Wetenschap Kunst Politiek

De topografie van de maan: nu en in de tijd van Christiaan Huygens

10 comments

 

NASA heeft deze week een nieuwe nauwkeurige maankaart gepresenteerd.
Een mooie gelegenheid om ook eens met de ogen van de 17e eeuw, dus uit het perspectief van de tijd van de eerste telescopen, naar onze maan te kijken.


De eerste mens die de maan een beetje meer in detail kon zien en de maan mooi gedetailleerd heeft getekend was Galilei (zie hieronder links)


zie mijn blog hierover De sterrenbode: Galilei en de telescoop.




In 1647 publiceerde de Duits-Poolse astronoom en burgemeester van Danzig/ Gdansk Johannes Hevelius (een belangrijke briefpartner van Christiaan Huygens), een atlas van de maan:  Selenographia sive Lunae descriptio.



Hevelius, Selenographia

Dit werk bevat 133 zeer nauwkeurige kopergravures met kaarten van de maan en van de gebruikte astronomische instrumenten.

Johannes Hevelius en zijn vrouw Elisabeth Koopmann (genoemd “de moeder van de maankaarten”) aan het observeren. Ik kom terug met een blog over haar, de eerste vrouwelijke astronoom.



Christiaan Huygens schrijft uitvoerig in zijn beroemde laatste tekst “Cosmotheoros” uit 1698 [waarvan ik nu een Duitse geannoteerde versie met inleiding maak] over de landschappen op de maan. Hij wijst de gedachte aan water op de maan af; hij schrijft dat de zogenoemde maanzeeën (=Maria ! hehehe! meervoud van mare) geen water bevatten, en hij beschrijft nauwkeurig de gaten van meteoritinslagen (zonder deze zo te benoemen natuurlijk).
Volgens Wikipedia zijn de maria eigenlijk grote vulkanische vlakten opgebouwd uit basalt.

Ook geeft Huygens aan, dat de maan geen atmosfeer heeft (dit in tegenstelling tot de van hem ontdekte Saturnusmaan Titan, maar dat kon Huygens toen nog niet weten).


[Uit Cosmotheoros, Nederlandse vertaling van  Pieter Rabus op de site van de Universiteit Utrecht]

Dit blijkt in onze Maan (zelfs met kleine Kijkers, drie of vier voeten lang) dat haar oppervlakte in vele gebergten, en wederom met zeer breede vlakke dalen verdeeld is. Want men ziet er de schaduwen der bergen aan die zyde, die zy tegen over de Zon hebben; en dikwils word men daar in zekere kleine dalen gewaar, die in bergtoppen, welke byna kringswijze staan, besloten zijn: daar dan weder een of meer bergjes in t midden uitsteken. […] ik vind er niets dat na Zeen gelijkt, schoon de gemelde Kepler, en meest alle andere [astronomen] het tegendeel gevoelen. Want in de groote vlakke landstreken, die veel duisterder als de bergachtige zijn, en welke ik zie dat gemeenlijk voor Zeen gehouden, ja met de benamingen van Oceanen verheerlijkt, worden, in die landstreken zelve, zegge ik, met een langer Verrekijker bekeken zijnde, bevinde ik, dat zekere kleine ronde holtens zijn, met binnen invallende schaduwen; en dat kan met de oppervlakte van de Zee niet over een komen: daarenboven die zelve ruime velden, als wy haar wat aandagtiger beschouwen, vertoonen geen oppervlak, dat geheel effen is. Zoo konnen het dan geen Zeen wezen, maar moeten bestaan uit een stoffe, zoo blank niet, als die, welke in de oneffener deelen is; waar in wederom sommige met een kragtiger ligt boven anderen uitmunten. Ook schijnt het my niet toe dat er eenige Rivieren in de Maan zijn: want zoo zij er waren, zy zouden de scherpzigtigheid van mijne Kijkglazen niet konnen ontslippen; ten minsten, indien zy, gelijk de meeste by ons, tussen bergen, of zeer hooge rotsen, stroomden. Daar zijn ook geen Wolken, waar uit regen zou spruiten, om aan de Rivieren vogt te verschaffen: want indien zij er waren, men zou dezelve dan het een, dan het ander Maangewest zien bedekken, en voor ons gezigt verbergen; t welk geenzins geschied, maar daar blijft een geduurige helderheid.

Het is ook blijkelijk, dat de Maan van zoodanig een Lucht, of Dampgewest, als rondom ons Aardrijk gaat, niet omringt word: om dat, zoo het daar ergens was, de uiterste rand van de Maan zoo nettelijk rondgetrokken niet zou schijnen, als ze dikwils door t onder heen gaan van eenige Starren gezien is; maar ze zou in een zeker verdwynend ligt, en gelijk als met een vezelachtigheid, eindigen: om hier nog niet te zeggen, dat de dampen van ons Dampgewest meerendeels uit waterdeeltjes bestaan, en derhalven, daar geen Zeen nog Stroomen zijn, dat daar geen overvloed van water kan opgetrokken werden. Dit groot  onderscheid, het welk tussen de Maan en onze Aarde gevonden word, laat ons naauwlijks toe iets daar van te gissen. Want zoo d er Zeen en Vloeden in gezien wierden, t zoude geen klein bewijs zijn, dat het overige cieraad der Aarde haar ook wel voegde, en dat het gevoelen van Xenofanes waaragtig was, zeggende dat de Maan bewoont wierd, en een Aardrijk was van vele steden en bergen. Maar nu dunkt my niet, dat in een dorre, en ganschelijk van water beroofde, grond Kruiden of Dieren konnen leven; dewyl die haar stoffe en voedsel uit vocht moeten krijgen.”



