Wetenschap Kunst Politiek

Dubbele regenboog in Leiden en bij Millais

14 comments

Dubbele regenboog in het Ankerpark in Leiden, 27 november 14.15

Ankerboog met regenboog

John Everett Millais, Blind girl/ rainbow

Leidse Sphaera, Huygens planetarium en dierenriem

3 comments

In het nieuw gerenoveerde planetarium Leidse Sphaera zit de dierenriem verkeerd om, zo meldt de Volkskrant vandaag.

De fout dateert al van ruim zestig jaar geleden, aldus hoofd collecties Hans Hooijmaijers. De Sphaera raakte tijdens de Tweede Wereldoorlog beschadigd tijdens een bombardement, en moet kort daarna zijn gerepareerd. Op een foto uit 1930 zit de Dierenriem nog goed; een opname uit 1948 laat zien dat de twaalf sterrenbeelden in de verkeerde volgorde zijn gemonteerd. “

De volgorde van de sterrenbeelden moet spiegelbeeldig zijn, zodat het perspectief van buitenaf juist is. Op deze soort hemelsglobe gaat het namelijk om de blik van buiten.

Leidse Sphaera dierenriem met Ram en Vissen

Niemand had de verkeerde, want niet-spiegelbeeldige opstelling opgemerkt… behalve de wetenschapsjournalist van de Volkskrant Govert Schilling.

Leidse Sphaera, dierenriem, Waterman en Steenbok

De dierenriem is bekend uit de astrologie, in verband met het geloof dat de tekens van de dierenriem symbool zouden staan voor de invloed die de sterren en planeten op het leven van de mens kunnen uitoefenen; maar ook de astronomie werkt(e) met de dierenriem, voor de beschrijving van de stand van de planeten.

Christiaan Huygens schrijft bijvoorbeeld in Systema Saturnium (1659) dat het uitzien van Saturnus en zijn ring ervan afhankelijk is in welk sterrenbeeld deze te zien is:

“Wij vinden evenwel dat de meest samengeknepen schijngestalte van de ring valt op 20graden in Virgo en Pisces, zoals wij verderop zullen aantonen, en de breedste derhalve op 20graden in Gemini en Sagittarius.” (zie hier uitvoerig over Christiaan Huygens en zijn verklaringen van de schijngestalten van Saturnus).

In zijn eigen planetarium (zie uitvoeriger hier) heeft Huygens daarom ook de symbolen van de dierenriem aangegeven bij een heel dunne buitencirkel. De dierenriem loopt van rechts naar links, zodat dat het perspectief vanuit de zon en de aarde dus klopt.

Hier een uitsnede uit het planetarium Huygens met het teken Stier/Taurus.

Planetarium Christiaan Huygens dierenriem Taurus

Planetarium Christiaan Huygens dierenriem Taurus


De  volgorde op het planetarium Huygens is dezelfde als bij de Leidse Sphaera nu (dus de voor een hemelsglove verkeerde volgorde!) , passend bij een astronomische blik van binnenuit (vanuit de modelaarde).

Hier de schets van de planetarium met dierenriem die Huygens zelf maakte en die qua volgorde overeenkomt met de huidige opstelling van de dierenriem in de Leidse Sphaera:

 

Met dank aan Govert Schilling voor nadere uitleg!


Read more..

Het mini-planetarium van Christiaan Huygens en de Leidsche Sphaera

10 comments

In het museum Boerhaave in Leiden is sinds gisteren een schitterend gerestaureerd planetenmodel te zien: de Leidse Sphaera, het planetarium dat de Rotterdamse klokkenmaker Steven Tracy in 1650 construeerde.

Planetenmodel Jupiter

Planetenmodel Jupiter

Planetarium Leidse Sphaera, kleine planeten

planetenmodel Saturnus met ring

Planetarium Leidsche Sphaera, Saturnus met ring, en op de ring bobbeltjes die de manen moeten voorstellen. De ring met manen is een toevoeging van 1710. Het was Christiaan Huygens die de ring van Saturnus had verklaard en de de eerste maan van Saturnus had ontdekt (publicatie 1659), maar Tracey verwerkte deze gegevens blijkbaar niet.

 

Planetarium Leidse Sphaera, Jupiter met manen.

De Leidse Sphaera zijn voorzien van een slingeruurwerk, dat in 1656 door Christiaan Huygens werd uitgevonden.

