Wetenschap Kunst Politiek

De PVV en de jaren dertig

15 comments

Eerste Kamerlid Sybe Schaap heeft een boek geschreven over de rol van rancune in samenleving en politiek. Hij schrijft dat de PVV een formule hanteert ,,die veel lijkt op die uit de jaren dertig van de vorige eeuw. Er worden vijandbeelden gecreëerd, beelden die duidelijk moeten maken hoezeer het eigen bestaan wordt bedreigd. De vijand loert niet alleen van buiten, maar heeft ook complotterende handlangers in het eigen domein.”

Wilders noemt deze vergelijking ziekelijk.

Maar waarom eigenlijk? Waarom zou men de jaren dertig niet mogen noemen in verband met de PVV?

PVV-kopstukken en sympathisanten beroepen zich uitdrukkelijk op een nazi en op denkbeelden uit de nazi-geschiedenis.

Bart Jan Spruyt, die Wilders in het zadel heeft geholpen en die het eerste PVV programma samen met Wilders heeft geschreven en ook PVV-kaderleden heeft getraind, is een grote en uitdrukkelijke fan van de nazi Carl Schmitt, die hij uitgebreid als zijn politiek voorbeeld bespreekt.

Spruyt maakte in zijn publicaties, o.a. in het boek De toekomst van de stad (2004) de Schmittiaanse filosofie van een absoluut onderscheid van vriend en vijand tot de zijne.  Het is hier wel even van belang te weten dat Carl Schmitt een antisemiet en nationaal-socialist was en met “de vijand” “de jood” bedoelde, zoals Raphael Gross overtuigend aantoont.[1]

Wie Schmitts hier aangehaalde teksten leest die zal toch erg moeten struikelen over de woorden van Bart Jan Spruyt:

“Lange tijd gold hij [Schmitt] als Schreibtischtäter die de ideeën had aangeleverd die tot de grote incarnatie van het kwaad hadden geleid. Sinds enige tijd is het besef doorgedrongen dat Schmitt te lang ook als zondebok heeft gefungeerd, en dat zijn werk wetenschappelijk gezien op z’n minst bespreekbaar, zo niet hoogst origineel en briljant is….”

Vervolgens gaat Spruyt door de belangrijkste gedachten van Schmitt weer te geven en op de huidige Nederlandse situatie te betrekken, met “de islam” als de nieuwe vijand. Hij maakt daarbij gebruik van een anti-islamitisch citaat van Schmitt, die schreef: “Ook in de duizendjarige strijd tussen christendom en islam is nooit een christen op de gedachte gekomen dat men uit liefde voor de Saracenen of de Turken Europa, in plaats het te verdedigen, aan de islam zou moeten uitleveren.” (Spruyt, De toekomst van de stad, p. 56 f.)

Ook zijn artikel Conservatieve identiteit neemt Spruyt de moeite voor een uitvoerige Schmitt–apologie. Waarom? Wat kan toch de reden zijn, iemand die zich zo enorm gecompromitteerd heeft in bescherming te nemen en diens gedachtegoed te citeren en goed te praten? Zelfs al zou Carl Schmitt niet een zo uitgesproken nazi en antisemiet geweest zijn als hij was, dan nog is zijn onverzoenlijke theorie van De Vijand als duidelijk fascistisch te herkennen. Het is niet vol te houden dat Schmitt weliswaar een vreselijke nazi en antisemiet was, maar dat zijn theorie van de vijand een zo ontzettend briljant voorbeeld voor ons is!

Jan Greven: “Schmitts aantrekkingskracht is dat hij denkt in heldere tegenstellingen: goed/kwaad; mooi/lelijk. Met in de politiek de meest absolute tegenstelling. Die tussen vriend en vijand. Tegenover de vijand past slechts onverzoenlijkheid. Je hoeft hem persoonlijk niet te haten om hem toch te liquideren. […] Schmitts tegenstellingen zijn helder, maar hij voert je op paden waar je niet hoort te zijn. “ (Trouw, 29-3-2005)

Dick Pels over Schmitt:

“Schmitts definitie [van de vijand] legitimeert […] een autoritaire, zo niet totalitaire opvatting van de politieke werkelijkheid, waarin geen enkele ambiguïteit wordt getolereerd en geen ruimte bestaat voor andersoortige onderscheidingen.”[2] Volgens Pels valt bij Schmitt politiek op apocalyptische wijze samen met de oorlog.

