voren. “Een man met begrip voor de zwakte van de mens, die van hemzelf inbegrepen. Het is een van de redenen waarom hij miljoenen mensen aanspreekt.” (Trouw, 14-12-2001).

Sjoerd de Jong: “Kritiek op religie – nu vooral de islam- waar we wat aan hebben, is nog heel wat anders dan schelden onder de paraplu van Voltaire. Maar in het huidige debat wordt alles wat tegen godsdienst aanschopt klakkeloos gekoppeld aan de Verlichting. Dat heeft het grote voordeel, dat wie Mohammed wil uitmaken voor pedofiel, zich in een moeite een heldhaftig kind van het rationalisme kan wanen. Maar juist de bronnen van zulke kritiek op Mohammed en de islam liggen helemaal niet in de Verlichting maar in de Middeleeuwen.”De Jong ziet ook bij Voltaire zelf, in diens oordelen over de islam vooral nog een continuïteit van de middeleeuwse anti-islam-traditie en vindt weinig verlichte religiekritiek bij Voltaire: “Voltaire paste in de achttiende eeuw de afkeer van Mohammed als ‘grondlegger van een valse en barbaarse sekte’ in het raamwerk van de Verlichting, maar voor de inhoud bleef hij schatplichtig aan de middeleeuwse tirades. Anderen zoals Montesquieu en Tocqueville waren milder (maar zeker niet onkritisch) over de islam, en bij hen zien we de kiemen van een echte religiekritiek die oog heeft voor de bronnen, historie, context, gevaren en deugden van een godsdienst in een moderne wereld.” ( NRC 6-4-2004 De minister van Buitenlandse Zaken Ben Bot heeft een gebalanceerde visie op het beroemde Voltaire-citaat, dat door Ellian en Cliteur verabsoluteerd wordt: “Europeanen hechten veel waarde aan het dikwijls aan Voltaire toegeschreven gezegde: ‘Ik ben het oneens met wat je zegt, maar ik zal tot de dood je recht verdedigen om hete zeggen.’

Betekent dit dat Europeanen alles kunnen zeggen? Nee. Het recht op vrije meningsuiting is natuurlijk geen plicht om te beledigen. Voltaires uitspraak vindt een tegenwicht in de beroemde gulden regel die christenen ontlenen aan de Bergrede van Jezus: ‘Behandel anderen steeds zoals je zou willen dat ze jou behandelen.’ “(de Volkskrant, 4-5- 2006)

 

maria trepp

.

 

Sadik Al-Azm en de islam

no comment

Vandaag staat een interview met de Syrische filosoof Sadik Al-Azm in de NRC.
Al-Azm is in dit interview zeer kritisch over de islam, met name over de ontwikkeling van de islam in de Arabische wereld.
Dit interview geeft een enigszins verkeerd beeld van de schriften en de leer van Sadik Al-Azm, die geenszins in het kamp van de Huntington –adepten en ongedifferencieerde anti-islamisten thuis hoort.

In een Volkskrant-interview met Al-Azm op 7 oktober stond bijvoorbeeld het volgende:
“[Al -Azm:] ‘In de moslimwereld leeft een sterk onderhuids gevoel dat de islam erodeert. Als de islamisten erop hameren dat de sharia weer moet worden ingevoerd, betekent dat dat de sharia nu niet wordt toegepast. Als ze zeggen: we willen die samenlevingen re-islamiseren, betekent dat dat religie aan invloed heeft verloren. En daarin hebben ze gelijk. Kijk naar wat er op de universiteiten wordt onderwezen, kijk naar de rechtssystemen waarin de sharia hooguit bij familierecht nog een rol speelt. Zelfs in Iran is de republiek ingevoerd, niet het kalifaat. De islamisten leven in diepe angst ‘het zal met de islam net zo gaan als met de christenen in Europa, religie wordt marginaal, een persoonlijke keus, als we niet gauw iets doen’. Daarom zijn ze zo fanatiek.’
Al-Azm ziet die secularisatie van de islamitische samenlevingen als een goede ontwikkeling. Hij denkt dat die ook niet te stuiten is.”