De nieuwste maankaart van de NASA is gebaseerd op gegevens van de Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO), die sinds een jaar om de maan draait, zie hierover www.astronieuws.nl en NASA’s LRO Creating Unprecedented Topographic Map of Moon.

Christiaan Huygens en zijn Cosmotheoros

Der Cosmotheoros von Christiaan Huygens: moderne deutsche Version mit Einleitung

Maria Trepp

Tags: , , , , ,

10 Responses to “De topografie van de maan: nu en in de tijd van Christiaan Huygens”

  1. martin schreef:

    Avatar van martin
    Maria ik blijf lezen en alleen al die eerste tekening van Galilei maakte het bezoek nuttig.

  2. J de Kat schreef:

    Avatar van J de Kat
    Als je dan toch bezig bent met "maanliteratuur":
    Hugh Lofting heeft dr. Doolittle erheen gestuurd, Jules Verne stuurde eind negentiende eeuw al een mislukte raket naar de maan, eigenlijk een veredelde kanonskogel, en Leos Janacek heeft er een halve opera aan besteed (De uitstapjes van meneer Broucek). Bij de jeugdboeken vind ik in de gauwigheid De Luchtreizen van Jantje Puk, door J.M. Selleger-Elout, met een "echte" telescoopfoto van de maan voorin van Sven Selleger (begin jaren vijftig), Palle Ravns Rejse i Himmelrummet van Keplers landgenoot Thit Jensen (neem ik aan), hier in 1957 verschenen in een vertaling van An Rutger van der Loeff-Basenau. Laatste titel in mijn greep: The Wind On The Moon van Eric Linklater, maar die verwijst alleen naar een Engelse uitdrukking.
    Voorts zou je je kunnen verdiepen in de maan als oudst verafgode hemellichaam op aarde. Robert Graves heeft hierin diep gegraven met o.a. The White Goddess, King Jesus en Greek Myths. Dan zul je ook een groter verband herkennen tussen de maan, de zee en je eigen voornaam.
    Succes en sterkte.

  3. antoinette duijsters schreef:

    Avatar van antoinette duijsters
    Prachtige afbeeldingen, ik hou van oude kaarten.
    Ja de maan als een zeer oude godin.

  4. Blutch1 schreef:

    Avatar van Blutch1
    Wat zijn we sinds die tijd eigenlijk opgeschoten?

  5. Maria Trepp schreef:

    Avatar van Maria Trepp
    Goedemorgen, dank voor vroege reacties.
    Wouw wat een dag… wouw wat een sneeuw!!
    @J de Kat, veel dank maar ik ben eigenlijk niet bezig met maan en science fiction in het algemeen, maar door de kijker van Christiaan Huygens. Ik kijk naar wat hij schreef in Cosmotheoros, en betrek dan de schriften bij die hij zelf noemt. Maar toch. Leuk met je lijst. Er is ook vorig jaar een nieuw maan-fiction boek verschenen.
    @Blutch, wat zijn we opgeschoten? Toch wel veel. Als vrouw heb je nu een ander leven. Toen waren het bijna alleen maar mannen die onderzoek deden. Overigens geldt dat niet bij Hevelius: hij deed onderzoek samen met zijn vrouw, die ook door de kijker keek. Een uitzondering.
    Ik zoek later nog een plaatje bij van Hevelius die samen met zijn vrouw observeert.

  6. Blutch1 schreef:

    Avatar van Blutch1
    Ik bedoelde eigenlijk wat de maan betreft. De oude kaarten zijn net zo goed als de nieuwe ondanks dat we op de maan zijn geweest en er buitengewoon veel geld tegenaan gegooid hebben.
    Maar de voorbereidingen om met z’n allen naar de maan te gaan blijven onverminderd groot. 😉

  7. Maria Trepp schreef:

    Avatar van Maria Trepp
    Als jou een gratis plekje wordt aangeboden om mee te gaan: ga je?

  8. Blew schreef:

    Avatar van Blew
    Ik kom gemakkelijker door Huygens heen dan door de sneeuw. Je hebt een prachtig onderwerp te pakken. Dit soort astronomische kwesties doen een groot beroep op mijn voorstellingsvermogen, misschien vind ik het daarom wel zo interessant. Benieuwd naar Elisabeth Koopmann.

  9. Maria Trepp schreef:

    Avatar van Maria Trepp
    Blew, met "voorstellingsvermogen" heb je precies het goede concept te pakken.
    Daarom gaat het, en zeker voor iemand die zoals ik tussen wetenschap kunst en literatuur wil kruisen-of passeren…

    Eliabeth Koopmann schrijf ik nog over, maar de info over haar moet echt opgezocht worden, is niet makkelijk toegankelijk. Er was een roman in het Duits, maar die is helemaal uitverkocht, bovendien lijkt het een druipend sentimenteel boek.

  10. Blutch1 schreef:

    Avatar van Blutch1
    =Als jou een gratis plekje wordt aangeboden om mee te gaan: ga je?=
    Nee, ik heb het hier reuze naar mijn zin. Ik ken de wereld nog lang niet. En ik vind mensen in samenhang met hun omgeving interessanter dan de maan.

    Overigens was mijn opmerking meer figuurlijk bedoeld.

Leave a Reply



Recente berichten

Categorieën

Tags

Archief