 

Vlakbij staat het qua uitzien simpelere planetarium dat Christiaan Huygens zelf in 1682 heeft laten bouwen; niet met bollen, maar kleine halfbolletjes in een vlak. Wel met bewegende planeten in eccentrische kringen, die ellipsen benaderen. Huygens’ planetarium wordt aangedreven door een onrust met spiraalveer; ook een bijzondere uitvinding van Huygens.

Allebei horen bij de bijzondere Copernikaanse schaalmodellen uit de 17e eeuw, waarvan er niet zo heel veel zijn.

planetarium-christiaan-huygens-museum-boerhaave

planetarium Christiaan Huygens Museum Boerhaave

Planetarium Christiaan Huygens, Museum Boerhaave

planetarium-christiaan-huygens-museum-boerhave

planetarium-christiaan-huygens-museum-boerhave binnenplaneten

Planetarium Christiaan Huygens, banen van de kleine planeten

 

Huygens zelf schrijft hierover:

`Wijzelf echter, … hebben een zoodanig Planetarium laten maken, dat wij daarmede door een klein aantal in elkaar grijpende raderen bereikt hebben, dat op het oppervlak van een platte tafel de lichamen der vijf primaire Planeten rondom de Zon, en evenzoo dat der Maan rondom de Aarde, hunne banen konden beschrijven, in dezelfde tijden waarin zij dat in den hemel) doen, en wel in zoodanige excentrische banen, dat deze de ware afmeting en den waren stand der hemelbanen weergeven, met behoud van de bij elk daarvan bestaande ongelijkheid der bewegingen, waardoor zij zich sneller bewegen in minder ver van de zon verwijderde gedeelten, waarbij wij ook nog rekening gehouden hebben met de kleine afwijking tusschen het vlak hunner banen en dat van de Ecliptica of van de Aarde.   Zoodat, afgezien van de bevalligheid van het schouwspel, men daaruit ook de standen van de Planeten kan leeren kennen, niet slechts de oogenblikkelijke, maar ook de toekomende en de verledene, als uit een eeuwigdurenden kalender; en bovendien hun aller conjuncties en opposities, zoowel ten opzichte van de zon als ten opzichte van elkander, en dit des te nauwkeuriger naarmate het werk op grooter schaal is uitgevoerd.`

 

 

 

`Het is dan een achthoek uit hout samengesteld, met een diameter van twee voet en een diepte van zes duimen.  Deze is op zoodanige wijze aan den muur opgehangen, en bevestigd aan de zich aan de linkerzijde bevindende assen, dat het toestel, als men dit wenscht, omgekeerd en aan de achterzijde geopend kan worden, waardoor het inwendige zichtbaar wordt.`

`Aan den voorkant ziet men een blad van verguld koper dat de geheele voorzijde van den achthoek vormt en bedekt is met spiegelglas; op dat blad zijn de banen der planeten volgens het systeem van Copernicus, maar volgens de proporties van Kepler, aangegeven en geheel uitgesneden, zoodat door die gleuven kleine pinnen rondgaan, met behulp waarvan de bollen der Planeten, tot halve bollen gereduceerd, boven het blad en als het ware op het oppervlak daarvan rondgevoerd worden, waarbij Saturnus vijf, Jupiter vier satellieten met zich voert, en de Aarde een (welke onze Maan is).  Deze satellieten zijn daarbij geplaatst op dezelfde schijfjes als de lichaampjes der Planeten. Ik heb namelijk ook aan de overige Planeten die geen manen hebben, toch zulke schijfjes gegeven die den omringenden aether moeten aangeven en tevens dienen om de Planeten beter zichtbaar te maken.`

 

 

Huygens schrijft over manen rond Jupiter en Saturnus, maar ik kan deze niet ontdekken in zijn planetarium. Misschien waren deze gepland maar werden niet ingebouwd?

Het planetarium van Huygens loopt overigens beduidend nauwkeuriger dan de Leidse Sphaera.

 

 

Zie ook mijn overige teksten over Christiaan Huygens

Dit blog staat ook in het Duits op mijn Duits webblog over Christiaan Huygens

Literatuur: E. Dekker, De Leidsche Sphaera, Leiden, 1985

Read more..

Christiaan Huygens, Salomon Coster en het octrooi op het slingeruurwerk

12 comments

Christiaan Huygens en  het slingeruurwerk

De Volkskrant meldt vandaag (16-11-2011) dat er in het Universiteitsmuseum van Utrecht mogelijk ’s werelds oudste door een gewicht aangedreven slingerklok is ontdekt. De klok wordt toegeschreven aan Salomon Coster, de klokkenmaker van de Nederlandse natuurkundige Christiaan Huygens.