De Erasmus-laureaat Sadik Al-Azm keert zich – in tegenstelling tot b.v. Ellian – sterk tegen het idee dat ’islam gewoon islam is’ ongeacht en ondanks politieke klassenstrijd, olie en economie.”( De tragedie van de duivel, p. 35) Hij keert zich tegen een denken dat de islam voorsteld “als een monolithische unieke oosterse totaliteit die in haar wezen volkomen verschilt van Europa, het Westen en de rest van de mensheid”. ( p. 36) .
Al-Azm gelooft niet aan een botsing van de beschavingen- integendeel, hij ziet dat de islamitische wereld moderniseert en seculariseert, dus Westerse waarden absorbeert. De islam is volgens hem geen hardomlijnde statische cultuur, maar een “levend, zich dynamisch ontwikkelend geloof, dat zich aan zeer verschillende omgevingen en veranderende historische omstandigheden kan aanpassen. [De islam] heeft onweerlegbaar bewezen dat hij zeer goed te verenigen is met de belangrijkste bestuursvormen en met een scala van sociale en economische organisaties van allerlei volken en maatschappijen in de geschiedenis van de mensheid: van koninkrijk tot republiek, van slavernij tot vrijheid, van stam tot keizerrijk, van oude stadstaat tot moderne natie-staat.” (p. 40).

Huntington en zijn opvolgers gaan ervan uit dat de islam niet in staat is tot secularisatie, een conclusie, die volgens Al-Azm “op zijn minst bevooroordeeld en voorbarig” is.” Want het is duidelijk dat de islam zeer rekbaar, soepel, buigzaam, en oneindig vaak te herinterpreteren moet zijn geweest om onder bovengenoemde tegenstrijdige omstandigheden te kunnen overleven en floreren.( p. 40f.) . “De ‘elementaire waarden’ in het Westen hebben niet altijd ingehouden wat ze vandaag de dag inhouden en de zogenaamde ‘authentieke waarden’ van de moslims hoeven niet altijd datgene blijven inhouden waarvan nu wordt gezegd dat ze dat altijd hebben ingehouden.” (p. 143) .

Recente berichten

Populaire berichten

Astrologie en astronomie

Kees van Dongen in Museum Boijmans

Sterrennacht bij Millet, Van Gogh, Munch

Libel in Art Noveau

Theo van Hoytema Illustraties/ Het lelijke jonge eendje

Maria, Martha en Vermeer

Marxisme, ideologiekritiek, humanisme, emancipatie

Passiebloem in kunst en werkelijkheid

Nietzsche en het anti-antisemitisme

Atheïstisch bijgeloof: Carotta en zijn volgelingen

Christiaan Huygens over buitenaardse wezens

Alexander Calder: Cirque Calder en speelgoed

Het symbolisme van Vincent van Gogh

Latent antisemitisme

Jan Sluijters- my favorites

Insectenmensen bij Jeroen Bosch, James Ensor e

James Ensor en de maskers

De lente bij Vincent van Gogh

Maans- en Zonsverduisteringen

Man Ray

Volle maan-kunst en fotografie

Alice in Wonderland: Lewis Carroll en Pat Andrea

Iris bloem in de kunst

Alle zelfportretten van Vincent van Gogh

Mijn kunstslangen

Christiaan Huygens en de ringen van Saturnus

Het symbolisme van Edvard Munch: dromen en visioenen

De geschiedenis van het rechtse liberalisme

De meidoorn bij Marcel Proust/Op zoek naar de verloren tijd

Wisteria in de Leidse Hortus en bij Monet

Liberale joden versus Wilders

Frida Kahlo en Diego Rivera

Kandinsky, Klee, Mondriaan: kleurrijke flexibele schaakborden

Maria Sibylla Merian: insectenmetamorphose en bloemen

Paul Cliteur, Voltaire en de islam

Vrouw en hond bij Pierre Bonnard

Kwal/Jelly-fish/ Qualle

De Akelei (Dürer/Gerhardt) 

Klaprozen, in de berm en in de kunst

Tussen wetenschap en kunst: Anish Kapoor/ Svayambh

Japanse brug met Wisteria: Clingendael, Monet, Hiroshige

Bloesem/ Vincent van Gogh

Pioenrozen: foto, haiku, Manet
Pim Fortuyn en het hoefijzermodel

Scepsis en hoop- Peter Sloterdijk over de islam/ Het heilig vuur

Zonnebloemen in de kunst: MariaRoosen, Vincent van Gogh etc
Stillevens van Picasso/ Gemeentemuseum Den Haag: Cezanne, Picasso, Mondriaan

De Hollandse wildernis, geschilderde duinlandschappen in de 20ste eeuw

Boeiende borduur-schilderkunst van Michael Raedecker

Vrouw in kimono bij Vincent van Gogh, Georg Breitner, Claude Monet
 

 

Categories

Tags

Archives