Wetenschap Kunst Politiek

De cultuurgeschiedenis van de hagedis (3) : Ovidius en de hagedis

3 comments

Terwijl veel mensen, ook ik, de hagedis als een kwetsbaar, aandoenlijk en “lief” beestje beleven, is de hagedis in de Westerse cultuurgeschiedenis eerder met het slechte, lage, duivelse verbonden geweest. Dat heeft misschien me te mee te maken dat de hagedis en overblijfsel is uit een verleden, toen er nog lang geen mensen waren en de aarde nog “woest en leeg” was, of in ieder geval woester en leger dan nu.

De afkeer van de hagedis is niet puur christelijk, maar ook al bij Ovidius te vinden. In zijn Metamorphosen vertelt hij in het vijfde boek in een passage over de godin van de vruchtbaarheid, Ceres, die te drinken krijgt van een oude vrouw, vervolgens uitgelachen wordt door een brutale kleine jongen, en hem voor straf in een hagedis verwandelt:

“Beledigd met de halfvolle beker in haar handen,
Plenst de godin het gerstemengsel bij de praatjesmaker
pal in ’t gezicht. Hij raakt doordrenkt, en waar eerst
zijn armen zaten krijt hij poten en er groeit een staart
aan zijn veranderd lichaam; hij wordt klein, zodat hij niet
veel kwaad kan doen, nog kleiner dan een kleine hagedis.
Het oudje barst ontzet in tranen uit, wil dat mirakel
Nog pakken, maar hij schiet een donker hoekje in. Zijn naam
– sterhagedis- past bij zijn huid vanwege al die spetters.”
[Vertaling M. D’Hane-Scheltema]

Zoals veel verwandelingen van Ovidius werd ook deze verwandeling graag verbeeld door kunstenaars: 

Ovidius en de hagedis

30 comments

Terwijl veel mensen, ook ik, de hagedis als een kwetsbaar, aandoenlijk en “lief” beestje beleven, is de hagedis in de Westerse cultuurgeschiedenis eerder met het slechte, lage, duivelse verbonden geweest. Dat heeft misschien me te mee te maken dat de hagedis en overblijfsel is uit een verleden, toen er nog lang geen mensen waren en de aarde nog “woest en leeg” was, of in ieder geval woester en leger dan nu.

De afkeer van de hagedis is niet puur christelijk, maar ook al bij Ovidius te vinden. In zijn Metamorphosen vertelt hij in het vijfde boek in een passage over de godin van de vruchtbaarheid, Ceres, die te drinken krijgt van een oude vrouw, vervolgens uitgelachen wordt door een brutale kleine jongen, en hem voor straf in een hagedis omtovert:

“Beledigd met de halfvolle beker in haar handen,

Plenst de godin het gerstemengsel bij de praatjesmaker

pal in ’t gezicht. Hij raakt doordrenkt, en waar eerst

zijn armen zaten krijt hij poten en er groeit een staart

aan zijn veranderd lichaam; hij wordt klein, zodat hij niet

veel kwaad kan doen, nog kleiner dan een kleine hagedis.

Het oudje barst ontzet in tranen uit, wil dat mirakel

Nog pakken, maar hij schiet een donker hoekje in. Zijn naam

– sterhagedis- past bij zijn huid vanwege al die spetters.”

[Vertaling M. D’Hane-Scheltema]

 

Zoals veel verwandelingen van Ovidius werd ook deze verwandeling graag verbeeld door kunstenaars:

 

St. Joris en de hagedis

14 comments

Een zeer mooi deurhandvat aan een deur van een oude kerk in Zweden (Kungslena kyrka 12e eeuw) waar St. Joris ( St.Göran/ Saint George) en de draak is afgebeeld. Deze draak is in feite- passend bij een handvat- een hagedis.



Haag, heks en hagedis

56 comments

…zijn nauw aan elkaar verwant- etymologisch en mythologisch.

