Wetenschap Kunst Politiek

Leo Tolstoi – een ontaarde denker?

9 comments
Tolstoij is voor mij een belangrijke denker.
Tolstoi is bovendien – en niet toevallig- het doelwit van de uitgesproken haat van de zionist en prefascist Max Nordau. Nordau heeft in zijn werk “Entartung” ( Ontaarding) van 1892 een groot hoofdstuk over Tolstoi geschreven, waarin hij uitlegt waarom Tolstoij een “ontaarde” denker is.
Nordau zegt in zijn hoofdstuk over Tolstoi (Entartung, Bd.1, p 257 ff), dat Tolstois Weltschauung “eine geistige Verirrung” is. Het ontaarde mysticisme van Tolstoij meent de psychiater Max Nordau te kunnen diagnosticeren als een zich-verliezen in details en een onvermogen de aandacht te richten. Tolstoij kan zich volgens Noradua gewoon niet concentreren (hetzelfde verwijt hij trouwens ook vele andere dichters, o.a. Maeterlinck) . Geheel correct zegt Nordau dat bij Tolstoij sprake is van een soort buddhistisch pantheïsme en spinozisme- iets waar de positivist en sociaaldarwinist Nordau een ongelofelijke hekel aan heeft. Vooral verwijt hij Tolstoij dat deze niet, zoals Nordau zelf, vindt dat de zieken en zwakkeren (=”de parasieten” ) uit de samenleving moeten worden verwijdert.
Het is tragisch om te lezen hoe de jood en zionist Max Nordau het gedachtegoed van Hitler vormgeeft.
Frederic Spotts in Hitler and the power of aesthetics (2002):
„In Hitler‘s speeches, as in his private remarks, the concepts of Nordau […] can be heard.“ (p.24)
Zie ook :

The Last Days of Leo Tolstoy Captured on Video

(On)gezellige kerst: kerstmis als dodendans: Kalervo Palsa

5 comments

Bijna de helft van de mensen zou met kerst de benen willen nemen, schrijft Aleid Truijens in de Volkskrant. De plicht tot oergezelligheid drukt zwaar op de mensen…

Kalervo Palsa, Kerstspel

Voor iedereen die de kerstdagen de hals uithangen dit schilderij van Kalervo Palsa. De NRC had een treffende kop voor Palsa: “De dood als terugkerende huisvriend”.
Naast het schilderij “Kerstspel” hing in de Hallen in Haarlem er nog eentje met de dood als kerstman.

Palsa is niets voor gevoelige zielen, hij is geobsedeerd en pervers. Maar sommige van zijn schilderijen zijn zeer aansprekend. Expressief.

Palsa is sterk beïnvloed door James Ensor (voor Ensor-blogs klik op de tag)

 

Vertalen Duits Vertaalbureau Duits

.

Vincent van Gogh stillleben met appels en peren

no comment
http://www.passagenproject.com/vincent-van-gogh-appels.jpg
appels-peeren-aepfel-birnen-1887_vincent_van_gogh.jpg
vincent-van-gogh-still-life-pears-stillleben-birnen-peren.jpg

Maria, Martha en Vermeer

5 comments

Ik heet Maria. Niet genoemd naar de moeder van Jezus, maar, zoals bij Lutheranen gebruikelijk, naar Maria, de zus van Martha. Ik kom uit een Luthers domineesgezin, en onder Lutheranen is Maria, de zus van Martha, DE Maria en de tegenstelling Maria /Martha een symbolische tegenstelling van protestantisme en katholicisme.

Vermeer heeft een mooi schilderij gemaakt, dat nu in de tentoonstelling “De jonge Vermeer” in het Mauritshuis in den Haag te zien was.


Vermeer, Christus bij Martha en Maria

In dit schilderij heeft Vermeer geprobeerd de tegenstelling Maria/ Martha  te overwinnen.
Hij gaf beide vrouwen een belangrijke plaats aan de zij van Jezus.

Op een meer algemeen niveau is de tegenstelling Martha/ Maria te begrijpen als een tegenstelling tussen de vita activa en de vita contemplativa. Vermeers schilderij kan begrepen worden als een synthese van de vita activa en de vita contemplativa, of ook van de tegenstelling tussen katholicisme en protestantisme. (Vermeer had zich tot het katholicisme bekeerd- vandaar de opwaardering van Martha!).

Misschien kende Vermeer de Martha/Maria–preek van de mysticus Meister Eckart. In deze preek heeft Eckart ook aangegeven dat het bijbels verhaal niet zo begrepen mag worden, dat Maria de betere is. Naar zijn mening moet Maria het actieve leven nog leren.