Christiaan Huygens is beroemd voor zijn ontdekking van het principe van het slingeruurwerk, waarvan hij door Salomon Coster de eerste exemplaren liet maken.

christiaan-huygens-salomon-coster

christiaan-huygens-salomon-coster http://passagenproject.com/blog/category/christiaan-huygens/

Christiaan Huygens en Salomon Coster

Huygens’ uurwerken konden de tijd veel nauwkeuriger aangeven dan alle klokken die eerder waren gemaakt. Voor Huygens was een nauwkeurige tijdmeting belangrijk om goede astronomische tijdmeting te kunnen verrichten, en ook om mogelijk de geografische lengte op zee te kunnen bepalen (wat uiteindelijk niet lukte ondanks vele pogingen). Trots noemt Huygens zijn uitvindingen in zijn laatste tekst Cosmotheoros.

C.D. Andriesse: “Galileo Galilei had de slinger al als gangregelaar aanbevolen en Coster was een kundig klokmaker die onder meer een dubbele trommelveer had bedacht. Van Christiaan was het idee gekomen over een lichte vorkkoppeling en over ‘wangen’ om de slinger bij wijde uitslag wat op te tillen. Christiaans uitvinding betrof de koppeling van een slinger aan het toen gebruikelijke raderuurwerk, of, om precies te zijn, aan het over het schakelrad kantelende anker (échappement) […] Zijn foefje was om de aandrijving
van de slinger te ontlenen aan de aandrijving van de klok en om de regelmaat van de klok te ontlenen aan de regelmaat van de slinger. […] De vorkconstructie op het anker die de slin­ger voldoende aandreef en tegelijk voldoende vrijliet, is uiterst ingenieus.”

Aan de Haagse klokkenmaker Salomon Coster gaf Huygens het alleenrecht – vastgelegd in een officieel octrooi, gedateerd 16 juni 1657 – om deze nieuwe vinding in de handel te brengen.

In Parijs en in Londen werden deze uurwerken onmiddellijk nagebouwd. En ook in Nederland:

“Ook aan het octrooi van Coster, dat dan wel verleend was en waar hij [Huygens] in deelde, beleefde hij echter weinig plezier. Het werd ontdoken door de Rotterdamse klokmaker Simon Douw, die volhield zelf een slingeruurwerk te hebben uitgevonden. Hij was er zelfs in geslaagd ook dit slingeruurwerk door de Staten­ Generaal te laten octrooieren, en wel op 8 augustus 1658, ruim een jaar na dat van Coster. Deze laatste schreef woedend ‘dat hy met Listicheyt, en allerhande onbehoorelycke middelen desel­ve Inventie, soo by de Heer Huyghens, als op andere plaetsen was komen te sien, sich verstout van die mede te debiteren’.

Op 9 oktober 1658 kwam het tot een zaak voor de rechtbank van Holland, Zeeland en Friesland […]”.

Uiteindelijk moest Douw aan Coster en aan Christiaan Huygens elk slechts een derde van de opbrengst van zijn klokken betalen. (Andriesse, p 152)

———————-

Literatuur:

Een vernuftig geleerde : de technische vondsten van Christiaan
Huygens
/ Rob H. van Gent, Anne C. van Helden Leiden : Museum Boerhaave,

1995

Titan kan niet slapen : een biografie van Christiaan
Huygens
/ C.D. Andriesse Amsterdam [etc.] : Contact, 1993

De ruimte van Christiaan Huygens / Vincent Icke [Groningen]
: Historische Uitgeverij, 2009

———————————————————————————————–

Update

Op 6 december 2011 schrijft Theo Toebosch in de NRC dat er nu nog een tweede oude Huygens/Costerklok is ontdekt. Beide slingerklokken zijn te zien in het Museum van het Nederlandse Uurwerk. Bovendien is er nog heel wat toe te voegen aan de kwestie van het patent voor de slingeruur.

“De vondsten vielen mooi samen met een internationaal symposium afgelopen weekeinde, dat Van Hees ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van zijn museum had georganiseerd. Daarbij ging het onder andere om de vraag of Huygens wel de uitvinder van de slingerklok is. Van Hees: „Enkele Engelse klokkenspecialisten denken dat de Engelsman Ahasverus Fromanteel de slingerklok heeft uitgevonden.”