Rob Hartmans: “Tijdens de republiek van Weimar werd Schmitt beschouwd als vertegenwoordiger van de zogenaamde konservative Revolution, een amalgaam van ultranationalistische denkers, partijtjes en groeperingen die zich verzetten tegen de burgerlijke maatschappij en de parlementaire democratie. Schmitt zag niets in een romantisch conservatisme, dat verlangde naar een samenleving die een organische, door oeroude instituties en tradities gevormde eenheid was. Een dergelijke samenleving had nooit bestaan, en alle traditionele instituties waren door de wereldoorlog en de revolutie weggevaagd. Evenmin wilde hij iets weten van het normatieve staatsrecht dat werd uitgedragen door neokantiaanse juristen. In tegenstelling tot de Oostenrijkse staatsrechtsgeleerde Hans Kelsen, die als jood in zijn ogen toch al verdacht was, ontkende Schmitt dat er een bepaalde norm ten grondslag lag aan de rechtsorde. Hoe het recht eruitziet is een kwestie van een op macht gebaseerde beslissing. Schmitt citeerde in dit verband graag Hobbes: «Gezag, niet de waarheid, maakt de wetten.» In dit «decisionisme» stond de uitzonderingstoestand centraal. Normen waren volgens Schmitt alleen van toepassing op normale omstandigheden. Waar het op aan kwam, was de vraag wie in uitzonderlijke omstandigheden de beslissingen kon nemen. Vandaar ook zijn opvatting dat degene die de noodtoestand kan afkondigen, beschikt over de soevereiniteit.

Ook na Schmitts dood […]  leven zijn denkbeelden voort in allerlei bewegingen in Europa en Amerika die tot Nieuw Rechts worden gerekend.

In hun strijd tegen de liberale, pluriforme democratie kunnen zowel extreem-links als extreem-rechts een heel arsenaal aan wapens vinden in de geschriften van Carl Schmitt, die de Verlichting haatte als de pest en die droomde van een autoritaire, homogene staat, waarin geen ruimte is voor verwarrende experimenten die de stabiliteit kunnen ondermijnen.”[3]

Carl Schmitt oefent een grote aantrekkingskracht uit op veel hedendaagse intellectuelen. Rob Hartmans:

“Schmitts werk munt uit door scherpe formuleringen en glasheldere begrippen. Sommigen noemen hem een Begriffsmagier, een goochelaar met definities. […] Met zijn fraaie begrippen, glasheldere analyses en adembenemende abstracties mag Schmitt als politiek theoreticus en rechtsgeleerde dan zeer belangrijk zijn geweest, in de praktijk sloeg hij de plank op een zeer pijnlijke wijze mis. Want als iets opvalt in het werk van Schmitt, dan is het dat het altijd om grootse begrippen en abstracties gaat: staat, natie, uitzonderingstoestand, Großraum, vriend-vijand, de politiek etcetera.”[4]

Maar de kritiek op Carl Schmitt moet zich niet allen richten tegen diens antiliberale opvattingen. Schmitt was een actieve nazi en antisemiet.

De Leidse hoogleraar mensenrechten Thomas Mertens over de “kroonjurist van de nazi’s” Carl Schmitt:

“Schmitt gaf onder de titel ‘Der Führer schützt das Recht’ zijn juridische fiat aan Hitlers moordpartijen bij zogenaamde Röhm-putsch van 1934. Deze van staatswege georganiseerde moorden troffen niet alleen de top van de S.A. maar ook diverse andere tegenstanders van het regime zoals Schmitts vorige patroon Von Schleicher; Schmitt was een van de voormannen van de door de nazi’s  het leven geroepen ‘Akademie für Deutsches Recht’. “[5]

“[…; in 1936 riep ] [Schmitt]  op tot een zuivering van de bibliotheken van joodse invloeden; hij deed zijn best Hitlers ‘Grossraumgedachte’ te legitimeren […] Schmitts denken maakt duidelijk dat de Westerse cultuur niet bestaat en dat intellectuelen als Schmitt medeverantwoordelijk zijn voor wat er op deze aarde vreselijk fout kan gaan.”[6]

 

Schmitt was een van de belangrijke denkers van de Duitse “conservatieve revolutie”. Het is moeilijk een harde lijn te trekken tussen de denkers van de conservatieve revolutie en de nazi’s. Een gemeenschappelijke noemer is het anti-liberalisme en het gelijk zetten van joods=liberaal=decadent. Een andere gemeenschappelijke noemer is het nationalisme, dat in ieder geval bij Schmitt kan worden vastgesteld. “Bei Schmitt war die Nation […] eine nicht mehr überbietbare Größe […] ein existentielles Phänomen, das durch Freund-Feind-Bestimmung und damit in letzter Instanz durch den kollektiven Kampf eines Volkes auf Leben und Tod definiert war.“[7] Carl Schmitts nationalisme was racistisch, al was hij daarin niet zo extreem als andere nazi’s.[8]

Zeker zijn er verschillen tussen de “echte” nazi’s en de conservatief revolutionairen. Bijvoorbeeld wilden de conservatieven een sterke staat. Hitler was anarchistisch, de staat was ondergeschikt aan zijn impulsen, en dit element past niet bij het conservatisme. Ook de holocaust als zodanig is geen idee of initiatief van de conservatieven geweest.