Maria Trepp

 

Pseudoreligieuze leiders: Pim Fortuyn

8 comments

In het verband met een debat over religieuze leiders werd door Betty – mijns inziens terecht- gesteld dat Hitler een religieuze leider was- een pseudo-religieuze leider volgens mij.

Ook Pim Fortuyn heeft zich op een buitengewoon problematische manier als een religieuze leider gepresenteerd.
Extreem-rechtsen in België en Duitsland weten wat zij aan Fortuyn hebben: een verlosser en een voorbeeld. De Duitse extreemrechtse NPD’er Pastörs: “Hij [Fortuyn] hoorde het hulpgeroep dat uit de bevolking opklonk. Hij was hun verlosser.” (de Volkskrant 29-9-2006) Uit Fortuyns werk De verweesde samenleving ( subtitel: een sociologisch-religieus tractaat [!] ):

”Een leider van formaat is Vader en Moeder ineen. Hij stelt de Wet en waakt over de samenhang in de kudde. De bekwame leider is de bijbelse goede herder. Hij is normsteller en bruggenbouwer. Hij is streng en barmhartig. Hij is ongenaakbaar en begripvol.(. . .) Ik ben gereed? U ook? Op weg naar het beloofde land!” (p.238)
Dick Pels schrijft daarover in De geest van Pim: “[…] over het algemeen neigt hij [Fortuyn] ertoe om zijn roeping in klassiek-messiaanse gedragenheid te aanvaarden als een heilige missie. In 1994 schrijft hij [Fortuyn] […] : “Ik moet op weg. Wellicht ligt daarin de opgave van mijn leven. Als je nadenkt over Moses op deze manier begrijp je pas hoe smartelijk hij moet hebben geleden. We weten waar dat thuis is, het gezien hebben, de weg ernaar toe kenen, maar nooit arriveren. Dat is niet alleen smartelijk, maar ook wreed. Ik hoop dat ik geen Moses hoef te zijn.” (p. 66) Fortuyn citeert ook de profeet Jesaja: “Zij roepen mij niet aan, en toch zeg ik: hier ben ik, hier ben ik.” (Pels, p. 66)

Gezien Fortuyns pseudoreligeuze leiderschapsmythos vind ik het buitengewoon problematisch dat de Leidse hoogleraar Paul Cliteur, net als anderen van de neoconservatieve Burke Stichting, Fortuyn als een groot voorbeeld beschouwen. De zelfverklaarde Mozes/Messias en manicheïstisch denker Fortuyn is een positief voorbeeld voor de Burkianen.

Paul Cliteur: “Is niet de kortstondige carrière van Pim Fortuyn één lange demonstratie geweest van tolerantie? […] Fortuyn verdient postuum de Voltaire-prijs.” (Trouw 17 januari 2004) Cliteur, die op bijeenkomsten van de LPF ter ere van Fortuyn verschijnt, heeft ook in Civis Mundi een uitvoerige Fortuyn-apologie geschreven Pim Fortuyn en de multiculturele samenleving (Civis Mundi , vol. 43 (2004), afl. 2, p. 82)

 

Leo Strauss en de neocons

14 comments

Er is een duidelijk verschil tussen het denken van de joodse filosoof Leo Strauss, en hetgeen veel volgelingen – de neocons “leocons”- hiervan hebben gemaakt. Weliswaar is het denken van Strauss zelf op verschillende punten ( het Platonisme, het elitarisme) te bekritiseren (Gerbert van Loenen “[…] het gedachtegoed van Strauss bevat, anders gezegd, een kiem van overmoed, een kiem van geweld”; Trouw, L&G, 26-11-2005) , maar er blijft soms ook een belangrijk verschil tussen Strauss en de Strauss-interpretatie van de neocons.
Dick Pels: “Het zou immers kunnen zijn dat [Bart Jan] Spruyt, door het conservatisme te radicaliseren met fortuynistische thema’s als ‘eigen cultuur eerst’, de superioriteit van het Westen en vijandschap jegens de islam, het beschaafde, zichzelf relativerende conservatisme van zijn leermeester Leo Strauss definitief in diskrediet heeft gebracht. Terwijl matiging en zelfrelativering juist behoren tot de kernwaarden van de westerse beschaving die hij zo graag te vuur en te zwaard verdedigt.” ( de Volkskrant 27-10-2006, boeken) .
Anne Norton maakt in Leo Strauss and the politics of American Empire (2004) ook expliciet een groot onderscheid tussen “students” of Strauss and “Straussians”. De laatste zijn volgens haar een sekte, en zijn degenen die een grote politieke invloed hebben.(p. 6 f) Norton geeft ook aan, dat de politieke, rancuneuze sekte van de Straussians meer beïnvloed is van de simplistische Strauss –discipel Alan Bloom ( auteur van The Closing of the American mind) dan van Strauss. Over Bloom zegt Norton: “Philosophy deferred to convention”- iets dat ook op de Straussianen/Burkeanen van toepassing is. (p.58)