“Enkele Britse verzamelaars en antiquairs denken dan ook dat Huygens zijn ideeën voor de slingerklok heeft afgekeken van de Londense klokkenmaker Ahasverus Fromanteel, die nu slechts te boek staat als de eerste Engelsman die een slingerklok met gewicht heeft gemaakt. Aanleiding tot deze gedachte is een contract in het Haags Gemeentearchief dat Coster in 1657 met John Fromanteel, de twintigjarige zoon van Ahasverus, heeft gesloten. Fromanteel junior kwam bij Coster in dienst als leerling. In het contract staat dat Coster Fromanteel kost en inwoning zal geven en dat Coster de jonge Brit ‘het geheim’ van de slingerklok zal onthullen. Het contract is echter niet overal goed leesbaar, er zijn doorhalingen en de inhoud is soms voor tweeërlei uitleg vatbaar. Enkele Britten, die de tekst als Bijbelexegeten hebben bestudeerd, komen tot de conclusie dat het juist Fromanteel is die belooft het geheim te onthullen. Dat zou betekenen dat Fromanteel junior die kennis bij zijn vader had opgedaan. De Britten denken dat het ook verklaart waarom Huygens in Engeland geen patent aanvroeg, terwijl hij dat wel, vergeefs, in Frankrijk deed.

Voor Van Hees is het duidelijk: „Ahasverus Fromanteel heeft ook geen patent aangevraagd. Huygens is en blijft voor mij de uitvinder van de slingerklok met gewicht. De uitvinding lijkt me ook eerder het werk van een natuurkundige dan van een commercieel ingestelde klokkenmaker. Pas na 1676 werden bijna alle klokken met een slinger gemaakt.”

Hofwijck_display_of_pendulum_and_clocks Christiaan Huygens slingeruurwerk

Christiaan Huygens slingeruurwerk

 Christiaan Huygens en het octrooiverhaal van 16 juni 1657

 

zie ook

Meer over Christiaan Huygens

 

 

Read more..

Lampions Lantaarns Laternen

no comment

1

Laterne lantaarn papier 480px-Nikolai_Bogdanov-Belsky_02

Lampions Lantaarns Laternen Nikolai_Bogdanov-Belsky

2

Laterne lantaarn 800px-Hans_Larwin_Sonntagabend_in_Neustift_am_Walde

Laterne lantaarn Hans_Larwin_Sonntagabend_in_Neustift_am_Walde

3

laterne Lantaarn lampion Nagasakilantern

laterne Lantaarn lampion Nagasakilantern
foto wikimedia commons

4

laterne lantaarn 414px-Kuniyoshi_Utagawa,_Japan,_Woman_with_fan

Laterne lantaarn Lampion Utagawa

Laterne Lantaarn 421px-Puigaudeau,_Ferdinand_du_-_Breton_Girls_with_Chinese_Lanterns

Laterne Lantaarn Puigaudeau,_Ferdinand_du_-_Breton_Girls_with_Chinese_Lanterns

5

Laterne lantaarn 389px-Oda_krohg_japansk_lykt_1886

Laterne lantaarn lampion Oda_ Kohg_1886

6

Laterne Lantaarn 243px-Korovin_Paper_Lanterns

Laterne Lantaarn Lampion Korovin_Paper_Lanterns

7

 

Ruimtereis creëert pacifisme

8 comments

Op de radio hoorde ik een interview met astronaut Lodewijk van den Berg en ik hoorde hem een zeer interessante opmerking maken over het pacifisme dat een ruimtereis creëert.
Ik vond ook een interview met hem waar hij hetzelfde stelt:

Vraag: Veroorzaakt zo’n ruimtereis lichamelijke of geestelijke bijwerkingen?
“Lichamelijk niet langdurig, tenminste niet na mijn vrij korte vlucht. Kortstondig is je evenwicht wat verstoord. Dat evenwicht is helemaal afhankelijkvan de zwaartekracht en die valt weg. Dat heeft gevolgen. Het duurt twee tot drie dagen voordat het weer goed komt.
Geestelijk verandert er alles. […]

De hele manier waarop je de aarde beziet, verandert compleet en voorgoed. We praten over de globalisering van de economie, van de media en de politiek. Maar ik heb de aarde echt globaal mogen bekijken. Het ene moment vlogen we over Shanghai, twaalf minuten later boven San Francisco. Daaar beneden wonen totaal verschillende mensen, maar dat vind je dan niet meer. We leven allemaal op die vrij kleine planeet. Je ziet Duitsland en Frankrijk pal naast elkaar liggen, je scheert eroverheen. Waarom hebben die landen ooit eigenlijk oorlog gevoerd, vraag je je dan af.”
Lodewijk van den Berg buigt voorover, alsof hij een geheim met iemand gaat delen. “Verreweg de meeste astronauten zijn voormalige militaire piloten. Die mensen zijn getraind om aan te vallen. Maar voormalige astronauten worden nooit meer door de luchtmacht aangenomen. Want die aandrift om aan te vallen, is compleet weg bij hen.