 

Meer over Schmitt hier of zoek op tag “Carl Schmitt” hier op mijn blog.

s

[1] Raphael Gross, Carl Schmitt und die Juden, Suhrkamp, 2005.

[2] Een zwak voor Nederland, p. 228.

[3] Een gevaarlijke geest, De Groene Amsterdammer, 7-2-2004.

[4] De grote woorden van Carl Schmitt, In : Varwel dan, p. 129, ook De Groene, 1-5-1996.

[5] Fiat aan Hitlers moordpartijen, Filosofie Magazine 02-2002.

[6] NRC 23-11-2001, boeken.

[7] Stefan Breuer, Anatomie der konservativen Revolution, p. 184.

[8] Anatomie der konservativen Revolution, p.191.

 

 



 

 

Tags: , , , ,

15 Responses to “De PVV en de jaren dertig”

  1. André de Raaij schreef:

    Hitler anarchistisch? Wie dat schrijft weet niet wat of wie Hitler was of wat anarchisme is en waarschijnlijk allebei.

    • Maria Trepp schreef:

      Oh ha sorry André (lang geleden!)
      Ik vind het juist om Hitler anarchistisch te noemen, maar daarmee zou ik nog zeker niet alle anarchisten de deur uit willen doen, in tegendeel.
      Het hoofdprobleem met Hitler was natuurlijk NIET dat hij anarchistisch was.
      Het woord anarchistisch geeft hier het verschil met de conservatieven aan.
      Maar het was ook zo en wordt door veel historici bevestigd: Hitler heeft weinig directe bevelslijnen gehad, veel was heel chaotisch, en zijn “diensten” moesten met elkaar concurreren en “zijn gedachten lezen”.

      Maar je moet toch ook toegeven dat er best anarcho’s zijn die racistisch zijn, het een sluit het ander niet uit?

      • André de Raaij schreef:

        In het Duits kun je denk ik iemand als Hitler anarchisch noemen, chaotisch.
        Maar anarchisme en het ervan afgeleide anarchistisch verwijst naar een politiek-filosofische stroming die de staat afwijst.

        • Maria Trepp schreef:

          Je hebt gelijk er is een verschil tussen “anarchisch” en anarchistisch.
          Hitler was fascist en geen anarchist, maar gedroeg zich anarchisch in zijn directe omgeving.
          Politieke anarchisten belandden onder Hitler in concentratiekampen.
          Ik zal verder zoeken naar de “anarchische” gedragingen van Hitler, en misschien een blog over schrijven.
          Even gegoogled, en wat gevonden in Klaus Hildebrand, ”Das Dritte Reich|” p 224 over “anarchische Züge” in het nationaal-socialisme.
          Volgens mij schrijft ook Hannah Arendt hier veel over.

  2. Barbara Jansma schreef:

    Rancune is het goede woord. En boos worden als je bol staat van vijandbeelden past daar dan wel een beetje bij. Waar die rancune uit bestaat en vandaan komt zou ik wel willen weten. De rest, alle manieren waarop je macht kunt verkrijgen om te doen wat je wilt doen, en alle voorgangers waar je op kunt teren, tja…

  3. Joke Mizée schreef:

    Toch zijn er ook zeer veel linkse intellectuelen die zijn ideeën inspirerend vinden. Moeten we die dan dubieus vinden?

  4. Maria Trepp schreef:

    De rancune van de jaren dertig is veel makkelijker te begrijpen dan de huidige rancune, en verschilt ook sterk ervan.
    Toen: de gevolgen van de Eerste Wereldoorlog, economische malaise enz.
    Nu is het toch eerder verwendheid dan dat echt iets mist. Angst voor sociale achteruitgang natuurlijk wel bij bepaalde groepen.

    Ah Joke, links en Carl Schmitt, en moeilijk hoofdstuk.
    Bijvoorbeeld Chantal Mouffe. Ik heb haar boek gelezen, overtuigt mij totaal niet.