De Leidse Burkianen kunnen als Straussianen gecharakteriseerd worden, al vanwege hun steun voor de Irak-oorlog en hun politieke verbintenis met Wilders ( via Bart Jan Spruyt).
De filosofie van Leo Strauss vormt de achtergrond van het denken van de Nederlandse Burkianen. Andreas Kinneging verdedigt in zijn Geografie van Goed en Kwaad in het voetspoor van Leo Strauss het klassieke natuurrechtdenken. Anne Norton: “Nature speaks to the Straussians in the dulcet accents of mid-twentieth-century popular culture. Nature says that marriage ( and what could nature know of marriage?) is between a man and a woman, and sex is for procreation. Nature says that it is natural for men to have authority over woman […]”( Leo Strauss and the politics of American Empire, p. 77) Dit is een goede samenvatting van Kinnegings denken over man, vrouw, en natuur. Kinneging: “Het is niet verboden een ouderwetse opvatting over homoseksualiteit te hebben, integendeel .” “Wat ik constateer is dat de meeste vrouwen met kinderen handiger en liever en veiliger zijn dan de meeste mannen […]”
Kinneging over het huwelijk: “Het huwelijk is hiërarchisch: de man is het hoofd van het gezin.[…] ” en “Mannelijke ontrouw vormt dus in een aantal opzichten geen grote bedreiging voor het huwelijk en het gezin.” Norton: “Marriage and manliness are two of the natural things dearest to the most political Straussians, two of the things most often given as natural, yet two congeries of practice most governed by convention. For the Straussians marriage is a natural institution.” (p. 82)

 

Leo Strauss (1)

17 comments

Ruud Zweistra schreef gisteren in een reactie aan mij: “Schrijf eens een blog over Leo Strauss. Ik heb er eens over gehoord tijdens een serie van de BBC, iets over moderne politieke ontwikkelingen. Als ik het goed herinner was hij ook een sterke inspiratiebron voor types als Perle, Wolfowitz, Cheney en Bush. Die Strauss is actueler dan Carl Schmitt.”
Dus:
Kees Schuyt zei terecht in zijn Leidse Cleveringa-oratie van vorige week, dat er nauw verband is tussen de ideeën van Carl Schmitt en die van Leo Strauss: “De conservatieven Wilders en Spruyt keerden zich, in navolging van Fortuyn, tegen artikel 1 van de Grondwet, het artikel dat de juridische bescherming van minderheidsgroepen vastlegt. In het kielzog van de ex-directeur van de Burke Stichting kan men spreken van een dubbele terugkeer van de rechtsgeleerde Carl Schmitt, die eerst via Leo Strauss en diens leerlingen grote invloed
heeft gehad op de neoconservatieve revolutie in de Verenigde Staten en wiens
denken en invloed van daaruit weer over de oceaan is teruggekeerd naar Europa en naar ons land.”

Bart Jan Spruyt is een grote aanhanger van de Amerikaanse neoconservatieve filosoof Leo Strauss. In Lof van het conservatisme, in meerdere recente artikelen en in zijn essay Marianne en Mohammed met de fasces. De noodzaak van een aangescherpte handhaving van onsobere ordening (In: Ongewenste goden p. 267 ff.) haalt hij verschillende schriften van Strauss instemmend aan. Wilders en Spruyt halen Strauss ook aan in hun filosofisch programma Een Nieuw-realistische visie ( te lezen op de Wilders-site).
Ook de Leidse Burkiaan en Schmitt-fan Jerker Spits is een aanhanger van Strauss( Trouw L&G, 25-6-2005)