In het Oudhoogduits hette de heks “hagzissa” . In de woorden ‘heks’ en ‘hagedis’ is de stam “haag” terug te vinden.

Deze vrouwelijke zandhagedis kon ik een paar dagen geleden van dichtbij bewonderen- in de Haagse (!) duinen. Misschien de ziel van een heks, omdat de ziel van een heks als hagedis wegkruipt, als zij slaapt?

Paul Klee Heksen Waldhexen

Paul Klee Heksen Waldhexen

Bokito en Kafka

51 comments

Naar aanleiding van Bokito’s uitbraak is het zeer zinvol Kafka’s vertelling Bericht für eine Akademie te herlezen. Bokito deed waarvan Kafka’s braaf getemde monologiserende aap alleen maar kon dromen: ten minste te proberen te ontsnappen, en zijn treiteraars te pakken.

Ik citeer uit de Duitse tekst.

In Bericht an eine Akademie spreekt een getemde aap, en wel uit het perspectief van een enigszins tevreden getemde aap, dus een aap die het één en ander bereikt heeft, en het één en ander graag voor heeft opgeofferd:

“[…] Gerade Verzicht auf jeden Eigensinn war das oberste Gebot, das ich mir auferlegt hatte.”

Hij kan zich niet meer aan zijn vrijheid herinneren, en de wens te ontsnappen is bij hem ook bijna verdwenen, alleen een klein restje van ontsnappingsdromen is er nog:

“An der Ferse aber kitzelt es jeden, der hier auf Erden geht: den kleinen Schimpansen wie den großen Achilles.”

Toch probeert hij zich en zijn toehoorders te overtuigen dat hij tevreden is, en niet meer naar vrijheid verlangt:

“Was mich aber anlangt, verlangte ich Freiheit weder damals noch heute. Nebenbei: mit Freiheit betrügt man sich unter Menschen allzuoft.”

Het effect van zijn overtuigingspogingen op de lezer is paradox en tragisch-komisch, omdat hij juist niet overtuigt.

Hij verdedigt zijn treiteraars:
“Spucken konnte ich schon in den ersten Tagen. Wir spuckten einander dann gegenseitig ins Gesicht; der Unterschied war nur, daß ich mein Gesicht nachher reinleckte, sie ihres nicht. Die Pfeife rauchte ich bald wie ein Alter; drückte ich dann auch noch den Daumen in den Pfeifenkopf, jauchzte das ganze Zwischendeck; nur den Unterschied zwischen der leeren und der gestopften Pfeife verstand ich lange nicht. Die meiste Mühe machte mir die Schnapsflasche. Der Geruch peinigte mich; ich zwang mich mit allen Kräften; aber es vergingen Wochen, ehe ich mich überwand. Diese inneren Kämpfe nahmen die Leute merkwürdigerweise ernster als irgend etwas sonst an mir. “

Kafka heeft een boze visie op het zogenaamde beschavingsprozes. Beschaven is bij hem treiteren ( ter zijde: de Burke Stichting, die meent dat de Westerse beschaving zo ontzettend “superieur”is aan alle “barbaren”, kan nog het één en ander van Kafka leren):
“Allzuoft nur verlief so der Unterricht.”

Kafka’s aap maakt carrière. Anders dan Bokito haalt hij het variété:
“Zoologischer Garten ist nur ein neuer Gitterkäfig; kommst du in ihn, bist du verloren.”

Tevreden constateert hij:
“Im ganzen habe ich jedenfalls erreicht, was ich erreichen wollte. Man sage nicht, es wäre der Mühe nicht wert gewesen.”

En dat is toch wat de meeste van ons zouden willen zeggen- of niet soms??

Ach, waarom zouden we toch
blauwe plekken
halen bij het
ontsnappen

Liever bouwen we
een mooi
ere kooi

 

Recente berichten

Categorieën

Tags

Archief