Ze zien de vijand niet meer na een ruimtevlucht.
Nee, het is geen relativeren. Je krijgt een heel ander gezichtspunt.”
Van den Bergs broer valt hem bij. “Astronauten veranderen totaal. Hun denken ondergaat een totale ommekeer. Relativeren komt een eind in de richting, maar is nog veel te zwak uitgedrukt.“

Astronauten zien ze de wereld waarop wij leven in totaal andere verhoudingen.
“Dan begrijp je hoe ontzettend fragiel de aarde is, en vraag je je af waarom wij er zo n puinhoop van maken, zegt Ton Schoot Uiterkamp. Het verklaart volgens de hoogleraar milieukunde waarom bijna alle astronauten na hun terugkeer op aarde missionarissen voor een duurzame wereld zijn geworden.” [Leids , 9 april 2011]

En ISS-astronaut André Kuipers antwoordde op de vraag of hij de wereld nu op een andere manier zag: “De aarde is mooi, maar haar schoonheid staat in schril contrast met de conflicten die aan de gang zijn.” (de Volkskrant, 10 januari 2012)

zie ook :

The Wonder, Thrill & Meaning of Seeing Earth from Space. Astronauts Reflect on The Big Blue Marble

The Overview Effect and the Psychology of Cosmic Awe

Wat ik  fascinerend vind is dat Christiaan Huygens in zijn mentale ruimtereis van 1695 “Cosmotheoros” precies hetzelfde schrijft, al heeft hij zelf niet de lichamelijke ervaring van de ruimtereis meegemaakt:

“[…] Hier uit kan men verstaan hoe groot de ruimtens van die ronde [hemels-] lichamen zijn, en hoe klein, ten haren opzigte, het Klootje der Aarde is, waar in wy menschen zoo veel voor hebben, zoo veel t’ scheep varen, en zoo vele oorlogen voeren. ’t Welk te wenschen was dat onze Koningen en Alleenheerschers leerden en bedagten; op dat zy mogten weten, in wat een kleine zaak zy hun zelven afslooven, als zy om een hoek lands in te nemen, tot groot verderf van velen, alle hunne kragten inspannen.”

Voltaire sciencefiction Micromégas is ook geschreven met een dergelijk pacifistisch perspectief op de aarde en de mensen.


 

En hier nog een zeer mooi Duits gedicht van Marie Louise Kaschnitz over de Aarde vanuit een mentaal afstand gezien:

Juni

Schön wie niemals sah ich jüngst die Erde.

Einer Insel gleich trieb sie im Winde.

Prangend trug sie durch den reinen Himmel

Ihrer Jugend wunderbaren Glanz.

 

Funkelnd lagen ihre blauen Seen,

Ihre Ströme zwischen Wiesenufern.

Rauschen ging durch ihre lichten Wälder,

Grosse Vögel folgten ihrem Flug.

 

Voll von jungen Tieren war die Erde.

Fohlen jagten auf den grellen Weiden,

Vögel reckten schreiend sich im Neste,

Gurrend rührte sich im Schilf die Brut.

 

Bei den roten Häusern im Holunder

Trieben Kinder lärmend ihre Kreisel.

Singend flochten sie auf gelben Wiesen

Ketten sich aus Halm und Löwenzahn.

 

Unaufhörlich neigten sich die grünen

Jungen Felder in des Windes Atem,

Drehten sich der Mühlen schwere Flügel,

Neigten sich die Segel auf dem Haff.

 

Unaufhörlich trieb die junge Erde

Durch das siebenfache Licht des Himmels.

Flüchtig nur wie einer Wolke Schatten

Lag auf ihrem Angesicht die Nacht.

(1935)

————————————————————————————————-

————————————————————————————————

 

Zal dan de commerciële ruimtevaart de mensheid meer vrede en geluk brengen?

Ik betwijfel het.

 

maria trepp

Meest recente berichten