  5. Joke Mizée schreef:

    Maar Mouffe is in elk geval niet politiek fout doordat ze bepaalde ideeën van Schmitt bewondert, of wel?
    En ik ken iemand die rechtendocent is en veel ‘linkse’ standpunten heeft (CDA maar dan zeer humanitair) en ook helemaal waus is van Schmitt.
    Blijkbaar heeft-ie toch wat te bieden en hoeft dat niet altijd tot extreme consequenties te leiden.

    • Maria Trepp schreef:

      Het gaat natuurlijk uiteindelijk om op welke manier men Schmitt in zijn eigen argumentatie integreert.
      Bart Jan Spruyt is duidelijk: hij omarmt de Vijand-theorie en wil deze voor de moslims gebruiken, zoals Schmitt zelf dat ook al aangeeft.
      Dat kan voor mij he-le-maal niet door de beugel.

      Ik snap gewoon niet hoe men het in zijn hoofd kan halen de absolute-vijandtheorie van een nazi en antisemiet instemmend aan te halen, zo van, ja hij was een nazi, en ja, hij heeft het over De Existentiele Vijand, maar ach ja, een beetje gelijk hat-ie wel, dus we kunnen een heleboel van hem leren..

  6. 'joost sr schreef:

    Zag net een artikel in Trouw waar een arabist Eilbert Mulder in de slipstream van een historicus? Engelsman die de bronnen van de islam eens even kritisch benadert , Islam en moslims weer wegzet. Ik heb geen intellectuele theorieën en geen bevestiging vanuit de 30-er jaren nodig om me fel te verweren tegen het wegzetten van mensen-als-groep. Het ergste vind ik nog dat historici en arabisten niet beseffen dat zij het wetenschappelijk handwerk van godsdienstwetenschappers niet beheersen met de hun eigen literaire en historische invalshoek van de godsdienstige werkelijkheid. Als een Carotta komen ze met de grootste onzin als “Was Jezus Caesar?”. Voor de geestelijke gezondheid van gelovigen en niet-gelovigen is dat even kwalijk als alle medische alternatieve prietpraat van niet-medici voor de lichamelijke gezondheid van mensen is.

  7. J de Kat schreef:

    Grappig dat totnutoe niemand goede, d.w.z. maatschappelijk gezien positieve, ideëen van de PVV heeft kunnen aanwijzen die overeenkomen met of afgeleid zijn uit het gedachtengoed van de nationaal-socialisten van weleer. Dus als je alles achter het streepje in die term weglaat hou je PVV over (voorheen Centrumpartij e.a.).
    Ik vind het overigens wel frappant dat Rutte nu zijn onwil om iets tegen de PVV te uiten heeft aangevuld met de opmerking dat hij zich niet kan “herkennen” in de PVV-analyse van zijn partijgenoot Schaap. Bedoelt Rutte dat hij eigenlijk een PVV’er is?

  8. Maria Trepp schreef:

    Joost: “Ik heb geen intellectuele theorieën en geen bevestiging vanuit de 30-er jaren nodig om me fel te verweren tegen het wegzetten van mensen-als-groep.”
    Daar heb je natuurlijk helemaal gelijk. Toch vind ik het altijd erg leuk om politici als Wilders met hun eigen netten te vangen. De directe affiliatie met het jaren-dertig denken is aantoonbaar bij PVV-medeoprichter Bart Jan Spruyt.
    “Als een Carotta komen ze met de grootste onzin als “Was Jezus Caesar?”
    Ik weet niet of jij weet dat ik ook met het thema “Carotta” intens bezig was, en met name de steun die deze gek van professoren aan de Universiteit Leiden kreeg:
    http://passagenproject.com/blog/2007/11/05/atheistisch-bijgeloof-carotta-en-zijn-volgelingen/
    http://passagenproject.com/blog/2008/04/25/de-fanatieke-volgelingen-van-carotta/
    Ah jij verdedigt de Godsdienstwetenschap tegen historici… Maar ik zou zeggen onder alle groepen van wetenschappers zijn degelijke en minder degelijke te vinden.
    JdeKat : ongelofelijk dat Rutte nu ineens WEL stelling neemt.

  9. theo van unen schreef:

    nou deze man heeft het gelijk aan zijn kant die wilder heeft dezelfde trekjes als een adolf hitler en een musolini gevaarlijke gekken weg met die ondemocratische fascistische partij.

  10. rikus schreef:

    Mark Rutte was er snel klaar mee

Leave a Reply



Recente berichten

Categorieën

Tags

Archief