Wetenschap Kunst Politiek

Maans- en Zonsverduisteringen/ eclips bij Johannes Kepler en Christiaan Huygens

6 comments

partiële maansverduistering in Leiden december 2011 eclipse

partiële maansverduistering in Leiden december 2011 eclipse foto: Maria Trepp


Zonsverduistering solar eclipse Sonnenfinsternis_4_Jan_2011,_9-40_h,_Sudwestsachsen_4192

Zonsverduistering solar eclipse Sonnenfinsternis_4_Jan_2011,Duitsland

Zonsverduistering solar eclipse 800px-Sonnenfinsternis_04_01_2011

Zonsverduistering solar eclipse Sonnenfinsternis_04_01_2011 Duitsland

Bij een totale en maansverduistering bevindt de maan zich in de schaduw van de aarde, de aarde staat dus tussen zon en maan.





Maansverduistering 2004

Op 4 januari 2011 vond een gedeeltelijke zonsverduistering plaats, hier een plaatje uit Leiden:

4 januari 2011 gedeeltelijke zonsverduistering Leiden foto Maria Trepp

4 januari 2011 gedeeltelijke zonsverduistering Leiden foto Maria Trepp

In Christiaan Huygens’ Cosmotheoros wordt op de grote betekenis van de maans- en zonsverduisteringen voor de geschiedenis van de astronomie gewezen: deze verschijningen zetten de mensen aan het denken.

De Oude Grieken concludeerden bijvoorbeeld dat de aarde een bol was omdat tijdens maansverduisteringen de rand van de schaduw altijd rond was.

Huygens had zich bij het schrijven van zijn wetenschapsfictie “Cosmotheoros” georiënteerd aan een wetenschappelijk-fantastisch verhaal van Johannes Kepler , “Somnium”. Ondanks veel verschillen tussen Cosmotheoros en Somnium zijn heel wat overlappingen te vinden. Beide verhalen “verkopen” het Copernicaanse systeem aan een breed publiek, met wetenschappelijke én imaginaire middelen. Beide boekjes  gebruiken een sterk pedagogische kneep om het zonnesysteem aanschouwelijk te maken:  zij plaatsen bewoners op planeten of maanden en beschrijven in detail wat men vanuit een andere planeet, of vanuit onze maan kan waarnemen.

Zowel Kepler alsook Huygens beschrijven hoe de aarde (bij Kepler “Volva” genoemd) vanuit de maan uitziet. Maar Kepler neemt aan, dat op de maan water vloeit, en er ook fantastische levende wezens rondspoken. Huygens gelooft niet in water op de maan en is sceptisch tegenover de gedachte van maanbewoners.

Kepler schrijft daarom uitvoeriger over het perspectief “de aarde gezien vanuit de maan” dan Huygens, en hij neemt, anders dan Huygens, ook ruimte voor een schildering van hetgeen de maanbewoners bij een maansverduistering zien: een partiële zonsverduistering.

Hier de passage uit Huygens’ “Cosmotheoros” van 1698 over wat men vanuit de maan van de aarde ziet. Huygens begint uit te leggen dat de bewoners aan de “achterkant” van de maan de aarde nooit zien, aan de “voorkant”deze altijd zien. Net als Kepler beschrijft hij ook dat de maanlingen de aarde in schijngestalten zien, en dat de aarde voor hun ogen rond draait, waarbij zij meer van de aarde kunnen zien dan mensen zelf konden zien ten tijde van Huygens.



Aarde vanuit de maan gezien

“De Maan-kloot is by henluiden [=eventuele maanbewoners, M.T.] in twee Halfronden verdeeld, zoodanig, dat, die in het eene wonen, altyd het gezigt van onze Aarde genieten; die in het ander leven, dat gezigt altyd missen: behalven dat sommige, omtrent de grenzen van beiden wonende, het zelve gezigt somwylen verliezen, somwylen wederkrijgen. Zy nu, die onze Aarde zien, zien dezelve altyd in de Lucht hangende, en veel grooter dan de Maan ons voor komt, als byna met een viermaal grooter Middellijn. Maar dat is wonderlijk, dat zy dezelve altyd by nagt en dag in dezelve plaats van den Hemel, gelyk als onbewegelijk, zien hangen, sommige regt boven hun hoofd, sommige in een zekere hoogte van den Gezigteinder [horizon] afstaande, andere in den Gezigteinder zelve gelegen, en ondertussen om haar As omdraaijende, vervolgens in den tijd van vier en twintig uuren vertoonende alle de gewesten die ze behelst; en derhalven ook die (het ware te wenschen dat wy ze ook mogten zien) welke aan beide de Assen ons, Aardrijk-bewoners, nog onbekend blijven. Daarenboven zien zy haar ook in ligt aangroeijende, en in den maandelijken omloop verminderd; en aldus by beurten vol, half, en tot hoornen verkleind, met dezelve verandering van gedaantens, die de Maan-kloot aan ons vertoont.”