Yoram Stein schrijft in Trouw, dat Amerikaanse de neocons zich niet langer beroepen op Edmund Burke als voornaamste inspiratiebron van het conservatisme, maar op het natuurrecht van Plato. “Waar Burke, in zijn poging om het gedachtegoed van de Franse Revolutie een halt toe te roepen, de standaard voor goed en kwaad in de historische traditie zocht, pleitte Plato juist voor een eeuwige standaard, die los staat van alles wat op het historische toneel zoal verandert. Die standaard is het natuurrecht. Wat de natuur ons eeuwig en altijd leert, is dat de mens het goede leven alleen kan bereiken als de maatschappij hem helpt om bepaalde deugden te ontwikkelen (zoals zelfbeheersing en wilskracht). Aan deze wending van Burke naar Plato is de naam van de filosoof Leo Strauss verbonden.
Op binnenlands gebied heeft de regering-Bush van Strauss de gedachte overgenomen dat het ontwikkelen van klassieke deugden, zoals verantwoordelijkheidsgevoel, zelfbeperking en doorzettingsvermogen, essentieel is voor het goed functioneren van de samenleving.
Straussiaans aan de buitenlandse politiek van Bush is de opvatting dat politiek behoort te gaan om het verdedigen van goede politieke regimes en om het bestrijden van kwaadaardige regimes. ”(Trouw,7-6-2003)
De filosofie van Leo Strauss vormt ook de achtergrond van het denken van de Nederlandse Burkianen. Andreas Kinneging verdedigt in zijn Geografie van Goed en Kwaad in het voetspoor van Leo Strauss het klassieke natuurrechtdenken (Geografie van Goed en Kwaad, p.460.)

Wordt vervolgd…

De Leidse Cleveringa-oratie van Kees Schuyt: Democratische deugden

14 comments

Op maandag 27 november sprak prof.dr. Kees Schuyt de Cleveringa-rede uit aan de Universiteit Leiden, met de titel Democratische deugden.

Ik ben heel erg blij met deze rede die zeer veel gemeen heeft met mijn kritisch onderzoek over de Burke Stichting. Dit is geen toeval. Mijn onderzoek over de Leidse Burke Stichting en het intellectueel rechtspopulisme is sterk geïnspireerd door Schuyt, die zich op 1 juli 2005 in de Leidse Pieterskerk tegen een simpele veroordeling van de jaren ’60 door Leidse hoogleraren keerde. Hij eindigde toen met de woorden:
“Telkens opnieuw verzet aantekenen
Nieuwe rebelse tijden ontketenen!”

In zijn Leidse Cleveringa-oratie Democratische deugden keert zich Kees Schuyt tegen het vijand-denken van de Burke Stichting en de neoconservatieven. Mijn onderzoek ligt in het verlengde van hetgeen Kees Schuyt in de Pieterskerk en in zijn Leidse oratie zei, en hetgeen hij schreef in zijn columns en boeken zoals zijn recent verscheen Steunberen van de samenleving (2006).

Kees Schuyt gaat in zijn Leidse Cleveringa–oratie ook uitgebreid in op Bart Jan Spruyt, het neoconservatisme en Carl Schmitt ( vgl mijn eerdere blog over Schmitt en mijn onderzoek) . Over de nazi Schmitt, die het denken van sommigen Burkianen sterk heeft beïnvloed, schrijft hij: “Het vriend-vijanddenken werd tot het uiterste aangescherpt door de nationaal-socialistische rechtsgeleerde Carl Schmitt die in1932 de legale machtsovername juridisch voorbereidde en legitimeerde […] . Scherpe tegenstellingen vormen het wezen van de politiek, beweerde Schmitt, en de vijand die een existentiële bedreiging van het eigen ik vormde moest met alle geweld bestreden worden. De theoretische vijand in zijn rechtsleer was de eeuwige vijand uit Hitlers Mein Kampf.” (p. 16)

Andere belangrijke citaten uit Schuyts rede:
“Groepstegenstellingen kunnen worden gecreëerd, aangewakkerd, gemanipuleerd en uitgebuit, zoals de geschiedenis talloze malen heeft laten zien”. (p.14)
“Polarisatie staat tegenover pluralisme en het verdragen van complexiteit. ‘De complexe, gelaagde, naar alle kanten pluralistisch bepaalde problemen van de werkelijkheid verlangen dikwijls gelaagde en complexe oplossingen die conflictspanningen voorlopig verdragen, gecompliceerde kwesties openhouden en verschillende alternatieven beproeven’[Hacker] . Vereenvoudigingen […] leiden tot monocausale verklaringen, die gaan werken als zichzelf waarmakende voorspellingen.” ( p.33)
“Het kwaad komt in een sociaal gewaad; als aanvulling op de sterk moraalfilosofische analyse dient een sociologische en sociaal-psychologische analysen van de mechanismen die het kwaad conditioneren en/of begeleiden.”
“Het kwaad [komt] bijna nooit als een openlijke ontkenning van de morele wet, maar wordt het als iets goeds voorgesteld, als een gerechtvaardigde onderneming met eigen idealen en principes, waar velen achter kunnen staan en ook achteraan willen lopen.” (p.11)

Meest recente berichten