Halve aarde, zie tekst

“Maar het ligt, dat de Maanlingen van onze Aarde krygen, is vyftienmaal grooter als dat wy van haar ontfangen; zulks dat zy in het beste Halfrond, na ons toegekeerd, uitstekende heldere nagten hebben: nogtans kan die helderheid hen geen warmte geven, schoon Kepler van andere gedagten was. De Zon gaat by hen op, en onder, yder van onze maanden eens, en dus hebben zy dagen en nagten vyftienmaal langer als wy, en met elkanderen eenparig in een geduurige nagtevening: door welke lange dagen, nademaal de Zon van henluiden niet verder af is als van ons, noodzakelijk moet volgen, dat die gene, by welke de Zon nog boven den Gezigteinder klimt, door een ongemakkelijke hitte gebraden werden, indien hunne lichamen zoo gevoelig als de onze zijn. By die genen nu, die omtrent de gezeide samengrenzingen van de Halfronden wonen, klimt de Zon wel meest; maar die daar verre van af zijn, en omtrent landstreken wonen, welke onder de Aspunten van de Maan leggen, zullen om die lange dagen niet meer warmte voelen, als de menschen, die in de Zomer by Ysland of Nova Zembla Walvissen vangen…”

zie ook

Christiaan Huygens en zijn Cosmotheoros

Der Cosmotheoros von Christiaan Huygens: moderne deutsche Version mit Einleitung

maria trepp

Tags: , , , , ,

6 Responses to “Maans- en Zonsverduisteringen/ eclips bij Johannes Kepler en Christiaan Huygens”

  1. Glaswerk schreef:

    Avatar van Glaswerk
    @Maria: Leuke bijdrage.

    Jammer dat het vanochtend om 06:15 uur al bewolkt was.

  2. Zwollywood schreef:

    Avatar van Zwollywood
    Wat goed van jou dat je hier een stevig blog over hebt geplaatst….Je bent een echte maanvrouw…weet je nog van destijds met al onze maanfoto’s op het blog.

  3. Maria Trepp schreef:

    Avatar van Maria Trepp
    @Glaswerk, heb JIJ misschien geprobeerd de maan te vangen vandaag??

    @Zwollywood ja, he , en nu uit een geheel ander perspectief. Dat vind ik juist zo ontzettend leuk: een fenomeen vanuit zeer verschillende hoeken te bekijken.
    Ik had de eerst de maanfoto’s, dan de kunst en nu de wetenschap, maar dan wel de wetenschap die aan de kunst verwant is. Toentertijd (17e eeuw en in Huygens’ tekst ) werd geen verschil gemaakt tussen kunst, wetenschap en handwerk, niet in de taal, en bij Huygens ook niet in de praktijk.

  4. Glaswerk schreef:

    Avatar van Glaswerk
    @Maria:
    heb JIJ misschien geprobeerd de maan te vangen vandaag??

    Het was helaas bewolkt: http://www.vkblog.nl/bericht/361386/Onverduisterd_zonder_schijngestalte

  5. Blew schreef:

    Avatar van Blew
    Aandoenlijk dat Hygens dacht dat de maan bewoond was. En dat de 2 kanten die wij alleen vanaf de aarde zo zien daar ook zouden zijn. Ik heb het vanochtend ook gemist, het was bewolkt, gisteravond al.

  6. Maria Trepp schreef:

    Avatar van Maria Trepp
    @Blew, Huygens was niet zo overtuigd als Kepler dat er bewoners op de maan zijn.
    Wel dacht Huygens dat er zeker bewoners op de planeten rondlopen (hierover later meer)
    Maar ik vind het vooral knap dat Kepler en Huygens het perspectief van eventuele maanbewoners gebruiken om te laten zien: “Hoe ziet nou de aarde uit vanuit de maan?”

Leave a Reply



Recente berichten

Categorieën

Tags

Archief